Complementariteit
Inhoud Inhoud
15 Beeld van God, de onzichtbare, is hij,
eerstgeborene van heel de schepping:
16 in hem is alles geschapen,
alles in de hemel en alles op aarde,
het zichtbare en het onzichtbare,
vorsten en heersers, machten en krachten,
alles is door hem en voor hem geschapen.
17 Hij bestaat vóór alles en alles bestaat in hem.
Dank God dat we nu leven,
Het kwaad komt overal op ons af
En zal ons niet verlaten voordat we
De grootste stap van de ziel nemen
Die de mens ooit nam.
De natuurwetenschappers beperken zich niet langer tot de materie maar publiceren steeds vaker over geest en God. Fysici die werken met het onzekerheidsprincipe van Heisenberg en de chaostheorie van Prigogine attenderen de wereld erop dat, net als indertijd Copernicus en Darwin, de gangbare opvattingen over de relatie God-mens- natuur niet meer stroken met de nieuwe natuurinzichten. Er dringt zich een nieuw beeld op, dat van een organistisch zelfscheppende natuur met een intrinsieke eigen vrijheid waar de mens geen invloed op kan hebben. Het 'twee werelden model' van geestelijke levensbeschouwing en materiële natuur ondergaat een soort copernicaanse revolutie (p. 12).
4. Ruimte en Tijd (Materiesymmetrie, Ruimte, Materie en Tijd)
rudolfhendriques Pythagoras en de fout van Einstein..
Tijd en ruimte zijn gelijk aan elkaar, en als je nog een stapje verder zou durven te gaan zou je zelfs kunnen zeggen dat tijd en ruimte eigenlijk dezelfde zijn.
Om mijn ideeën over tijd en ruimte beter te begrijpen vindt u in mijn weblog voldoende teksten hierover. Graag lich ik e.a. nader toe, zodoende zal ook deze tekst weer een stukje duidelijker moeten maken waarom Einstein de verkeerde kant op zat te kijken.
rudolfhendriques Voorbij het einde van tijd en ruimte.., Lichtsnelheid, het nulpunt van de ruimte en tijd,
Hoewel de natuurkunde er nog altijd vanuit gaat dat de lichtsnelheid de hoogste snelheid in het universum is vermoed ik juist het tegenovergestelde. Mijn inziens is de snelheid van het licht het absolute nulpunt van tijd en beweging. Licht lijkt te bewegen maar is eigenlijk een spoor wat achterblijft in de ruimte/tijd. Voordat ik met de wetenschappelijke bewijzen kom ( dat betekend middels wiskunde en een test waarmee ik mijn gelijk zou kunnen aantonen), zal ik eerst trachten te verklaren hoe wij onze omgeving waarnemen..
Het hele concept van waarnemen berust altijd op 2 gegevens.
1) Het tijdstip van de waarneming.
2) De plaats van de waarneming.
rudolfhendriques De fomule van tijdsdilatie, handig voor boekhouders?
Hetgeen wat ik echter duidelijk probeer te maken is dat de theorie ondersteboven wordt gehouden, de lichtsnelheid is het absolute nulpunt van tijd en ruimte, en wij reizen met 300.000km/sec door de tijd. Je zou ook kunnen zeggen dat wij met 1sec / 300.000km door de tijd reizen. Het heden is de grens van het universum, weten we meteen waar die zit en hoeven we daar niet verder naar te zoeken.
René Meijer boek De Ether Bestaat (p. 20, 21):
De einsteiniaanse misvatting lijkt, met het serieus nemen van de kritiek, te bestaan uit het verwarren van snelheid met verandering. Snelheid is niet een absolute waarde, zoals de heilige
drie basiselementen van de natuurkunde, te weten ruimte, tijd en materie dat wel zijn. Met de tijdruimte die de materie toont, zijn het die drie elementen die als de natuurkundige
heilige drie-eenheid van God elkaar definiëren en niet tot iets anders te herleiden zijn. Bij de filosoof D. Hume (1711 - 1776) in Het Menselijk Inzicht, heten ze uitgebreidheid, massa en beweging en bij Vyâsadeva, akas'a, prakriti en kâla. Ze vormen elkaars voorwaarde in de schepping, de een is niet denkbaar zonder de ander.
De tijd is het leven, de beweging van de materie in de ruimte. De ruimte is de tijdsafstand, het fenomeen van de zwaartekracht, tussen materiële voorwerpen. De materie is het electromagnetische effect van de werking van de tijd op de potentie van de uitdijende ruimte, de tijd die bij de wet van reactie van lineair cyclisch werd en zo in tegenstelling de zwaartekracht, de oerpotentie dus, omvormde tot materie (zij het niet geheel, blijkens het niet kunnen vinden van de z.g. onzichtbare 'donkere materie', die volgens 5.20: 38 in de Bhâgavata Purâna drie kwart van de schepping beslaat). De hele schepping is een permutatie van de begrippen tijd, ruimte en materie.
