| Deze filognostische presentatie is in aanbouw |
8.3.1 Waarden en Normen
Inhoud
Wanneer iemand zou willen regeren en iets tot stand zou willen brengen door handeling, besef ik dat hij niet slagen kan. Het koninkrijk is een geestelijk ding en kan niet door handelen worden verworven. Hij, die het op die wijze zou willen winnen, vernietigt het. Hij, die het in zijn greep zou willen vasthouden, verliest het.
Een geestelijk koninkrijk wordt alleen werkelijk veroverd door vrij te zijn van doelstelling en activiteit. De wijze is niet menslievend of goed, de volledigheid is als water. Water doet goed aan alle wezens en strijdt niet. Het woont op plaatsen door alle mensen veracht. Daarin komt de wijze Tao nabij. Hij leeft graag op lage plaats. Zijn hart mint de diepte. In weldoen mint hij de liefde. In spreken de waarheid, in bestuur de orde, in werken bekwaamheid, in handelen de geschikte tijd. Hij strijdt niet, daardoor treft hem geen blaam.
Friedrich Nietzsche: Zuerst das Nöthige – und dies so schön und vollkommen als du kannst! "Liebe das, was nothwendig ist" – amor fati dies wäre meine Moral, thue ihm alles Gute an und hebe es über seine schreckliche Herkunft hinauf zu dir.
Als eerste het nodige - en dit zo mooi en volmaakt als je kunt! "Heb datgene lief, wat noodzakelijk is" - amor fati dat was mijn moraal, doe hem (het Fatum) al het goede aan en verhef het boven zijn verschrikkelijke herkomst naar jezelf.
Evolutie of Devolutie (Vijf individuele - en collectieve dimensies, Absoluut en Relatief)
De grondrechten in Nederland vormen een neerslag van gedeelde normen en waarden en overstijgt als het ware de verschillen tussen de verschillende maatschappelijke groepen. Het wezen van de grondwet is bedoeld om de continuïteit van de rechtstaat te waarbogen.
Mariet van Zanten-van Hattum, boek Leren omgaan met zingevingsvragen:
Leven staat tegenover dood. Op het punt waar ze elkaar raken, zien we aan de ene kant de gebrokenheid van het bestaan, het lijden en de schuld, en aan de andere kant de heelheid, het overkoepelende, het overstijgende. Op het kruispunt van deze vier gebieden bevinden zich de zingevingsvragen. Bij de vragen die het leven betreffen, kunnen we onderscheid maken tussen het verleden (onze oorsprong), het hier en nu (de samenhang) en de toekomst (het doel waar we ons op richten).
De heelheid van het bestaan kan ervaren worden bij overweldigende gebeurtenissen zoals de eerste kus, de eerste seksuele ervaring, de geboorte van een kind. Het kan gebeuren bij het zien van een schilderij, het horen van muziek of in het contact met de grootsheid van de natuur: het wisselen van de seizoenen, een storm aan zee, onweer, een indrukwekkend bergmassief of een prachtige zonsondergang. Ethiek wordt wel genoemd ‘de systematische bezinning op de moraal.’ We varen niet meer op het oordeel van anderen, maar vormen zelf een oordeel om op die manier te handelen in het belang van mensen.
Onder moraal wordt verstaan: het geheel van waarden en normen op grond waarvan mensen menen goed en verantwoord te handelen of te moeten handelen.
Waarden: Een waarde is dat wat je de moeite waard vindt om na te streven, dus ongeveer zoiets als een ideaal, een doel, dat je voor ogen hebt, dat je wilt bereiken. Morele waarden: wat goed is voor de mens, wat in het belang is van mensen.
Norm: Een richtlijn, een regel. De norm geeft de lijn aan waarlangs, of de grens waarbinnen de waarde nagestreefd kan worden.
Morele vragen, sommige dingen doe je wel, andere niet. Ethiek is gebaseerd op de vragen naar het hoe en waarom van het menselijk handelen, bekeken door de bril van de ‘waarden’ goed en kwaad of juist en onjuist.
De gebieden waar de zingevingsvragen uit voortkomen, kunnen met behulp van kwadranten worden geïllustreerd.
| Mariet van Zanten-van Hattum: | Gabriël van den Brink: | ||
| Heelheid ---- | Leven (geboorte, creativiteit) | Persoonlijke betrokkenheid >>>> | Vrijblijvendheid |
| | | | | | | | |
| Dood ---- | Gebrokenheid (dualiteit) | Keurslijf <<<< | Morele strengheid |
Gabriël van den Brink Schets van een beschavingsoffensief (Volkskrant 19 juni 2004):
Gabriël van den Brink houdt een pleidooi voor het ‘versterken’ van codes en gedragsregels.
Het bepalen van normen, dat is in zekere zin een organisch proces. Mensen kijken naar elkaar en als de meerderheid een bepaalde kant uitgaat dan heeft de rest de neiging om hetzelfde te doen.
Van den Brink pleit voor wat hij pre-pressie noem: ingrijpen vóórdat de dingen fout lopen. Het is een combinatie van morele strengheid en persoonlijke betrokkenheid. Het management moet een stap terug doen en persoonlijke betrokkenheid moet weer een plaats krijgen. De mensen die het belangrijke werk doen moeten weer centraal komen te staan, ze moeten de ruimte en het vertrouwen krijgen. Sinds de jaren zestig hebben we ons geweten laten verkommeren, in plaats van dat we het gecultiveerd hebben. Het bovenstaande kernkwadrant toont de combinatie betrokkenheid en strengheid.
Gabriël van den Brink, ‘Moderniteit als opgave – Een antwoord aan conservatisme en relativisme’, Volkskrant 7 september 2007): Een cyclisch tijdsbesef maakt plaats voor een lineair tijdsbesef. De toekomst komt tot leven.
De jaren nul (2000-2009) Het normen en waardendebat
Blijven steken in goedbedoelde hartekreten (Volkskrant 30 december 2009)
Waar gaat het precies over?
De cultuursociologen Herman Vuijsjes en Gabriël van den Brink zijn het over één ding roerend eens: in politieke termen hebben we het helemaal nergens over.
Er is geen wervend positief verhaal van gemaakt. Want: hoe moet ik mijn kind dan opvoeden? Wat zijn dan die centrale waarden? Wat is dan de zin van het leven?
De overheid heeft te zorgen voor structuren die kunnen sturen in de richting van gewenst gedrag.
De halfbakken politieke reactie was vooral zo teleurstellend omdat de behoefte aan dit thema zo groot was.
Van den Brink ergert zich vooral aan het dedain waarmee de hoofdstedelijke elite steevast reageert op alles wat afwijkt van de grachtengordelmores.
Het alom aanwezige onbehagen komt juist uit het proces van normophoging voort. Omdat de verwachtingen toenemen en de prestaties daarbij achterblijven, groeit het onbehagen.
De eerste vorm van onbehagen vloeit voort uit het ophogen van normen en verwachtingen. Voor het streven naar verbetering dat modernisering eigen is, betaalt men de prijs van steeds meer ontevredenheid.
In de visie van Van den Brink kent de moderniteit duidelijke winnaars en verliezers. De winnaars zijn de mensen die een goede opleiding hebben en van huis uit de juiste waarden hebben meegekregen. De verliezers zijn de laaggeschoolden die van thuis geen waarden hebben meegekregen die helpen in het sociale verkeer.
Zijn pleidooi voor een beschavingsoffensief vloeit hieruit logisch voort.
Van den Brink komt met een golventheorie waarbij periode van meer vrijheid altijd volgen op perioden van restauratie.
Francis Fukuyama geeft in zijn boek De grote scheuring het universum van normen in vier kwadranten weer. Het onderzoek naar de vraag hoe orde ontstaat, niet als gevolg van een mandaat dat door een (religieuze of politieke) hiërachische autoriteit van bovenaf is opgelegd, maar als gevolg van de zelforganisatie van losse individuen, is volgens Francis Fukuyama een van de interessanste en belangrijkste ontwikkelingen van onze tijd.
| Francis Fukuyama | Hans de Heer | ||||
| 4. Spontaan ontstaan, ---- | 2. Spontaan ontstaan, | Anamnese | |||
| Irrationeel | Rationeel | Natuurlijke ---- | 'Religie' | 4. Zelfherkenning ---- | 2. Leervermogen |
| | | | | | | | | | | | |
| 1. Hiërarchisch opleggen, ---- | 3. Hiërarchisch opleggen, | 'Politiek' ---- | Zelfregulering | 1. Reproductie ---- | 3. Zelfregulering |
| Rationeel | Irrationeel | Homeostase | Mimese |
Goed en Kwaad (Leraar en leerling, Zesde wijsheidssleutel, Wederkerigheid)
Zalig de armen van geest, want hunner is het Koninkrijk der Hemelen,
Zalig zij die treuren, want zij zullen vertroost worden,
Zalig de zachtmoedigen, want zij zullen de aarde beërven,
Zalig zij die hongeren en dorsten naar gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden.
Zalig de barmhartigen, want hun zal barmhartigheid geschieden,
Zalig de reinen van hart, want zij zullen god zien.
Zalig de vredesstichters, want zij zullen kinderen Gods genoemd worden,
Zalig de vervolgden om der gerechtigheid wil, want hunner is het Koninkrijk der hemelen
Zalig zijt gij, wanneer men u smaadt en vervolgt en liegende allerlei kwaad van u spreekt, om mijnentwil.
Mattheüs 5 vers 1-12
En gij zult uw naaste liefhebben als uzelf (22:34-40).
Mattheüs: Alles nu wat gij wilt, dat u de mensen doen, doet gij hun aldus: want dit is de wet en de profeten (7:7-12).
Matteüs: Waar twee of drie verenigd zijn in mijn naam, ben Ik in hun midden (18,20).
Matteüs: Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt; want met het oordeel, waarmede gij oordeelt, zult gij geoordeeld worden, en met de maat, waarmede gij meet, zal u gemeten worden (7:1).
Matheüs: Zalig zijn de armen van geest want hunner is het Koninkrijk der hemelen (5: 3)
Matteüs 12: 22-50 Wanneer een boom goed is, dan zijn ook zijn vruchten goed. Is een boom daarentegen slecht, dan zijn ook zijn vruchten slecht. Want aan de vruchten herkent men de boom.
Matteüs 5:48 Wees dus volmaakt, zoals jullie hemelse Vader volmaakt is.
De geschiedenis leert dat personen als Socrates en Jezus Christus, die aan de kant van het volk staan, juist het slachtoffer worden van een politieke moord. Als het slecht gaat zoeken de ‘daders’ een ‘zondebok’. Hij kreeg de kruisdood omdat hij niet bereid was zijn ziel te verkopen. Om zelf buiten schot te blijven treedt het zondebokmechanisme in werking. Juist diegenen die niet corrupt zijn worden opgeofferd. De grote leraren, wereldhervormers van de mensheid, zoals Christus, Boeddha, Plato en Confucius, hebben over ethiek eigenlijk hetzelfde gedacht ‘Alle dingen dan die gij wilt dat u de mensen doen, doet gij hun ook alzo; want dat is de Wet van de Profeten’. De onderliggende eenheid achter de verscheidenheid wordt God genoemd.
In het recht wordt onderscheid gemaakt tussen goede trouw en kwade trouw door het wegen van de intentie van een verdachte van een onrechtmatige daad.
Tussen de verkoper en de koper, de vraagzijde en aanbodzijde zit voor beide partijen de stem van het geweten. Uiteindelijk zijn we het allemaal zelf, die de chaos creëren. Welke leraar laten we prevaleren? In plaats van de Goddeloze dwaas de rechtvaardige wijze laten prevaleren.
Fons Trompenaars, auteur van Stierf de Voetganger?, testte leden van verschillende culturen met divers morele dilemma's. Één hiervan was of de bestuurder van een auto zijn vriend zou hebben, een passagier die in de auto berijdt, liggen om de bestuurder tegen de gevolgen te beschermen van te snel het drijven van en het raken van een voetganger. Trompenaars vond dat de verschillende culturen vrij verschillende verwachtingen (van niets aan bijna bepaald) hadden.
De evolutieve biologen beginnen van de veronderstelling dat de ethiek een product van evolutieve krachten is.[nodig citaat] Voor deze mening, worden de zedenwetten uiteindelijk gebaseerd op emotionele instincten en intuïties die voor in het verleden werden geselecteerd omdat zij overleving en reproductie hielpen (inclusieve geschiktheid). De sterkte van moeder band is één voorbeeld. Een andere is Het effect van Westermarck, gezien zoals ondersteunend taboes tegen bloedschande, wat de waarschijnlijkheid van inteeltdepressie vermindert.
Het fenomeen van 'wederkerigheid' (reciprociteit) in aard wordt gezien door evolutieve biologen unidirectioneel beginnen menselijke ethiek te begrijpen. Zijn functie is typisch een betrouwbare levering van essentiële middelen, vooral voor dieren te verzekeren levend in een habitat waar de de voedselhoeveelheid of kwaliteit onvoorspelbaar schommelen.
De boodschap, het nieuwe inzicht van Jezus (historisch-kritisch benaderd) Keer dan ook uw andere wang toe is de keerzijde van het Oog om oog, tand om tand uit het Oude Testament en berust op de Gulden Regel Wat gij niet wilt dat u geschiedt doet dat ook de ander niet (Wederkerigheid).
Herman De Ley Wat is Religie? Een Inleiding.
In zijn synthese-artikel van 1984 komt Peter Fuller tot de conclusie dat de zogenaamde "Christologie" - d.w.z. elk soort van denken over Jesus van Nazareth in termen van de "Christus": Zoon van God, Messias, Godmens, enz. - een late toevoeging was:
Anderzijds kan ook niet langer worden volgehouden dat Jesus een "nieuwe ethiek" aan de wereld zou hebben geschonken. Tussen de 20ste-eeuwse onderzoekers bestaat er integendeel een ruime consensus dat er in zijn ethisch onderricht weinig origineels te vinden was: dat onderricht was volledig doordrongen van de "liberale", farizeïsche traditie (een belangrijk deel ervan vindt men al geanticipeerd in de teksten van Rabbi Hillel, ca 40 jaar vroeger):
Jan Verplaetse Het morele instinct Over de natuurlijke oorsprong van onze moraal, Samenvatting van 'Het morele instinct':
Wat is goed en wat is kwaad? Dit boek is een uitvoerig antwoord op die vraag. Het verklaart moreel en immoreel gedrag als uitdrukkingsvormen van vijf morele systemen. Vier ervan berusten op intuïties of emoties (de hechtingsmoraal, de geweldmoraal, de reinigingsmoraal, de samenwerkingsmoraal) en slechts één is rationeel (de beginselenmoraal). Deze moralen zetten mensen ertoe aan om dingen te doen of te laten, maar op diverse gronden en op verschillende manieren. Gemeenschappelijk aan alle moraal is dat die onze individuele vrijheid begrenst ten gunste van het hogere belang.
Verplaetse vertelt wat we weten over de oorsprong en de ontwikkeling van moraal. Hij laat zien dat moraal veelal berust op biologische, automatische en emotionele processen. Neurowetenschappelijke bevindingen leveren overtuigend bewijs voor de diepe verankering van moraal in het menselijk lichaam. Zo heeft de ontdekking van duidelijk gemaakt dat empathie - volgens Schopenhauer de basis van alle moraal - een neurobiologisch gegeven is.
Dit boek gaat niet over de geest van de ethiek, maar over het vlees van de moraal. Het laat zien wat de mens, waar ook ter wereld en tot welke cultuur hij ook behoort, bezit aan vermogens om met het conflict tussen eigenbelang en hoger belang om te gaan. Het verschuift de focus van culturele diversiteit naar biologische gegevenheden.
Verplaetse pleit ten slotte voor een ethiek die niet alleen rekening houdt met morele beginselen, maar ook met de vier emotiemoralen. De ethiek van de toekomst zal een evenwicht moeten vinden tussen emotie en rede.
Greta Eedle Goed en kwaad
Houd op kwaad te doen, leer om goed te doen. In de een of andere vorm, in verschillende
bewoordingen bij verscheidene gebeurtenissen, is ons allemaal vanaf onze kindertijd dit advies gegeven, eerst omdat ons geleerd werd ons te conformeren aan de tradities en gewoonten
van het gezin en de sociale en godsdienstige groep waarin we werden geboren; later omdat wij
kennismaakten met de wijsheid van de wijzen van de wereld.
75: Onze studies leiden ons tot de overtuiging dat het het absoluut goede een goddelijk principe is waarin het mentale, emotionele en fysieke goed en kwaad uiteindelijk opgenomen zullen worden. Totdat de mensheid echter ver vooruit is gegaan, veel verder dan haar huidige staat van geestelijke onwetendheid, zal zij dit innerlijk rijk van het goede, het ware en het schone niet kunnen binnen gaan.
De drie-eenheid ‘Brahmâ, Vishnu en Shiva’ is de grondslag van alle verschijnselen van 'geboorte, groei naar volwassenheid en neergang' (Kindsheid, Aankomende leeftijd, Volwassenheid en Ouderdom) die overal in de schepping als een kringloop te zien zijn.
De drie guna's zoals beschreven in de Bhagavad Gita 14:5-25 beschrijven drie stadia in de geestelijke ontwikkeling van de mens: tamas, rajas en sattvas. Bij de gnostici waren deze stadia bekend als de hylikoi, zij die aan de zintuigen zijn gehecht; de psychikoi, zij die aan hun denkbeelden zijn gehecht en de pneumatikoi, zij die het geestelijke inzicht hebben verkregen en geheel zichzelf zijn geworden.
De drie goena's behoren tot het gebied van de menselijke geest, niet tot dat van de goddelijke geest Brahmâ, Vishnu en Shiva.
H.P. Blavatsky: Geheime Leer Deel I, Stanza 5 Fohat: kind van zevenvoudige hiërarchieën (p. 154):
Het is niet de ‘heerser’ of ‘maharadja’, die straft of beloont, met of zonder toestemming of bevel ‘van God’, maar de mens zelf – omdat zijn daden of karma individueel en collectief (zoals soms met hele volkeren het geval is) allerlei soort kwaad en rampen aantrekt. Wij maken OORZAKEN, en deze wekken in de siderische wereld de overeenkomstige krachten op. Deze krachten worden magnetisch en onweerstaanbaar aangetrokken tot degenen die deze oorzaken teweegbrachten en werken op hen terug, of dergelijke personen nu inderdaad de boosdoeners zijn, dan wel alleen de denkers die het kwaad hebben uitgebroed. Gedachte is stof17, leert de moderne wetenschap ons; en ‘ieder deeltje van de bestaande stof moet een register zijn van alles wat er is gebeurd’, zoals Jevons en Babbage in hun ‘Principles of Science’ aan de niet ingewijde vertellen.