Het rapport 'E i V' laat zien dat het wiel, de unificatietheorie van Eenheid in Verscheidenheid al is uitgevonden. In principe draait het om één medaille met twee kanten. De mystieke weg (Krishna, Laozi, Pythagoras, Plato, Jezus, Boeddha, Mohammed, Ramon Lull, Blaise Pascal, Bahá'u'lláh, Hazrat Inayat Khan, Blavatsky, Sri Aurobindo, Carl Jung, Teilhard de Chardin, Maslow) berust op ervaringen uit het verleden. Voor acceptatie van de nieuwe unificatietheorie dient aan één voorwaarde te worden voldaan namelijk dat de wetenschappelijke wereld akkoord gaat dat er maar een natuurlijke tijd bestaat, de eeuwige duur, het nu. De theorie kan dan een houvast bieden voor de toekomst.
Blavatsky, De Geheime Leer Deel II, hoofdstuk 25 De mysteriën van het zevental (p. 697):
‘Ruimte en tijd zijn één. Ruimte en tijd zijn naamloos, want ze zijn het onkenbare DAT, wat alleen kan worden gevoeld door middel van zijn zeven stralen – die de zeven scheppingen, de zeven werelden, de zeven wetten zijn’, enz. . . .
724: Dat (Dit), de ongeopenbaarde oorzaak van geest en stof, het Ene Leven de grondslag van alles.
Voor acceptatie van de nieuwe unificatietheorie dient aan één voorwaarde te worden voldaan namelijk dat de wetenschappelijke wereld akkoord gaat dat er maar een natuurlijke tijd bestaat, de eeuwige duur, het nu, het durée van Henri Bergson. De theorie kan dan een houvast bieden voor de toekomst.
Ruimte en Tijd volgens Kant
Kant stelt dat waarnemingen in ruimte en tijd geordend zijn. Ruimte is het formele a-priori van onze uitwendige aanschouwing van de werkelijkheid. Ruimte als transcendentale conditie maakt de representaties van verschillende entiteiten mogelijk op hetzelfde ogenblik. Tijd is een formele a-priori voorwaarde van onze innerlijke voorstelling van de werkelijkheid. Tijd maakt als transcendentale conditie het mogelijk verscheidene bestaande entiteiten te representeren op dezelfde plaats. Tijd en ruimte maken pluriforme waarnemingen mogelijk. Blinden die na enige tijd weer het vermogen tot kijken hebben, ondervinden grote moeite om van de lichtvlekken die op hun netvlies vallen, een ruimtelijk wereldbeeld te maken. Ondanks het feit dat tijd en ruimte aan hun waarnemingen voorafgaan, zien we in het voorbeeld dat waarnemingen duidelijk veranderlijk/verschillend kunnen zijn.
Bergson (p. 100), Duur en Tijd (Rechter - en Linker hersenhelft) Het eigenlijke denkproces in de hersenen, bijvoorbeeld het verwerken van indrukken die door zintuigen aangeleverd worden, is een elektrochemisch proces. Aan het einde van de zenuwcellen registreren de synapsen (te vergelijken met een zend- en ontvangststation) elektronische spanning in de cellen zelf en de cellen ernaast. Als deze spanning verandert, doordat er een impuls door een zintuig wordt aangeleverd, sturen de neurotransmitters via de synapsen chemische stoffen. Deze stoffen zorgen ervoor dat bij de onderling verbonden cellen van het hersennetwerk andere chemische stoffen in kunnen stromen, die de elektrische spanning veranderen. Op deze manier vindt er gedachtenoverdracht plaats. De synapsen zorgen voor de contacten, de communicatie tussen neuronen.
Het verschil tussen het nu en de eeuwigheid is de tijd, die maakt van het laatste het eerste. In zijn Timaios noemt Plato de tijd “een bewegend beeld van de eeuwigheid” (p. 96).
Duur geeft de spiegelsymmetrie en tijd de complementariteit van de duur weer (p. 100).
De neurofysiologie (of zenuwfysiologie) onderzoekt de werking en functies van het zenuwstelsel. Het zenuwstelsel bestaat uit twee soorten neuronen: neuronen die activeren en neuronen die informatie verzamelen. Deze twee werken nauw samen.
Wellicht vormt de 6e Chakra de sleutel voor het tijdsbesef, van het reflexieve bewustzijn. De
hypothalamus, het centrale regelcentrum voor het autonoom zenuwstelsel maakt gebruik van twee complementaire zenuwstelsels. Het sympathische en het parasympathische zenuwstelsel, die een regulerende, reflexieve werking hebben.
De ruimte heeft 3 dimensies, tijd is de 4e dimensie, maar ‘Ruimte en Tijd’ is de 5e dimensie.
Blavatsky Deel II, hoofdstuk 25 De mysteriën van het zevental (p. 697):
‘Ruimte en Tijd' zijn één. Ruimte en tijd zijn naamloos, want ze zijn het onkenbare DAT, wat alleen kan worden gevoeld door middel van zijn zeven stralen – die de zeven scheppingen, de zeven werelden, de zeven wetten zijn’, enz. . . .
De in de bijlage ‘Nu, Verleden en Toekomst’ gerubriceerde publicaties laten zien dat het definiëren van het verschijnsel tijd nog niet zo eenvoudig ligt. Waandenkbeelden blijven bestaan zolang de domeinen Geest en Lichaam, geesteswetenschappen en de natuurwetenschappen los van elkaar blijven functioneren. Voor wat betreft ruimte en tijd kan er maar een waarheid zijn, die voor beide domeinen geldt. Het is wenselijk dat de discrepantie die er over de begrippen ruimte en tijd is ontstaan wordt opgeheven. Er treedt een paradigmawisseling van Thomas Kuhn, een revolutie in het wetenschappelijke denken op, wanneer de grens die tussen beide domeinen is ontstaan wordt doorbroken.