17) Natuurlijk niet zoals dit wordt opgevat door de (in het Duits publicerende) Nederlandse materialist Moleschott, die ons verzekert dat ‘gedachte de beweging van de stof is’, een ongeëvenaard absurde bewering. Mentale en lichamelijke toestanden staan als zodanig volkomen tegenover elkaar. Maar dat neemt niet weg dat iedere gedachte, behalve de haar begeleidende stoffelijke verandering in de hersenen, ook een objectief aspect vertoont hoewel dit voor ons bovenzinnelijk objectief is – op het astrale gebied. (Zie ‘The Occult World’, blz. 89-90.)
Geheime Leer Deel I, Stanza 6 Vervolg (p. 220/221):
(a) Alleen op gezag van de Toelichtingen wordt gezegd, dat met de kwalificatie de ‘vierde’, de ‘vierde Ronde’ wordt bedoeld. Deze kan evengoed de vierde ‘eeuwigheid’ als de ‘vierde Ronde’, of zelfs de vierde (onze) bol betekenen. Want, zoals herhaaldelijk zal worden aangetoond, is deze de vierde sfeer op het vierde of laagste gebied van het stoffelijke leven. En we zijn nu eenmaal in de vierde Ronde, op het keerpunt waarvan geest en stof tot volmaakt evenwicht moesten komen1. De Toelichting zegt als uitleg van het vers:
‘De heilige jongelingen (de goden) weigerden zich te vermenigvuldigen en soorten te scheppen naar hun gelijkenis, naar hun aard. Het zijn geen geschikte vormen (rupa’s) voor ons. Zij moeten groeien. Zij weigeren de chhaya’s (schaduwen of beelden) van hun minderen in te gaan. Zo heerste er vanaf het begin zelfzucht, zelfs onder de goden, en zij kwamen de karmische lipika’s onder ogen.’
1) In deze periode – tijdens het hoogtepunt van beschaving en kennis, maar ook van verstandelijkheid van de mens van het vierde, Atlantische Ras – vertakte, zoals we zullen zien, de mensheid zich als gevolg van de beslissende crisis van de fysiologisch-geestelijke aanpassing van de rassen, in twee lijnrecht tegenovergestelde paden: het RECHTER en het LINKER pad van kennis of vidya. ‘Zo werden in die dagen de kiemen gelegd van de witte en de zwarte magie. De zaden bleven enige tijd onwerkzaam, om pas te ontkiemen tijdens de eerste periode van het vijfde (ons Ras).’ (Toelichting.)
H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel I Stanza 7 De voorvaderen van de mens op aarde (p. 261):
Filosofisch beschouwd is de mens in zijn uiterlijke vorm eenvoudig een dier, nauwelijks volmaakter dan zijn aapachtige voorvader uit de derde Ronde. Hij is een levend lichaam, geen levend wezen, omdat het besef van bestaan, het ‘ego-sum’, zelfbewustzijn vereist, en een dier kan alleen rechtstreeks bewustzijn of instinct hebben.
263: Als de occultist dus zegt, dat de ‘duivel de schaduwzijde van god is’ (het kwaad, de keerzijde van de medaille), bedoelt hij niet twee afzonderlijke werkelijkheden, maar de twee aspecten of facetten van dezelfde Eenheid.
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 4 Chaos - Theos - Kosmos (p. 375):
De Ouden dachten dat, wanneer de leidende actieve ‘intelligenties’ (de goden) zich terugtrokken uit een bepaald gedeelte van de ether in onze Ruimte – de vier gebieden waarop zij toezicht houden – dit gebied in de macht van het kwade werd gelaten, dat zo werd genoemd omdat het goede daarin ontbrak.
‘Het bestaan van geest in de gemeenschappelijke tussenstof, de ether, wordt door het materialisme ontkend, terwijl de theologie er een persoonlijke god van maakt. Maar de kabbalist is van mening dat beide ongelijk hebben en dat de elementen in de ether slechts stof zijn – de blinde kosmische natuurkrachten terwijl de geest de intelligentie is die ze bestuurt. De Arische, Hermetische, Orfische en Pythagorische kosmogonische leringen, en ook die van Sanchoniathon en Berosus, zijn alle gebaseerd op één onweerlegbare formule, nl. dat de aether en de chaos of, in de taal van Plato, het denkvermogen en de stof, de twee oorspronkelijke en eeuwige beginselen van het heelal waren, volkomen onafhankelijk van al het andere. Het eerstgenoemde was het alles tot leven brengende beginsel van het intellect, terwijl de chaos een vormloos vloeibaar beginsel was, zonder ‘vorm of zin’. Uit de vereniging van deze twee ontstond het heelal, of liever de universele wereld, de eerste androgyne godheid – waarbij de chaotische stof het lichaam werd en de ether de ziel. In de bewoordingen van een Fragment van Hermias: ‘De chaos, die uit deze vereniging met de geest begripsvermogen verkreeg, straalde van blijdschap, en zo werd het protogonos (eerstgeboren) licht voortgebracht’. Dit is de universele drie-eenheid, gebaseerd op de metafysische begrippen van de Ouden die, naar analogie redenerend, van de mens – een samenstel van verstand en stof – de microkosmos van de macrokosmos, of het grote heelal, maakten.’ (Isis Ontsluierd.)
De Geheime Leer Deel I, Hoofdstuk 16 Cyclische evolutie en karma (p. 704):
De cyclussen zijn ook onderworpen aan de gevolgen die door deze activiteit ontstaan. ‘Het ene kosmische atoom wordt zeven atomen op het gebied van de stof, en elk wordt in een energiecentrum omgezet; datzelfde atoom wordt zeven stralen op het gebied van de geest, en de zeven scheppende natuurkrachten, die van de wortel-essentie uitstralen . . . volgen, de ene het rechter-, de andere het linkerpad, gescheiden tot het einde van de kalpa en toch nauw met elkaar verbonden. Wat verenigt ze? KARMA.’ De atomen die uit het centrale punt zijn uitgestraald, emaneren op hun beurt nieuwe energiecentra, die onder de latente adem van fohat hun werk van binnen naar buiten beginnen en zich vermenigvuldigen tot andere kleinere centra. Deze vormen in de loop van de evolutie en de involutie op hun beurt de wortels of de oorzaken van nieuwe gevolgen, van werelden en ‘mensendragende’ bollen tot de geslachten, soorten en klassen van alle zeven rijken (waarvan wij er maar vier kennen). Want ‘de gezegende werkers hebben in de eeuwigheid het Thyan-kam ontvangen’ (‘De aforismen van Tson-ka-pa’).
714: De wegen van karma zouden ook niet ondoorgrondelijk zijn als de mensen gezamenlijk en in harmonie zouden handelen, in plaats van in verdeeldheid en strijd. Eén deel van de mensheid noemt ze de duistere en ingewikkelde wegen van de voorzienigheid, terwijl een ander deel er de werking van een blind noodlot en een derde er alleen maar toeval in ziet, zonder leiding door goden of duivels. Onze onwetendheid over die wegen van karma zou ongetwijfeld verdwijnen, als we deze slechts aan de juiste oorzaak zouden toeschrijven. Met de juiste kennis, of in ieder geval met de vaste overtuiging dat onze buren er evenmin naar streven om ons te benadelen, als wij de bedoeling zouden hebben om hen kwaad te doen, zou tweederde van het kwaad in de wereld in het niet verdwijnen. Als niemand zijn broeder kwaad deed, zou karma-Nemesis geen reden hebben tot handelen, en geen wapens om te gebruiken. De voortdurende aanwezigheid in ons midden van alle elementen van strijd en tegenstelling en de verdeling van rassen, volkeren, stammen, gemeenschappen en individuen in Kaïns en Abels, wolven en 'lammeren , zijn de voornaamste oorzaken van de ‘wegen van de voorzienigheid’.
De Geheime Leer Deel II, Stanza 4 SCHEPPING VAN DE EERSTE RASSEN (p. 105):
Goed en kwaad zijn tweelingen, de nakomelingen van Ruimte en Tijd, onder de heerschappij van maya. Scheid hen door de ene van de andere af te snijden, en zij zullen beide sterven. Geen van beide bestaat op zichzelf, want elk moet uit de ander worden voortgebracht en geschapen om tot bestaan te komen; beide moeten worden gekend en gewaardeerd voordat zij voorwerp van waarneming worden; daarom moet de sterveling hen als gescheiden denken.
De Geheime Leer Deel II, Hoofdstuk Edens, slangen en draken (p. 238):
De bijbel is van Genesis tot de Openbaringen slechts een reeks historische verslagen van de grote strijd tussen witte en zwarte magie, tussen de adepten van het rechterpad, de profeten, en die van het linkerpad, de levieten, de geestelijkheid van het ruwe volk. Zelfs de onderzoekers van het occultisme, hoewel enkelen van hen meer archaïsche manuscripten en directe leringen hebben om op te steunen, vinden het moeilijk om een scheidslijn te trekken tussen de sodales van het rechter- en die van het linkerpad. De grote breuk die ontstond tussen de zonen van het vierde Ras, zodra de eerste tempels en zalen van inwijding onder leiding van ‘de zonen van god’ waren opgericht, wordt allegorisch weergegeven in de zonen van Jakob. Dat er twee scholen van magie waren en dat de orthodoxe levieten niet tot de heilige school behoorden, blijkt uit de woorden van de stervende Jakob.
De Geheime Leer Deel II, Stanza 12 De ‘vloek’ vanuit een filosofisch gezichtspunt (p. 475):
De filosofische opvatting van de Indiase metafysica plaatst de wortel van het kwaad in de differentiatie van het homogene in het heterogene, van het ene in het vele.
De Geheime Leer Deel II, Hoofdstuk 18 Over de mythe van gevallen engelen (p. 541/542):
Zoals het kwaad en de straf de werktuigen van karma zijn in een absoluut rechtvaardige, vergeldende betekenis, zo was het kwaad de dienaar van het goede (Hibbert Lectures, 1887, blz. 101-115). Op grond van de tekst van de Chaldeeuws-Assyrische kleitabletten is dat nu boven alle twijfel verheven. We vinden hetzelfde denkbeeld in de Zohar. Satan was een zoon en een engel van god. Bij alle Semitische volkeren was de geest van de aarde evengoed de schepper op zijn eigen gebied als de geest van de hemelen. Zij waren tweelingbroers en onderling verwisselbaar in hun functies, zoal niet twee in één. Niets van wat wij in Genesis vinden, ontbreekt in de Chaldeeuws-Assyrische religieuze opvattingen, zelfs in het weinige dat tot dusver werd ontcijferd. De grote ‘afgrond’ van Genesis is terug te vinden in de tohu-bohu, ‘diepte’, ‘oerruimte’ of Chaos van de Babyloniërs. Wijsheid (de grote onzichtbare God) – in Genesis hoofdstuk 1 de ‘geest van God’ genoemd – woonde, zowel voor de oudere Babyloniërs als voor de Akkadiërs, in de zee van de Ruimte. Tegen de tijd die door Berosus is beschreven, werd deze zee de zichtbare wateren aan het oppervlak van de aarde – de kristallen verblijfplaats van de grote moeder, de moeder van Ea en van alle goden – die nog later de grote draak Tiamat, de zeeslang werd. De laatste ontwikkelingstrap ervan was de grote worsteling van Bel met de draak – de duivel!
543: Op de lagere trappen van de theogonie hadden de hemelse wezens van lagere hiërarchieën elk een Farvarshi of een hemelse ‘dubbelganger’. Het is dezelfde, alleen meer mystieke bevestiging van het kabbalistische axioma: ‘Deus est Demon inversus’ (Afd. 2, Deel 1, p. 450). . Het woord ‘demon’ betekent hier echter, evenals bij Socrates en in de geest van de betekenis die door de hele oudheid eraan werd gegeven, een beschermgeest, een ‘engel’, niet een duivel van satanische afkomst, zoals de theologie beweert. De rooms-katholieke kerk toont haar gebruikelijke logica en consequentie door als de ferouer van Christus, Michaël aan te nemen, die ‘zijn beschermengel’ was, zoals is bewezen door Thomas, die de prototypen van Michaël en zijn synoniemen, zoals bijvoorbeeld Mercurius, duivels noemt.
563: Het symbool van de ‘boom’, dat werd gebruikt om verschillende ingewijden mee aan te geven, was bijna universeel. Jezus wordt ‘de boom van het leven’ genoemd, evenals alle adepten van de goede wet, terwijl die van het linkerpad worden aangeduid als ‘verdorrende bomen’. Johannes de Doper spreekt over ‘de bijl’ die ‘is gelegd aan de wortel van de bomen’ (Mattheus iii, 10); en de legers van de koning van Assyrië worden bomen genoemd (Jesaja x, 19).
Gottfried de Purucker, boek Grondslagen der Esoterische Wijsbegeerte, Deel I, Hoofdstuk 4:
In ieder ‘mens’ van de ontelbare menigten zelfbewuste wezens die tot deze kosmos of dit heelal behoren, komen twee naturen samen, respectievelijk omhoog en omlaag gericht: één ervan is een geestelijke straal die hem met het meest goddelijke verbindt en zich vandaar in alle richtingen naar omhoog uitstrekt en voor hem in elk opzicht de schakel is met het onuitsprekelijke, het grenzeloze, dat daarom de kern, de essentie van zijn wezen is.
Hoofdstuk 15: Goed en kwaad ontstaan uit de tegenstrijdige werking van de multimyriaden willen in de verschijningswereld.
Het goede is relatief; er is geen absoluut goed. Het kwade is relatief; er is geen absoluut kwaad.
Beide zijn evenwel relatieve begrippen. ..etc.
Zij contrasteren met elkaar.
Deze beide groepen representeren twee fundamentele Paden in de Natuur, het ene het Pad der Rechter -, het andere dat der Linkerhand en worden aldus in het Oude Occultisme genoemd. Het ‘Pad der Linkerhand’ is Pratyeka-Yâna; en wij kunnen Pratyeka in dit verband door de omschrijving ‘ieder voor zich’ vertalen.
Het ‘Pad der Rechterhand’ is Amrita-Yâna; dat het Onsterfelijk Voertuig of Pad der Onsterfelijkheid wordt genoemd.
Het ene, het eerstgenoemde, is het pad der persoonlijkheid; het andere het laatstgenoemde, is het pad der individualiteit; het ene is het pad der stof, het andere is het pad van de geest; het ene leidt naar beneden; het andere Pad verliest zich in de onuitsprekelijke glorie van het bewuste onsterfelijke in de ‘eeuwigheid’.
Dit nu zijn de twee groepen van wezens, die de beide zijden der Natuur vertegenwoordigen, en de conflicten en tegenstellingen van deze beide zijden der Natuur, tezamen met de strijd van wil tegen wil van de scharen wezens in het gemanifesteerde bestaan, veroorzaken het zogenaamde kwaad in de wereld, dat uit de zelfzuchtige werkzaamheid van de lagere of minder ontwikkelde of geëvolueerde wezens ontstaat.
571: Het is een bladzijde uit de geschiedenis van de geheime en heilige wetenschappen, hun evolutie, groei en dood – voor de niet-ingewijde massa. Deze strijd heeft betrekking (a) op het systematische en geleidelijke uitdrogen van enorme gebieden door de felle zon in een bepaalde voorhistorische periode; een van de verschrikkelijke droogten die eindigde met een geleidelijke verandering van eens vruchtbare overvloedig van water voorziene landen in de zandwoestijnen die ze nu zijn; en (b) op de even systematische vervolging van de profeten van het rechterpad door die van het linkerpad. Nadat deze laatsten het ontstaan en de evolutie van de priesterkasten hadden teweeggebracht, hebben zij tenslotte de wereld tot al deze exoterische religies gevoerd, die zijn uitgevonden ter bevrediging van de ontaarde voorliefde van de ‘hoi polloi’ en de onwetenden voor ritualistische praal en de verstoffelijking van het eeuwig immateriële en onkenbare Beginsel.
Sathya Sai Baba, antahkarana: Als men eenmaal zuiverheid van gedachten heeft dan kan men alles in het leven bereiken. Om de gedachten te zuiveren moet men liefde in praktijk brengen. Het licht van liefde kan nooit worden gedoofd. Als je het principe van liefde hebt ontwikkeld, zul je de drie toestanden van viswa, taijasa en prajna overstijgen en de uiteindelijke gelukzaligheid bereiken. De individuele ziel in wakende toestand wordt viswa genoemd, daar deze wordt geassocieerd met karmendriyas en jnanendriyas. In de droomtoestand wordt het taijasa (de stralende, de schitterende) genoemd vanwege de associatie met het schitterende principe van antahkarana (innerlijk instrument). In de diepe slaaptoestand heet het prajna en wordt het geassocieerd met het niveau van gelukzaligheid (de gelukzaligheids-laag).
Henk Hogeboom van Buggenum (GAMMA jrg. 13 nr. 1): In het denken van Teilhard is het kwaad geen ontologisch gegeven, niet inherent dus aan het Zijn als zodanig. Het kwaad is in zijn visie dan ook niet geschapen, maar een logisch voortvloeisel uit het onvoltooid-zijn van de schepping. Oorlogen en geweld zijn voor hem dan ook signalen, dat de mens in zijn vrijheid de energie verkeerd gericht heeft en dat de soort moet bijsturen als ze wil overleven. Waarop de energie het beste kan worden gericht, komen we te weten door ons meer te verdiepen in de ander en de andere culturen, door studie dus, door wetenschap, door onze inzet en inspanning.
Lambèrt de Kwant (kies: Artikelen, recensies en links) Loslaten begint al bij de geboorte
Het onderscheid tussen goed en kwaad is volgens Tienke Klein het beeld van de duale wereld waaraan we zo vastzitten en ook moeten loslaten. Door te blijven denken in termen van goed en kwaad en die overtuiging niet los te willen laten, kunnen we soms ook zo verstrikt raken in de waaromvragen. We vinden ook dat het ons eigenlijk niet had mogen overkomen. Maar als we ons meer op onszelf en de essentie richten, overstijgen we die begrippen goed en kwaad.