4.1 Evolutionaire kringloop en Bewustzijnsevolutie (Éne werkelijkheid, Theïst en Atheïst)
Het ‘of-of’ bestaat bij gratie van het 'en-en', dualisme bij gratie van het non-dualisme. Schepping en bewustzijnsevolutie staan niet los van elkaar, maar vullen elkaar aan.
Het concept van de ENE WERKELIJKHEID (de ‘Werkelijkheid’ met hoofdletter W), bestaat echt. Het atheïsme bestaat bij gratie van het theïsme.
De Geheime Leer Deel I, Stanza 5 Fohat: kind van zevenvoudige hiërarchieën (p. 149):
(a) Dit trekken van ‘spiraallijnen’ heeft betrekking op de evolutie van zowel de beginselen van de mens als die van de Natuur. Deze evolutie heeft geleidelijk plaats (zoals men zal zien in Deel II over ‘De oorsprong van de menselijke rassen’), evenals al het andere in de natuur. Hoewel volgens onze opvattingen het zesde beginsel in de mens (buddhi, de goddelijke ziel) alleen maar een adem is, is het toch iets stoffelijks vergeleken met de goddelijke ‘geest’ (atma), waarvan het de drager of het voertuig is. Fohat in zijn hoedanigheid van GODDELIJKE LIEFDE (Eros), het elektrische vermogen tot verwantschap en sympathie, wordt allegorisch weergegeven terwijl hij tracht de zuivere geest, de straal die onscheidbaar is van het ENE absolute, te verenigen met de ziel. Deze twee vormen in de mens de MONADE en in de Natuur de eerste schakel tussen het altijd onvoorwaardelijke en het gemanifesteerde. ‘De eerste is nu de tweede’ (wereld) – van de lipika’s – heeft betrekking op hetzelfde.
In de esoterie en theosofie gaat men er vanuit dat iedere aanduiding, woord of gedachte over het "onnoembare" antropomorfisch denken is. Daarom wordt daar niet over "God" gesproken zoals in de theologie. Men spreekt daar wel over goddelijke wezens, vergelijkbaar zoals bij de Griekse mythologie, maar men beschrijft dan eigenlijk bewust aspecten van de mens zelf. Bijvoorbeeld de god Eros als "de begeerte naar schoonheid" (zie Plato) en niet als antropomorfe godheid.
G. Barborka stelt in zijn boek Het goddelijke plan menswording en evolutie op p. 610 EROS = FOHAT. De vergelijking van Fohat in de ongeopenbaarde stadia van een Heelal (Pralaya) en Fohat in openbaring (Manvantara) met Eros en Cupido werpt licht op een interessant punt in de Griekse mythologie. Cupido was werkelijk de stralende, gevleugelde god van de liefde in het oude Rome en voor die tijd werd hij in Griekenland op dezelfde wijze bezien onder de naam Eros, die altijd in het gezelschap van zijn moeder Venus (Aphrodite), de godin van de liefde, verkeerde.
Het bewustwordingsproces bestaat uit de uitwisseling tussen het vrouwelijk en het mannelijk, tussen 'Chaos, Gaia en Eros' en het 'Goede, Ware en Schone', tussen materie en geest, tussen lagere en hogere Triade, tussen chaos en harmonie, tussen navel (Epithumia) en hart (Thumos), tussen begin en het einde, tussen Alpha en Omega.
Het 'Goede en Ware' zijn net als 'Chaos en Gaia' complementair. De Goddelijke liefde (het Schone), Eros (thumos) zorgt voor het verbinden terwijl daarentegen de keerzijde van Eros (Epithumia) voor het scheiden zorgdraagt. De positieve betekenis van Eros is in de mens de wil van het genie om grootse schilderijen, grootse muziek, dingen die zullen leven en het ras dienen, te scheppen (Blavatsky, Deel III, p. 648). De negatieve betekenis van Eros staat voor wellust, driftleven, epithumia. Voor Jung betekent eros de religieuze drift, voor Freud de seksuele drift. Alles heeft zijn tegenstelling, begeerte inbegrepen.
4.2 Symmetrie en Gebroken symmetrie ('Nature en Nurture')
In essentie behandelt het rapport ‘E i V’ het mechanisme ‘en-en’/‘of-of’ (‘God en Darwin’/’God of Darwin’, ’Eenheid’/‘Gebroken symmetrie’, 'Emergentie'/'Decompositie' ('Emergence'/'Quantum decoherence'), ‘Monade’/’Duade’), de twee kanten van een medaille. Het is de ziel (psyche) die de twee kanten van een medaille met elkaar verbindt. Voor 'God en Darwin' kan ook gelezen worden 'Geloof en Rede'. Zowel Mozes Maimonides (1135 – 1204) als Raymond Lull (1232 – 1315) zijn wetenschappers, die zich al intensief hebben toegelegd op het schijnbaar onoplosbare conflict tussen geloof en wetenschappelijke kennis. Mozes Maimonides (BRES nr. 268 juni/juli 2011) in zijn boek Gids der verdoolden en Raymond Lull in zijn hoofdwerk Ars Generale Ultima.