Sjoerd L. Bonting:
Brengt de chaostheologie het gnostische dualisme terug? Aanvaarding van het bijbelse idee van schepping vanuit een oerchaos brengt geen gnostisch dualisme met zich mee, zolang we geen kwade demiurg invoeren en met Gen. 1 de absolute souvereiniteit bevestigen van de ene God die schept door zijn gezaghebbende Woord. Verder is een oerchaos niet hetzelfde als de eeuwige (kwade) materie van het gnosticisme: chaos is een toestand, niet een materie. Het dualisme tussen orde en chaos, evenals dat tussen goed en kwaad, licht en duisternis, deeltje en golf, is eenvoudig de erkenning van een eigenschap van de kosmos waarvan wij deel uitmaken.
Prof. Hofstede:
De menselijke natuur is wat alle menselijke wezens met elkaar gemeen hebben.
De kern van een cultuur wordt gevormd door waarden. Een waarde is een collectieve neiging om een bepaalde gang van zaken te verkiezen boven anderen. Waarden behoren tot de eerste dingen die kinderen leren – niet bewust, maar impliciet.
Waarden zijn gevoelens met een richting: een plus- en een minpool. Zij hebben betrekking op:
| Goed tegenover | Slecht | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Schoon | Vuil | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Mooi | Lelijk | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Natuurlijk | Onnatuurlijk | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Normaal | Abnormaal | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Logisch | Paradoxaal | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Rationeel | Irrationeel |
In de culturele antropologie komt het gedrag van de mens tot uiting. Kan men ooit wel het innerlijk van de zogenaamde primitieve volken kennen?, zo heeft menigeen zich wanhopig afgevraagd. Maar moderne onderzoekers stellen, dat men daartoe maar het hele culturele gedrag van zulke mensen moet beschrijven en interpreteren. Want uit de manier waarop de mens zich cultureel gedraagt, blijkt zijn innerlijk. Het ‘Wat’ wordt in het ‘Hoe’ aan de dag gebracht. Het wenselijke en het gewenste onderscheiden zich van elkaar door de aard van de normen die in het geding zijn. Normen zijn standaarden voor waarden die binnen een groep of categorie mensen gelden. Wanneer men vraagt naar het ‘wenselijke’ dan is de norm absoluut en geeft aan wat ethisch (spiritueel) juist is. Bij het ‘gewenste’ is de norm statisch van aard, en gebaseerd op de keuzen die feitelijk door de meerderheid worden gemaakt. Het wenselijke is meer een vorm van ideologie, het gewenste van praktijk. Hoe duidelijk komt juist in deze functionele fase aan de dag, dat de cultuur geen zelfstandig naamwoord, maar een werkwoord is. Cultuur is de manier waarop de mens zich uitdrukt, de wijze waarop hij de juiste relaties tracht te vinden tot alles wat hem omgeeft. In het bijzonder is cultuur een strategie om de verhoudingen tot de machten in goede banen te leiden. Daarom is juist ook de relatie tot het goddelijke steeds in het geding binnen een cultuur.
In het eerste kabinet Balkenende is een discussie over normen en waarden gestart. Voor Jan Peter Balkenende geldt de typering: ‘Respondenten zijn tevreden over het eigen gedrag en hebben duidelijke opvattingen over wat anderen zouden moeten doen, maar voelen zich minder aangesproken als anderen ook een mening over hun gedrag hebben.’
De Ene Kracht is een belangrijk soort magie uit de fantasy-serie Het Rad des Tijds, van Robert Jordan, over de strijd tussen goed en kwaad.
Deugd en Ondeugd (Zo Boven zo Beneden, Gaia, Chaos-Theos-Kosmos)
H.R. Opdenberg Het oneindig gevarieerde heelal
We zien dat Spinoza nadruk legt op de essentiële eenheid en continuïteit van al het bestaande, terwijl Pythagoras, Plato en Leibniz daarin ontelbare monaden onderscheiden, kernen van activiteit in alle denkbare graden van zelfexpressie. Brengen we de monadenleer en de filosofie van Spinoza tezamen, dan ontstaat er een wereldbeeld dat opmerkelijk overeenstemt met gedachten uit de Upanishads, de Vedanta, het boeddhisme, en die van vele denkers uit het oude Griekenland. Overeenkomstige gedachten vinden we bij David Bohm, die ook dacht dat het onderscheid tussen levende en levenloze natuur kunstmatig is – in een bepaalde context nuttig, maar uiteindelijk onjuist. Hij kwam tot de slotsom dat de ruimte helemaal niet leeg is, maar een immense oceaan van energie, en dat materie niet meer is dan een oppervlakkige rimpeling op die oceaan. Alles ligt besloten in een ‘impliciete orde’ en komt daaruit tevoorschijn.
Hierover lezen wij in de Bhagavad-Gita met de woorden van de Heer Krishna, hoofdstuk 4, vers 6-8: 'Al ben ikzelve ongeboren en onveranderlijk van wezen, de Heer van af het bestaande, toch is het bij het bestier van de natuur die mij behoort slechts door mijn eigen Maya dat ik geboren word, het mystieke vermogen van zelfexpressie, de eeuwige gedachte in het eeuwig denkvermogen. Ik breng mijzelve telkenmale voort temidden van de schepselen, o zoon van Bharata, als op deze aard de deugd verslapt en onrechtvaardigheid en ondeugd hoogtij vieren, daarom belichaam ik mijzelf van eeuw tot eeuw, zulks den rechtvaardigen tot behoud, den bozen tot verderf en tot herstel van de rechtschapenheid.'
Paus Johannes Paulus II DIALOOG TUSSEN CULTUREN VOOR EEN BESCHAVING VAN LIEFDE EN VREDE (8 december 2000)
De mensheid en haar verschillende culturen
De menselijke situatie beziend, staat men altijd weer verbaasd over de complexiteit en verscheidenheid van menselijke culturen. Elke cultuur onderscheidt zich door haar eigen specifieke ontstaansgeschiedenis en de daaruit voortgekomen kenmerken die haar tot een structureel uniek, oorspronkelijk en organisch geheel maken. Cultuur is de vorm van de menselijke zelfexpressie op zijn reis door de geschiedenis, zowel op het niveau van het individu als dat van sociale groepen. De mens wordt immers voortdurend gedreven door zijn denken en zijn wil om "het goede dat zijn natuur hem meegaf en de waarden" te ontwikkelen, om zijn grondkennis van alle aspecten van het leven, met name aspecten betrekking hebbend op het sociale en politieke leven, op veiligheid en economische ontwikkeling, in een nog verdergaande en systematischere culturele synthese op te nemen en om voeding te geven aan de existentiële waarden en perspectieven, met name in de religieuze sfeer, die het zowel het individu als de gemeenschap mogelijk maken om zich op een waarachtig menselijke manier te ontplooien.
Twee schilderijen van Jeroen_Bosch:
Hoofdzonde is een term die voornamelijk in de Katholieke Kerk wordt gebruikt. Het gaat hierbij om zeven zonden die ieder aan de basis liggen van vele andere zonden. Ze werden als lijst in de 6e eeuw opgesteld door Paus Gregorius I, maar zijn al in de 4e eeuw door geestelijken in een gesystematiseerd overzicht beschreven. In de Bijbel zijn verschillende opsommingen van zonden te vinden, echter, niet één van die opsommingen komt overeen met de lijst van de zeven hoofdzonden. Het begrip hoofdzonde wordt wel eens verward met het begrip doodzonde.
| Deugden: | Beatrijs van Nazareth x) | Ondeugden: |
| Geloof | Nederigheid | Hoogmoed, hovaardigheid - ijdelheid - trots |
| Hoop | Comtemplatie | Woede - toorn |
| Caritas | Naastenliefde | Gemakzucht - traagheid - luiheid - vadsigheid |
| 1. Moed - sterkte | Krachtdadigheid | Nijd - gramschap - jaloezie - afgunst |
| 2. Rechtvaardigheid - rechtschapenheid | Gulheid | Hebzucht - gierigheid |
| 3. Gematigdheid - matigheid - zelfbeheersing | Matigheid | Onmatigheid - gulzigheid - vraatzucht |
| 4. Voorzichtigheid - verstandigheid - wijsheid | Kuisheid | Onkuisheid - lust - wellust; Ontucht |
(x) Wim van den Dungen ''OVER ZEVEN MANIEREN VAN HEILIGE MINNE’. De manier waarop Beatrijs van Nazareth (1200 – 1268) met 'de minne' omgaat leert ons iets over deze relatie (structuur & dynamiek).
1. t/m 4. corresponderen met de eigenschappen van de persoonlijkheid.
PATRICK VANDERMEERSCH PASSIE EN BESCHOUWING DE CHRISTELIJKE INVLOED OP HET WESTERSE MENSBEELD (p. 101/102):
In Evagrius' beschrijving van de praktijk vinden wij voor het eerst de klassieke
lijst van de "hoofdzonden" die sindsdien de hoeksteen zijn gebleven van de christelijke
ethiek. In feite heeft hij het niet over "hoofdzonden", maar over de "hoofdgedachten"
die tot het kwade leiden. De strijd tegen de zonde begint volgens Evagrius met een strijd
tegen de boze gedachten en de praktijk van de monnik bestaat er dan ook essentieel in
om deze te kunnen afweren. Deze hoofdgedachten zijn volgens hem acht in aantal.