In het rapport ‘E i V’ staat niet de discussie ‘Geest of Stof’, 'Aristoteles of Descartes', what’ s in a name centraal, maar de wederkerigheid (reciprociteit) tussen beide, het 'en-en'/'of-of' mechanisme, de kwintessens. De ether definitie van Jan Börger representeert de basisbouwsteen, ’Complementariteit en Gebroken symmetrie’ (asymmetry), de 'positieve- en negatieve as' van het kernkwadrant van Daniel Ofman.
Martijn van Calmthout De mythe van de gebroken werkelijkheid
Volgens Mandelbrot hangt de lengte van een kustlijn af van de lengte van de gebruikte meetlat. Vanuit een satelliet lijkt de kust een gladde curve waarvan de lengte snel is vastgesteld. Maar eenmaal op de grond blijken er opeens inhammen en landtongen, die de kustlijn wat langer maken. In de inhammen liggen bovendien rotsen, tussen de rotsen kiezels, de kiezels hebben uitstulpingen, waarop weer zandkorrels zitten, enzovoorts. En steeds valt de schatting hoger uit omdat bij elke vergroting de kustlijn weer even grillig blijkt als bij de vorige. En langer. Alleen bij een keurige gladde cirkel of een vierkant, objecten met twee dimensies, zou de schatting precies op één waarde uitkomen. Dat dat kennelijk bij een kustlijn niet gebeurt, kon volgens Mandelbrot maar één ding betekenen: de kustlijn heeft een gebroken dimensie, ergens tussen 1 en 2 in. In zijn boek The Fractal Geometry of Nature uit 1982 (Uitgeverij W.H. Freeman) beschreef Mandelbrot voor het eerst samenhangend hoe die dimensie wiskundig moet worden berekend.
In het universum is de gebroken symmetrie een gegeven. De mensheid wordt daardoor op aarde uitgedaagd voor zijn survival slimme 'en-en', interdisciplinaire oplossingen te bedenken.
De levensstrategie survival of the fittest heeft op de menselijke natuur, dat wat alle menselijke wezens met elkaar gemeen hebben, 'goed en kwaad', de grondbeginselen van de ethiek die nooit veranderen betrekking. Het eindige universum staat tegenover de oneindige bewustzijnsevolutie ('individueel en collectief') van En-soph. Het zijn de ééndimensionale denkers die menen dat zij de wijsheid in pacht hebben. Er is sprake van een oud patroon, dat steeds weer terugkeert, alleen veranderen de acteurs in de loop van de tijd.
Bevruchting is het proces van de samensmelting van twee haploïde gameten, zoals een zaadcel en een eicel, dat leidt tot de vorming van een diploïde zygote en eventueel uiteindelijk de ontwikkeling van een embryo. Hoe dit verloopt wordt onderzocht in de studie van de levenscyclus.
Het complementariteitsprincipe komt in de wisselwerking, tussen de ’Invoer en Uitvoer’ en ‘Verwerking en Feedback’ naar voren.
4.3 Macrokosmos en Microkosmos ('Alfa en Omega')
H.P. Blavatsky beschrijft Kosmos en mens, respectievelijk de macrokosmos en microkosmos in de Delen I en II van De Geheime Leer.
Het onkenbare 1e beginsel, de wisselwerking tussen DAT en DIT, de blauwdruk gaat het menselijke begripsvermogen te boven.
Het brengt de relatie tussen hemel en aarde, het ontstaan van Kosmos en Mens, Energie en Materie (energie en materie) tot uitdrukking.
Het kompaskwadrant is een model dat gebruikt wordt om van boven naar beneden de scheppingsleer en van beneden naar boven de bewustzijnsevolutie te verklaren. Het brengt de universele quintessens, het 'Reflexief Bewustzijn' tot uitdrukking.
De hoofdstukken 1 t/m 4 geven Ruimte en Tijd, het ruimte-tijd continuüm van de scheppingsleer weer.
De hoofdstukken 5 t/m 8 tonen hoe de evolutie, de ommekeer kan worden bereikt.
Het kompaskwadrant wordt gebruikt om de kwintessens, de samenhang tussen 4 elementen, de 5e Dimensie weer te geven. Op basis van de in het universum aanwezige supersymmetrie wordt geconcludeerd dat het concept van de Snaartheorie het spiegelbeeld van de Levensboom is.
4.4 Golven en Deeltjes (Kwantumverstrengeling, 'Levensatoom en Atoom')
Voor de complementariteit van Bohr wordt nu het begrip dualiteit van 'Golven en Deeltjes' gebruikt.
Fotonen (φοτος, photos=licht) ("lichtdeeltjes") zijn een verschijningsvorm van elektromagnetische straling. Afhankelijk van de gebruikte meetopstelling zal straling (een vorm van energie) zich voordoen als golven of als een stroom van massaloze deeltjes, de fotonen. Een foton is een voorbeeld van een kwantum. Een foton is de kleinst mogelijke eenheid van licht.
Corresponding to most kinds of particles, there is an associated antiparticle with the same mass and opposite electric charge.
Als onbekend is waar een deeltje zich bevindt, is het volgens de natuurkunde 'in superpositie'. Dit betekent dat er een soort 'wolk' van mogelijke plaatsen van aanwezigheid rond het deeltje hangt.
Joseph John Thomson ontdekt in 1897 de ware drager van elektriciteit: het elektron.
Atomen bestaan volgens Rutherfords atoommodel uit een positief geladen atoomkern, waaromheen evenveel negatief geladen elektronen draaien als er positief geladen protonen zijn in de kern.
Een positron (ook: positon) is het antideeltje van het elektron (foton + proton = elektron + positron + proton).
Het atoommodel kan als symbool worden gebruikt om te illustreren hoe de energiebron (kwantumverstrengeling) kan worden bereikt. In het atoommodel van Bohr houden de elektronen van een atoom zich op in zeven schillen rondom de kern (Periodiek systeem/Elektronenconfiguratie), die een verschillend energieniveau hebben. Negatief geladen elektronen houden de positief geladen protonen in evenwicht.
Wanneer chemische elementen gerangschikt worden volgens hun atoommassa openbaart zich een periodiciteit in de eigenschappen (In werkelijkheid gaat het niet zo zeer om de atoommassa maar om het atoomnummer, maar de atoomnummers waren in de tijd van Mendelejev nog niet bekend. Voor de ordening maakt dat echter weinig verschil).
Leven vanuit je hart, het centrum van bewustzijn betekent ont-wikkelen, de lagen van de conditionering weer verwijderen. Met het slinken van je ego verruimt je bewustzijn tot een ervaren van het sublieme. De creatieve energiestroom (verbeeldingskracht, ideatie, imagination) komt op gang. De slang die zichzelf in de staart bijt staat symbool voor het cyclische proces van ontwikkeling, waarbij steeds een oude huid wordt afgeworpen wanneer van binnenuit een nieuwe is gevormd. Dit proces kan met het ontwikkelen van kennis en ont-wikkelen (loslaten van conditioneringen) worden vergeleken.
Het verschijnsel symmetriebreking (spiegelsymmetrie en complementariteit) wordt overal in de natuur aangetroffen. Om de geheimen in de natuur af te leiden uit de kennis van de relaties in de symmetrieën staat bekend als de gauge theory (ijktheorie).
In de deeltjesfysica is een ijkboson een boson dat fungeert als drager van één van de fundamentele natuurkrachten.
De Geheime Leer Deel I Samenvatting (p. 313):
Het is duidelijk dat deze twee passages elkaar tegenspreken en daaruit blijkt (a) dat een aantal generaties van mystici van allerlei soort onder het algemene pseudoniem van Hermes schreven en (b) dat een groot onderscheidingsvermogen nodig is vóór men een Fragment als esoterische lering aanvaardt, alleen omdat het onmiskenbaar oud is. We gaan nu het bovenstaande vergelijken met een soortgelijke aanroeping uit de hindoegeschriften, die ongetwijfeld even oud, zo niet veel ouder is. Hier is het Parasara, de Arische ‘Hermes’, die Maitreya, de Indiase Asclepios, onderwijst en Vishnu als drievoudig wezen aanroept.
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 3 ‘An lumen sit corpus, nec non?’ (p. 531):
Sir Isaac Newton hield zich aan de deeltjestheorie van Pythagoras en was ook geneigd de consequenties ervan te erkennen. Graaf De Maistre had daarom eens de hoop dat Newton uiteindelijk de wetenschap zou terugvoeren naar de erkenning van het feit dat krachten en de hemellichamen werden voortgestuwd en geleid door intelligenties (Soirées, Deel ii). Maar De Maistre had buiten de waard gerekend. De diepste gedachten en denkbeelden van Newton werden verdraaid en van zijn grote wiskundige kennis werd alleen het fysieke omhulsel gebruikt. Als de arme Sir Isaac had voorzien voor welk doel zijn opvolgers en aanhangers zijn ‘zwaartekracht’3 zouden gebruiken, dan zou die vrome en religieuze man zeker rustig zijn appel hebben opgegeten en nooit hebben gerept over de begrippen van de mechanica die met de val ervan zijn verbonden.
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 16 Cyclische evolutie en karma (p. 704):
De cyclussen zijn ook onderworpen aan de gevolgen die door deze activiteit ontstaan. ‘Het ene kosmische atoom wordt zeven atomen op het gebied van de stof, en elk wordt in een energiecentrum omgezet; datzelfde atoom wordt zeven stralen op het gebied van de geest, en de zeven scheppende natuurkrachten, die van de wortel-essentie uitstralen . . . volgen, de ene het rechter-, de andere het linkerpad, gescheiden tot het einde van de kalpa en toch nauw met elkaar verbonden.
Elektronenconfiguratie:
De Geheime Leer Deel II, Stanza 3 Pogingen tot het scheppen van de mens (p. 87):
Want in de heilige sloka’s wordt gezegd:
‘De stralende draad die onvergankelijk is en slechts in nirvana oplost, komt daaruit ongeschonden weer tevoorschijn op de dag waarop de Grote Wet alle dingen tot werkzaamheid terugroept. . . .’
De monaden die in deze lege SCHILLEN incarneerden, bleven even onbewust als toen zij van hun vroegere onvolledige vormen en voertuigen waren gescheiden.