Hij citeert ze altijd in een welbepaalde orde, niet als mnemotechnisch middeltje, maar
om de innerlijke samenhang tussen de verschillende boze gedachten uit de drukken:
- 1. Gulzigheid
- 2. Ontucht
- 3. Geldzucht
- 4. Droefheid
- 5. Woede
- 6. Lusteloosheid (acedia)
- 7. IJdelheid
- 8. Hoogmoed
Dat er naar kernbegrippen wordt gezocht om het ethische leven te richten en dat men
daarbij een aantal grondhoudingen poogt te definiëren, is op zichzelf niet nieuw. De
stoïcijnse leer van de vier centrale passies en de ermee corresponderende deugden had
dit al lang uitgetekend. Nieuw is wel het accent op al het boze dat in de mens huist. De
ondeugden zijn niet zomaar de keerzijden van de deugden, zij zijn iets anders en leiden
een eigen leven. Je hebt dus aan de éne kant de deugden, die Evagrius - overigens
traditiegetrouw - in vijf verdeelt: het geloof, de vrees voor God, de zelfbeheersing, het
doorzettingsvermogen en de hoop. Aan de andere kant heb je de wereld van de
ondeugden of van de boze gedachten, waarbij benadrukt wordt dat zij elk door een eigen
duivel ingefluisterd worden. Er is dus een aparte wereld van het kwade.
113: De eerste kosmische catastrofe is veel minder gepland. De wereld van de materie
is in tegenstelling tot die van het licht vol ordeloze beweging en half bewuste begeerte,
die steeds opnieuw ontstaat, naar directe bevrediging zoekt, en opnieuw opkomt.
Toevallig stoot zij tegen de grenzen van het Rijk van het Licht, en zo beseft de Prins van
de Duisternis plots welke heerlijkheid daar aanwezig is. Hij besluit dit rijk te gaan
veroveren. De Vader van de Grootheid wil echter de verschillende eonen geen gevaar
laten lopen, en hij beslist dan maar zelf ten strijde te trekken. Hij zal de vijand
terugdringen met zijn ziel, of anders gezegd, met zijn "ik". Hiertoe laat hij uit zichzelf
een eerste vorm emaneren, die van de "Moeder van het Leven", en uit deze dan weer de
"oermens". Vergezeld van zijn vijf zonen die zijn harnas of zijn ziel uitmaken, (de vijf
hemelse elementen: lucht, wind, licht, water en vuur) trekt deze ten strijde, maar hij
wordt overwonnen. Zijn zonen worden opgegeten door de duivels, de oermens zelf valt
in een diepe afgrond, waar hij met luide stem zevenmaal de Vader van de Grootheid om
hulp smeekt.
Roland van Vliet Het Manicheïsme als oerketters stroming van de liefde (Artikel uit: Prana nr. 140, dec. 2003/jan. 2004) p. 1:
De kracht van Mani's spreken bij de Elchasaïten was namelijk de vrucht van de openbaring van zijn geestelijke wederhelft of Syzygos, die hem korte tijd daarvoor tot schouwen had gebracht van de vijf Lichtvaders in de hemelse gebieden en hem de mysteriën van de grenzeloze hoogten, de mysteriën van de ondoorgrondelijke diepten en het weten omtrent zijn geestelijke afstamming (in relatie tot de Syzygos) en zijn goddelijke opdracht had kunnen openbaren.
p. 6: Daarnaast heeft Jezus Christus door dood en Opstanding het Licht onder en om de aarde gebracht en de kosmische Zuil der Heerlijkheid in het middelpunt van de aarde geplaatst. Deze Zuil der Heerlijkheid verbindt als een kosmische Lichtzuil de aarde met het Lichtschip van de Maan, het Lichtschip van de Zon en de Nieuwe Lichtaarde of het Nieuwe Jeruzalem. Deze Zuil der Heerlijkheid is de geestelijke gestalte van Christus, waarin al zijn leerlingen die de Lichtziel tot bloei gebracht hebben, ná de dood worden opgenomen en daarin van Jezus de Grote Rechter, een emanatie van Jezus de Zonneglans, een opstandingsgestalte als de afbeelding van de opstandingsgestalte van Jezus Christus
ontvangen. Hierdoor wordt de Zuil der Heerlijkheid ook de Volmaakte Mens genoemd, waarin de totale geïndividualiseerde en bevrijde mensheid de gestalte van de Christus is.
Veel van wat in de volksmond ‘New Age Concepten' werden genoemd, dringen nu door in de geest en in de gesprekken van de massa. Het geloof in Engelen en interacties met Lichtwezens van Hogere Rijken van Bestaan worden niet meer geridiculiseerd zoals in het verleden. Het goede nieuws is dat er een nieuwe band van hoger frequente emotionele patronen en gedachtevormen de Aarde boven de negatieve band omringt. Die energetische band is gevuld met Licht, hoop en een sterk verlangen naar zelfexpressie en meesterschap. Geleidelijk aan omvat het Kristallijnen Grid Systeem de Aarde, en de Schepper Bewustzijnsband van Licht wordt elke dag sterker, omdat steeds meer mensen toegang verkrijgen tot de Steden van Licht en ‘koeriers' worden van Adamantine Partikels van de Schepping.
Altruïsme en Egoïsme (Dilemma's, Dichotomieën, Huwelijksquaterniteit)
Ellen Comhaire Moraliteit tussen vrijheid en determinisme. Een filosofisch onderzoek naar de causaliteit van altruïsme en egoïsme.
De centrale vraag die ik wil onderzoeken, is of altruïsme ooit losstaat van egoïsme. Altruïsme en egoïsme zijn termen die voornamelijk begrepen worden in het kader van motivaties, intenties en doelstellingen. Wat leidt ons in de keuzes die we maken en die uiteindelijk ons gedrag bepalen? Hoe komt het dat we doen wat we doen? Uitgaande van een materialistisch standpunt – met een amorele kosmos – moeten we op zoek gaan naar de manier waarop wij mensen zelf waarden creëren en onderscheiden. Hierbij maak ik een onderscheid tussen de onbewuste (als het ware automatische) en de bewuste mechanismen.
Onbewuste automatismen
In de eerste plaats steunt ons gedrag op disposities - neurale patronen die op een bepaalde stimulus steeds eenzelfde reactie vertonen. Maar elke prikkel die gedurende ons leven tot ons zenuwstelsel doordringt, beïnvloedt onze disposities, waardoor ze kunnen veranderen en zich aanpassen aan de externe omgeving waarin we leven. Wanneer een prikkel binnenkomt in het zenuwstelsel, van buiten het lichaam of van in het lichaam zelf (inclusief de hersenen), wordt een reactie gegenereerd. Het kan zowel een neurale als een chemische reactie zijn, en die brengt op haar beurt opnieuw andere processen op gang wat uiteindelijk tot gedrag kan leiden. Aan welke prikkels (bewust of onbewust) aandacht wordt besteed en hoe ermee omgegaan wordt, hangt opnieuw af van onze aangeboren en individueel ontwikkelde disposities. Zij bepalen hoe belangrijk deze binnengekomen informatie voor ons is of lijkt, voornamelijk op basis van onze emoties.
Bewuste beslissingen
Onze bewuste beslissingen, die voortspruiten uit onze cognitieve vaardigheden, blijven gebaseerd op fundamentele neurale waarderingsmechanismen. We kunnen wel de deductieve vaardigheden gebruiken waarover we beschikken, maar onze emoties helpen steeds om voorkeuren te ordenen. Wanneer we de mogelijke consequenties van onze keuzes overlopen, gaat ons verwachtingssysteem daar op basis van ons emotioneel geheugen een waarde aan toekennen die ervoor zorgt dat enerzijds bepaalde uiterst ongewenste alternatieven onmiddellijk uitgesloten worden en anderzijds dat we bepaalde zaken die geen eenduidige voorspelling mogelijk maken meer bewuste overweging vragen. Het zijn deze evaluaties die samen met andere fundamentele regulatiesystemen (voor overleving) onze verlangens rudimentair zullen richten. De nuances in verlangens en de manier waarop aan deze tegemoet gekomen zal worden, hangen af van de culturele omgeving waarin men opgroeit. Onze sociale omgeving is immers de belangrijkste factor die onze identiteit – ons zelfconcept – zal bepalen. De maatschappij waarin we leven voorziet ons van waarderingskaders die een rol spelen in de overweging van de gevolgen van onze daden.
Op bewust niveau streven we genot na, zonder dat we hoeven te beseffen dat evolutionaire behoeften aan de onbewuste basis liggen. Ook aangeleerde, cultuurspecifieke, contextgebonden factoren en toevallige gebeurtenissen hebben een cruciale invloed in de overwegingen van het individu. Aangezien al deze factoren onze waarderingen (o.a. in de vorm van emoties) en daarmee ons gedrag bepalen via evolutionaire ‘trial and error’ en ontogenetische ‘straf en beloning’, kunnen we concluderen dat ons gedrag altijd een grondslag heeft van eigenbelang. Maar dit betekent niet noodzakelijk dat we bewust dit eigenbelang nastreven! ‘Echt altruïsme’ schuilt namelijk daarin dat de altruïst het verhogen van het welzijn van de andere vooropstelt zonder daarbij eigen voordelen in rekening te brengen op het moment van de beslissing. In een dergelijke definitie staat echt altruïsme lijnrecht tegenover egoïsme – dat dan prioriteit geeft aan het eigen belang (ondanks het mogelijks vertonen van prosociaal gedrag). De ware altruïst bestaat dus: het is die persoon die anderen helpt zonder stil te staan bij zijn eigen winst. Het is hij/zij die ‘het goede’ doet voor de ander omwille van de ander. Zwart-witte benaderingen zijn hier uit den boze en men moet voorzichtig zijn met zijn oordeel wanneer het om de morele waardering van een bepaalde individuele gekozen optie gaat. Ons gedrag blijft immers steeds zeer contextgebonden, waarbij zowel de interne lichaamstoestand als de externe omgevingssituatie zeer grote verschillen kunnen teweegbrengen in de beslissingen die we maken.