De Geheime Leer Deel II, Stanza 7 VAN HET HALFGODDELIJKE RAS TOT DE EERSTE MENSENRASSEN (p. 196):
Nu staat Kandu hier voor het eerste Ras. Hij is een zoon van de pitri’s en dus zonder denkvermogen, waarop wordt gezinspeeld doordat hij niet in staat is een tijdperk van bijna duizend jaar te onderscheiden van één dag; daardoor blijkt hij zo gemakkelijk misleid en verblind te worden. Wij hebben hier een variant van de allegorie in Genesis, van Adam, geboren als een beeld van stof, waarin de ‘Heer God’ de adem van het leven blaast, maar niet van verstand en onderscheidingsvermogen. Die worden pas ontwikkeld nadat hij had geproefd van de vrucht van de Boom van Kennis; met andere woorden, nadat zijn denkvermogen was begonnen zich te ontwikkelen en manas bij hem was ingeplant, waarvan het aardse aspect van de aarde aards is, hoewel zijn hoogste vermogens het met geest en de goddelijke ziel verbinden.
De Geheime Leer Deel II, Stanza 10 DE GESCHIEDENIS VAN HET VIERDE RAS (p. 260):
De engelen die tot voortbrenging waren vervallen, worden overdrachtelijk als slangen en draken van wijsheid aangeduid. Anderzijds kan men zeggen dat, gezien in het licht van de LOGOS, de christelijke Heiland, evenals Krishna, hetzij als mens of als logos, diegenen van een ‘eeuwige dood’ heeft gered, die geloofden in de geheime leringen, en dat hij, zoals iedere ingewijde, het koninkrijk van de duisternis of de hel heeft overwonnen. Dit in de menselijke, aardse vorm van de ingewijden, en ook omdat de logos Christos is, dat beginsel van onze innerlijke natuur dat zich in ons ontwikkelt tot het geestelijke ego – het hogere zelf – dat is gevormd uit de onverbrekelijke vereniging van buddhi (het zesde) en de geestelijke bloesem van manas, het vijfde beginsel3. ‘De logos is passieve wijsheid in de hemel en bewuste, zelfwerkzame wijsheid op aarde’, wordt ons geleerd. Het is het huwelijk van de ‘hemelse mens’ met de ‘maagd van de wereld’ – de Natuur, zoals beschreven in Pymander; het gevolg hiervan is hun nageslacht – de onsterfelijke mens. In de Openbaring van Johannes wordt dit het huwelijk van het lam met zijn bruid genoemd (xix, 7).
3) Het is niet juist om – zoals sommige theosofen doen – Christus te omschrijven als het zesde beginsel in de mens – buddhi. Dit laatste is in wezen een passief en latent beginsel, het geestelijke voertuig van atman, onafscheidelijk van de gemanifesteerde universele ziel. Slechts in vereniging en in verbinding met zelfbewustzijn wordt buddhi het hogere zelf en de goddelijke ziel, die onderscheidingsvermogen bezit. Christos is, als het al iets is, het zevende beginsel.
De Geheime Leer Deel II, hoofdstuk 24 Het kruis en het Pythagorische tiental (p. 713):
Wanneer men de scheikundige elementen volgens hun atoomgewicht in groepen rangschikt, zal men ontdekken dat ze een reeks vormen van groepen van zeven; het eerste, tweede, enz., lid van elke groep vertoont in al zijn eigenschappen een sterke analogie met het overeenkomstige lid van de volgende groep.
Wat betreft het factorgetal (factorelement) zeven draait het in het rapport 'E i V' niet alleen om de atoommassa, maar ook om de zeven (hoofd)elektronenschillen (Periodiek systeem/Elektronenconfiguratie).
Golven bleken niet slechts deeltjes te zijn, maar deeltjes ook golven! Het verschijnsel ’Golven en Deeltjes’ geeft een wetenschappelijke basis aan het boek Zonder grenzen van Ken Wilber. Het rapport 'E i V' toont aan dat de wetmatigheden, de vier oorzaken-leer, die Aristoteles onderkende nog steeds actueel zijn. De doeloorzaken zijn zowel ‘beginpunt als eindpunt’, ’alpha en omega’ en hebben op energie, de 'oerbron' (oerstof, akasha, fohat) betrekking.
Het EPR-experiment illusteert een dichotomie. Dichotomieën' en Complementariteit' kunnen niet zonder elkaar. Het brengt de wederkerigheid, het is zoals het is (Antropisch principe), de supersymmetrie in het universum tot uitdrukking. Of met andere woorden het draait om het fenomeen zelfreferentie en zelfreflectie. De Ouroboros is het symbool voor zelfreferentie.
4.5 Entropie en Negentropie
Wim van den Dungen: Hoofdstuk Chaos 3.3. Fractale zelfgelijkvormigheid.
De wiskundige J.Bernoulli (1654 1705) liet op zijn grafsteen in de Kathedraal van Bazel een logaritmische spiraal beitelen met daaronder de tekst 'eadem mutata resurgo' ('niettegenstaande omgevormd zal ik onveranderd heropstaan'). Met grote bewondering had hij deze spiraal bestudeerd, en ze 'spira mirabilis' genoemd. Vooral het feit dat ze op elke schaal identiek blijft sprong velen in het oog (d.i. zelfgelijkvormigheid). Een rotatie van de spiraal met hoek µ doet de nieuwe functie van de initiële enkel slechts een exponentiële schaalfactor verschillen. Het verband tussen deze spiraal, de gulden snede & schoonheid ligt mathematisch voor het grijpen, zoals ook het verband tussen deze groeispiraal en veel levensprocessen (uitgedrukt in een tijdreeks zoals de getallen van Fibonacci).
Spiralen zijn de bouwstenen van het leven. De nucleus van elke levende cel bestaat uit een lange, spiraalachtig opgewonden structuur (DNA) die de code bevat die als bouwplan voor de groei van het organisme dient. Fossielen die 300 miljoen jaar oud zijn vertonen de spiraalvorm. De 'spira mirabilis' karakteriseert een ordelijk, stabiel systeem, gekenmerkt door een negatieve entropie. Het optimum (bereikt door de toename van de afstand van de punten tot het middelpunt) ligt op oneindig, waar de entropie nul is. De buitengewone ordelijkheid van de groeispiraal blijkt uit haar zelfgelijkvormigheid (of autosimilariteit), d.w.z. schaalonafhankelijkheid. De ordeningssleutel (de vergelijking) wordt niet door proportieveranderingen beïnvloed. Net zoals de gravitatiewet of het getal van Feigenbaum is er sprake van een universaliteit die voor wat de groeispiraal betreft geometrisch is.
Zelfgelijkvormigheid, symmetrie op elke schaal, recursie is ook typisch voor fractalen, wat suggereert ze met de ordening van complexiteit en chaos te maken hebben. Want turbulente (monsterachtige) vormen kunnen zelfgelijkvormigheid bevatten en dus ordelijker zijn dan men bij de eerste aanblik zou vermoeden. Fractalen zijn vormen van orde die schaalonafhankelijk zijn. In de natuur komen ze vaak voor (van schelp tot spiraalvormig melkwegstelsel). "Another fractal structure that has been elucidated by smallrange xray and neutron scattering is lignite, or 'brown coal'. Lignite is pervade by microscopic pores with a fractal inner surface. These pores and their surfaces are, of course, what makes 'active' coal active and interesting for air filters and other purifying application."
Negatieve entropie De evolutietheorie van het neo-darwinisme heeft moeite met een belangrijk struikelblok, de Tweede Hoofdwet van de Thermodynamica (de wet van de entropie). Die wet zegt dat er uit chaos geen blijvende en toenemende orde kan voortkomen, zonder een voortdurende en stimulerende invloed. Met andere woorden, als we een grote bak met door elkaar heen dwarrelende atomen nemen en we laten daar het neo-darwinistische denkmodel op los van spontane samenklontering tot grotere structuren en natuurlijke selectie, dan ontstaat er niet de voortdurend toenemende complexiteit en ordening die we in de levende natuur waarnemen. Er zullen wel min of meer ingewikkelde materiestructuren kunnen ontstaan, maar die vallen ook weer even gemakkelijk uit elkaar, na een seconde of na duizend jaar (dit uiteenvallen van orde naar chaos heet entropie). Om op dit soms heftig kronkelende evolutiepad de miljarden jaar durende en steeds toenemende complexiteit en ordening van de levende materie te kunnen bereiken, is er op een of andere manier een voortdurende en gerichte inspanning nodig, de negatieve entropie (kortweg: negentropie). Daarin voorziet de neo-darwinistische visie niet en daarom is deze theorie niet houdbaar, of op z’n minst niet compleet. Er moet nog iets zeer belangrijks bij en dat is een ordenende, niet materiële creativiteit; wat we ook geestelijke creativiteit kunnen noemen. Zonder deze creatieve kracht, zo maakt Teilhard ons duidelijk, is het neo-darwinisme een doodlopend pad.
4.6 Triade + Tetrade (Hemel en Aarde, Pythagoras en Aristoteles)
In de systeemleer staat de ‘4’ voor het terugkoppelingsmechanisme, dat op de invoer, de verwerking en de uitvoer volgt. De hemelse ‘1 2 3’ ontstaat wanneer de aardse ‘4’, het terugkoppelingsmechanisme stabiliteit creëert. Een tipje van de sluier wordt opgelicht. De driehoek van Pythagoras is nog steeds actueel. De contouren van het ultieme ordeningsprincipe zijn al millennia bekend (hoofdstuk 2.2.1). Tegenover het gemanifesteerde universum, de Tetrade staat de verborgen, ongemanifesteerde zijde, de Triade.
| Hermeneutische Cirkel | Oude Testament: | Nieuwe Testament: | |||
| Intuïtie | Denken | Geest | |||
| 1. Holos, Anagogisch ---- | 3. Logos, Letterlijk | Wijze >>>> | Goddeloze | God ---- | Heilige geest |
| | | | | | | | | | | | |
| 4. Mythos, Allegorisch ---- | 2. Theos, Moreel | Dwaas <<<< | Rechtvaardige | Satan ---- | Zoon |
| Voelen | Gewaarworden | Lichaam |
4.7 Oost en West
Paul Scheffer, Het land van aankomst, Volkskrant 15 oktober 2007:
De arabist Hans Jansen stelt dat Paul Scheffer de discussie met de islam niet aangaat. Wellicht ontbreekt die gedachtenuitwisseling met mainstream moslims omdat Scheffer nergens in de literatuur die hij heeft doorgewerkt islamitische, gezaghebbende schrijvers heeft kunnen vinden die iets vriendelijks te zeggen hadden over democratie, over mensenrechten, over wetenschap, kortom over onze wereld.