Dit artikel is een zeer beknopte samenvatting van mijn eindverhandeling ingediend tot het behalen van de graad Master in Moraalwetenschappen: ‘Moraliteit tussen vrijheid en determinisme. Een filosofisch onderzoek naar de causaliteit van altruïsme en egoïsme.’
Maarten Zweers In "Tristan und Isolde"(5) moet de grootste held van deze "ego-vorming" - Tristan - ontdekken dat de Liefde een kracht is, die nog groter is dan zijn heldendom. De liefde breekt de geslotenheid van het ego - van de "Ring" - open. Van de christelijke boodschap is nog geen sprake, maar de essentie ervan is geboren.
Die ervaring maakt de mens rijp voor de boodschap van Johannes de Doper, de wegbereider van de Christus, het centrale thema in "Die Meistersinger " (6). Johannes leerde hoe wij ons sterk geworden ego moeten inzetten voor een groter ideaal, dat het ego en de individuele liefde overstijgt. De ring moet worden opengebroken voor de gemeenschap. Een "gesloten" egocentrische levenshouding moet tot altruïsme geraken. De inspiratie, die tot op heden nog alleen de kunstenaar kenmerkt, is daarbij onontbeerlijk. Daarom is het wezen der kunsten het tweede thema in dit werk. De kunsten worden de inspiratiebron voor mens en maatschappij.
Eerst dan zullen we met Wagners "Parsifal " (7) de christelijke liefde volkomen in praktijk kunnen brengen. Met de verdramatisering van alle uiterlijke, maar vooral van alle innerlijke strijd, die de mens moet leveren om een ware Meester in het leven te worden, sluit Wagner zijn œuvre af. Wat met een "ring van duisternis" begon is tot een "ring van licht" geworden.
John Algeo Harry Potter en de dugpa
De bodhisattva, wiens essentie wijsheid is, is iemand die liefhebbend is, altruïstisch, vertrouwenwekkend en heel. De dugpa is iemand die zelfzuchtig is, een uitbuiter, angstig en gefragmenteerd. De Harry Potterboeken laten ons zien hoe we een bodhisattva moeten zijn, niet een dugpa – hoe we niet Voldemort moeten zijn, maar Harry Potter.
De Geheime Leer Deel I, Stanza 3 Het ontwaken van de kosmos (p. 105/106):
Wij vinden hier de onmiskenbare echo van de archaïsche Geheime Leer, zoals die nu wordt uiteengezet. De laatste plaatst echter niet ‘de vader’ aan het hoofd van de evolutie van het leven – deze komt op de derde plaats en is de ‘zoon van de moeder’– maar de ‘eeuwige en onophoudelijke adem van het AL’. Het mahat (begripsvermogen, universeel denkvermogen, gedachte, enz.) verschijnt als Vishnu voordat het zich manifesteert als Brahma of Siva, zegt de Sankhya Sara (blz. 16); mahat heeft dus verschillende aspecten, evenals de logos. Mahat wordt in de eerste schepping de Heer genoemd en is in die zin het universele kenvermogen of het goddelijke denken; maar ‘het mahat dat het eerst werd voortgebracht, wordt (later) ego-isme genoemd, wanneer het als ‘ik’ wordt geboren, en dat wordt de tweede schepping genoemd’ (Anugita, Hfst. XXVI). En de vertaler (een bekwame en geleerde brahmaan, geen Europese oriëntalist) verklaart in een voetnoot (6), ‘dat wil zeggen, wanneer mahat zich ontwikkelt tot het gevoel van zelfbewustzijn – het ik – dan neemt het de naam Egoïsme aan’. Esoterisch geformuleerd betekent dit: wanneer mahat wordt veranderd in het menselijke manas (of zelfs in dat van de eindige goden) en aham-schap wordt.
De Geheime Leer Deel I, Stanza 12 De ‘vloek’ vanuit een filosofisch gezichtspunt (p. 476):
Een god, die zelfs is beroofd van die hoogste vertroosting van Prometheus, die in zelfopoffering leed
‘Omdat hij de mensen een te warm hart toedroeg . . .’
want de goddelijke titan wordt bewogen door altruïsme, maar de sterfelijke mens telkens weer door zelfzucht en egoïsme.
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 8 Leven, kracht of zwaartekracht (p. 591):
De ‘leermeester’ zegt: ‘Als men de grote boom volkomen begrijpt, waarvan het niet-waargenomen gedeelte (de occulte natuur, de wortel van alles) de scheut is uit het zaad (Parabrahmam), die het begrijpen (mahat, of de universele, intelligente ziel) als stam heeft; waarvan de takken het grote egoïsme10 zijn, in de holten waarvan de scheuten zijn, namelijk de zintuigen; waarvan de grote (occulte of onzichtbare) elementen de bloemtrossen zijn11, de grove elementen (de grove objectieve stof), de kleinere takken, die altijd bladeren en altijd bloemen hebben . . . de boom die eeuwig is en waarvan het zaad Brahman (de godheid) is; en als men deze boom omhakt met dat voortreffelijke zwaard – de kennis (geheime wijsheid) – dan bereikt men onsterfelijkheid en werpt men geboorte en dood af.’
10) Ahamkāra, veronderstel ik, dat ik-gevoel (of ahamschap) dat tot alle dwalingen leidt.
11) De elementen zijn de vijf tanmātra’s: aarde, water, vuur, lucht en ether, de voortbrengers van de grovere elementen.
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 16 Cyclische evolutie en karma (p. 715):
Deze toestand zal voortduren totdat de spirituele intuïties van de mens volledig zijn ontplooid, wat niet zal gebeuren voordat we onze dikke rokken van stof geheel en al hebben afgeworpen; totdat we van binnenuit beginnen te handelen, in plaats van altijd impulsen van buitenaf te volgen; nl. die worden voortgebracht door onze fysieke zintuigen en ons grove zelfzuchtige lichaam. Tot dan is eenheid en harmonie het enige middel tegen het kwaad van het leven – een broederschap VAN DE DAAD, en niet alleen altruïsme in naam. Het onderdrukken van één slechte oorzaak zal niet één, maar een groot aantal slechte gevolgen wegnemen. En als een broederschap of zelfs een aantal broederschappen niet in staat zou zijn te voorkomen dat volkeren elkaar nu en dan naar de keel vliegen, dan zal toch de eenheid van denken en handelen en filosofisch onderzoek naar de mysteriën van het zijn, altijd enkelen – die proberen te begrijpen wat tot dan toe voor hen een raadsel was gebleven – ervan weerhouden nog meer oorzaken te scheppen in een wereld die al zo vol is van ellende en kwaad. Kennis van karma geeft de overtuiging dat als
‘. . . de deugd wordt gekweld en de ondeugd zegeviert
De mensheid tot atheïsten wordt gemaakt’,
dat alleen zo is doordat die mensheid altijd haar ogen heeft gesloten voor de grote waarheid dat de mens zelf zijn eigen verlosser en zijn eigen vernietiger is; dat hij de hemel en de goden, de schikgodinnen en de voorzienigheid niet hoeft te beschuldigen van de schijnbare onrechtvaardigheid die te midden van de mensheid heerst.
De Geheime Leer Deel II hoofdstuk De rassen met het ‘derde oog’ (p. 341):
De zonde lag niet in het gebruiken van die nieuw-ontwikkelde vermogens, maar in het misbruiken ervan; in het maken van het tabernakel, dat was bestemd om een god te huisvesten, tot de tempel van allerlei geestelijke ongerechtigheid. En als we zeggen ‘zonde’, is dat alleen om iedereen onze bedoeling te laten begrijpen, want de term karma19 zou in dit geval beter zijn. De lezer die zich bij het gebruik van het woord ‘geestelijke’ in plaats van ‘fysieke’ ongerechtigheid van zijn stuk voelt gebracht, wordt herinnerd aan het feit dat er geen fysieke ongerechtigheid kan zijn. Het lichaam is eenvoudig het onverantwoordelijke orgaan, het werktuig van de psychische, zo niet van de ‘geestelijke mens’. Maar in het geval van de Atlantiërs was het juist het geestelijke wezen dat zondigde, omdat het geest-element in die tijd nog steeds het ‘meester’-beginsel in de mens was. Zo kwam het dat in die tijd het zwaarste karma van het vijfde Ras door onze monaden werd voortgebracht.
19) Karma is een woord met veel betekenissen en heeft voor bijna elk van zijn aspecten een speciale term. Het betekent, als synoniem van zonde, het verrichten van de een of andere handeling tot het verkrijgen van een object van werelds, en dus zelfzuchtig verlangen, dat voor iemand anders wel schadelijk moet zijn. Karma is actie, de oorzaak; en karma is ook ‘de wet van de ethische veroorzaking’; het gevolg van een zelfzuchtig verrichte daad, terwijl de grote wet van harmonie op altruïsme berust.