Er is maar een conclusie mogelijk. Hij heeft ze niet kunnen vinden. Scheffer heeft ze niet gevonden omdat de islam onze leefwijze tot in de details veroordeelt. Natuurlijk willen we dat liever niet weten, maar het is onzin om te denken dat de moslims die in Nederland wonen dat niet heel goed weten.
Op zondag 7 oktober ging Paul Scheffer met Ruud Lubbers in debat. De ‘worldconnector’ Ruud Lubbers ziet de oplossing vooral in een extra inspanning om de muren te slechten.’Afweren kan niet. We moeten de participatie van de allochtonen vergroten. Onze samenleving staat op een beslissend moment.’
4.8 Persoonlijkheid en Individualiteit (Individueel leerproces, Rechter- en Linkerpad)
Om het aardse met het hemelse te verbinden gebruikt de Theosofie het begrip Individualiteit, Carl Jung Individuatie en de filognosie Onpersoonlijkheid. Het gebruik van deze 'synoniemen' biedt een gemeenschappelijke achtergrond waardoor het mogelijk is de authentieke projectie van het Ken uzelve te doorgronden. Al is het wel zo dat door alle drie verschillende 'hulpmiddelen' worden aangereikt.
Het driehoekige diagram van Roberto Assagioli toont dat synthese via het dialectisch, met name het verticale bewustzijn plaats vindt.
Voor een beknopte beschrijving van de begrippen Verticaal - en Horizontaal bewustzijn wordt verwezen naar het boek Nulpunt Revolutie van Benjamin Adamah. P. 113: Dat wat geen buiten kent (+1) en Dat wat geen binnen binnen kent (-1). Ik denk dat Herakleitos het er mee eens zou zijn geweest dat binnen de eenheid der tegendelen-redenering er geen iets is zonder niets en geen niets zonder iets.
Pythagoras verklaarde in de zesde eeuw voor Chr. dat vier het getal van de totaliteit was. Er wordt van uitgegaan dat het volledig symmetrische, magische vierkant voldoet aan het beginsel van de ‘acausale geordendheid’. Net als het magische vierkant drukt de Unus Mundus de perfecte symmetrie uit. In het individuatieproces moeten wij leren de tegenstellingen als eenheid te ervaren.
Het zondebokmechanisme laat zien dat Jezus een verlicht persoon was, die de egospelletjes van de elite door had.
Net als elke organisatie is ook de overheid een afspiegeling van de maatschappij. De dubbele moraal is een andere manier om het spel van de 'dubbele’, de bewust of onbewust verborgen agenda's van zowel links als rechts tot uitdrukking te brengen. Het loopt mis wanneer we andere maatstaven aanleggen voor mensen die iets met ons gemeen hebben dan voor vreemden. Sommige mensen zijn niet meer gelijk dan anderen. De dubbele moraal is bij de overheid eerder regel, dan uitzondering geworden.
Zie ook:
Boeken:
- Daniel Kahneman Thinking Fast And Slow (Ons feilbare denken)
- Gerrit Teule Wat Darwin niet kon weten
- Vyâsadeva Bhagavad Gita
- Vyâsadeva Bhagavad Gita
- Bhagavad Gita
- Bhagavad Gita
- Anand Aadhar Prabhu S'rîmad Bhâgavatam
- Erik Mossel De Bhagavad Gita (recensie)
- C. Keus Bhagavad gita (recensie)
- EDWIN ARNOLD HET LICHT VAN AZIË
- Jacomien Prins en Mariken Teeuwen Harmonisch labyrint De muziek van de kosmos in de westerse wereld
Externe Links
- De Boom van het Leven
- De pelgrim, de elementen en zijn labyrint
- Kathleen Parrish Wandelen in cirkels in de traditie van het Labyrint is spectaculair!
- Michael Laitman Profeten Zijn Degenen, Die Ons Helpen Een Uitgang Te Vinden In Het Labyrint
- Tonny de Bie Het levenspad als labyrinth
- Het levenspad als labyrinth
- Scherp en verantwoord wetenschapsnieuws
- Law of Complexity/Consciousness
- A.S. van der Lugt 3. Het gaat om de ziel - een Christen leest de Bhagavad Gita 3
- Artikel – Mahabharata (Bhagavad Gita)
- Srî Krishna Dvaipâyana Vyâsa
- het pad van devotie (bhakti yoga)
- Yoga
- Bhakti yoga
- Boeddha en Descartes
- Purana
- Thich Nhat Hanh
- Encefalisatie-quotiënt
- Dogmengeschiedenis
- Peter Sloterdijk: Bellen blazen in het westerse bubbelbad
- Giorgio Agamben Spektakelmaatschappij
- Aleksandr Poesjkin
- Trilaterale commissie
- Iconoclasme
Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof
Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 248 keer bekeken.