Terezinha Franca Kind De wet van harmonie:
Dientengevolge kunnen wij niet geïsoleerd van andere mensen leven, noch onze ogen sluiten voor wat er wereldwijd gebeurt. Integendeel, het is aan te raden dat wij onze relaties met en sympathie voor anderen uitbreiden en verdiepen. Als
wij voor de regeneratie van de mensheid dienen te werken, moeten wij actiever worden in altruïsme. Een ware
theosoof is een filantroop. Harmonieus leven impliceert tolerantie en sympathie in onze relaties. Het kan verder gaan tot het omvatten van relaties met alle wezens, het milieu en het hele universum.
Evolutiepsychologie
Wederkerig altruïsme, het verschijnsel waarbij men elkaar wederzijds helpt of een gunst verleent, is een veelvuldig onderzocht onderwerp binnen de evolutionaire psychologie. De reciprociteit van "voor wat hoort wat" is "heb uw naaste lief". Rita Smaniotto: Op basis van experimenten, simulatie-onderzoek en een heranalyse van een aantal antropologische studies naar het delen van voedsel in jagers-en verzamelaarsvolkeren concludeert Rita Smaniotto in haar proefschrift dat het "voor wat hoort wat" mechanisme niet zo wijdverspreid is als doorgaans wordt aangenomen. Volgens haar is er in veel gevallen sprake van een alternatief mechanisme, het "heb uw naaste lief" mechanisme. Dit mechanisme is vooral gericht op het welzijn van personen in iemands directe omgeving.
Promotie onderzoek Patrice van de Vorst: mijn te onderzoeken stelling is: Er is een biologische of anatomische grondslag voor het ontstaan van het menselijk bewustzijn en de menselijke moraal. Deze komt voort uit de evolutionaire veranderingen in de geslachtsorganen van de soort Homo.
G. de Purucker boek De Hiërarchie van Mededogen (p. 65):
De 'wederkomst' van Christus is eenvoudig een nieuwe manifestatie van de Logos, de Christos. Bhagavad Gita, hoofdstuk 4 sloka's 7 en 8:
(7) O zoon der Veelen, waar en wanneer er ook maar een afname is van de rechtschapenheid en het onrecht overweegt, manifesteer ik mezelf op dat moment. (8) Opdat zij die dorsten naar de waarheid een leven mogen hebben en de onverlaten een halt wordt toegeroepen, verschijn ik generatie na generatie ten tonele met de bedoeling de weg van de menselijke principes van de waarheid, de zuiverheid, de boete en het geweldloze mededogen opnieuw te vestigen.
Bettine Siertsema Uit de diepten Nederlandse egodocumenten over de nazi concentratiekampen (p. 51):
Respect en sympathie, die Glover ziet als de kern van menselijkheid, werden door het systeem tegengegaan door de slachtoffers hun waardigheid te ontnemen, waardoor ze geen respect meer opriepen, en door propaganda die langs tribale scheidslijnen en met sociaal-darwinistische en
Nietzscheaanse argumenten mededogen voor de slachtoffers tot zwakte maakte. Op zoek naar factoren die tot ongehoorzaamheid en hulp aan de slachtoffers van vervolging leidden, signaleert Glover bij de daders soms een plotseling doorbrekend mededogen wanneer ze geconfronteerd werden met een slachtoffer als individu. Bij de zich verzettende omstanders speelden religieuze motieven vaak mee (bijvoorbeeld de bijbelse opdracht de vreemdeling onderdak en voedsel te geven, maar ten diepste ook het besef dat God meer gehoorzaamd moet worden dan de mensen).
De opvoeding van mensen die joden hielpen blijkt gekenmerkt te zijn door een
hoge standaard waar het de zorg voor anderen betreft, maar door een geringe
strengheid, met meer nadruk op overtuigen en verklaren dan op discipline.51
51) Glover baseert zich hierbij op Samuel en Pearl Oliner, The Altruistic Personality: Rescuers of Jews in Nazi Europe.
New York 1988.
Onbaatzuchtigheid en diepe ecologie (altruïsme)
Samenvatting
De beschaving komt alleen een stapje verder wanneer we onze huidige normen en waarden kritisch onder de loep nemen. Of met andere woorden aan het eerdere normen en waarden debat daadwerkelijk invulling geven. In de samenleving geldt steeds vaker, net als in de wetenschappelijke wereld, 'Ieder voor zich en God voor ons allen’. De multicultiproblematiek hangt samen met het ééndimensionale, in plaats van multidisplinaire denken in de wetenschap.
Pontius Pilatus kan als de uitvinder van de dubbele moraal worden gezien.
Door aan het kruis te sterven neemt de Zoon voor de zonden van de mensheid de schuld op zich.
Jezus wordt Zondebok: Op de verlosser, de wereldverbeteraar wordt de schuld afgeschoven. Pilatus waste zijn handen, 'in onschuld'.
Pontius Pilatus-syndroom, 'Wat wil het volk?' slaat op schuld afschuiven.
Door het ‘u vraagt, wij draaien’ van het cliëntelisme, de twee handen op een buik politieke spelletjes kan van een gesloten systeem worden gesproken waarvoor de tweede wet van de thermo dynamica geldt en waarop dus de entropie van toepassing is. In een gesloten systeem blijft de kwantiteit, de totale hoeveelheid energie gelijk, maar de kwaliteit van de totale hoeveelheid energie zal na verloop van tijd lager zijn dan ervoor. Het sprookje De nieuwe kleren van de keizer van Hans Christian Andersen is nog steeds actueel. Maar gelukkig bestaat er ook negentropie.
De zevenvoudige hiërarchie van het bewustzijn (bewustzijnsniveaus, zintuigen, Wilber-Combs-rooster) zijn de schakel (verstrengeling) tussen 'geestkunde en natuurkunde'. Het reflexieve bewustzijn, het samenspel van de linker – en de rechterhersenhelft (linker- en rechterpad), is voor het creëren van balans verantwoordelijk. Het linkerpad staat voor de 'belangenverstrengeling' (verstrengeling tussen 1e, 2e en 3e macht en 4e, 5e en 6e macht) op aarde.
De onbalans op aarde wordt verkleind door bewust voor het symbool van de verticale as (Axis mundi, het zevenvoudige pad) door het midden van het Ei van Assagioli, de zelfrealisatie van Maslow te kiezen.
Het heeft 350 jaar geduurd voordat de Rooms-katholieke Kerk het inzicht van Galileo heeft geaccepteerd dat de aarde om de zon draait. De vraag is of de wetenschappelijke wereld bereid is aan oude gezichtspunten op de éne werkelijkheid, respectievelijk de nieuwe Unificatietheorie, serieus aandacht te geven? De wet van zaaien en oogsten geldt nog steeds.
De innerlijke harmonie is verbroken omdat we hebben gegeten van de boom der kennis van goed en kwaad. De mens wordt zich van zijn morele autonomie, van waarden en normen bewust.
Het rapport ‘E i V’ draagt een methodologisch karakter. Het biedt een handvat, namelijk de ‘bewustzijnsschil’ om aan de unificatietheorie handen en voeten te geven. Of met andere woorden te laten zien hoe de 'Kwantumshift in het wereldbrein' geleidelijk plaatsvindt. Het is net als met Geest en Lichaam, hemel en aarde, Zo boven, Zo beneden, top down en bottom up, deductief en inductief. Het zijn de twee complementaire kanten van een medaille, het is de psyche (ziel), de schakel tussen geest en lichaam waar het in de Kwantumshift van Ervin Laszlo, de Unificatietheorie echt om draait.
Een manier om naar het door Ervin Laszlo gesignaleerde vraagstuk te kijken is op basis van het fenomeen Groupthink van Irving Janis. Het lijkt er op dat de breed ingevoerde marktwerking door de overheid in de publieke sector de chaos eerder heeft doen toe dan afnemen. Een sector waar de problemen eerder groter dan kleiner zijn geworden is het onderwijs. Er is voor de gemakkelijkste weg gekozen. Door het stuur uit handen te geven los je geen problemen op. Marktdenken berust enkel op het principe van belonen en straffen. Het verdeelt de wereld in winners en losers. Wanneer je bereid bent het spel mee te spelen krijg je een beloning. Het heeft het probleem ‘Ieder voor zich en God voor ons allen’ alleen maar versterkt. Marktwerking is een eenzijdig door geld gestuurd mechanisme. Het mechanisme werkt ten koste van de geestelijke gezondheid.
Er zijn te veel politici die de zaken simplificeren, niet veel meer doen dan gebakken lucht verkopen. Door de eerder door de overheid gestimuleerde marktwerking valt er nu minder te besturen. Het jojo-effect, de slingerbeweging ontstaat omdat individuen graag bereid zijn het spel mee te spelen. Vaak optimaal inspelen op de mores van de group waartoe zij behoren.
Jan Wicherink, boek Ontheemde Zielen Ontwaken, bespreekt in hoofdstuk 5 de Platonische lichamen en de Levensboom:
57: In het Westen werd de kennis van de Heilige Geometrie bewaard in gnostische kringen, geheime genootschappen en de vrijmetselarij.
63: De vijf Platonische lichamen, genoemd naar de Griekse filosoof Plato, werden 350 jaar v.Chr. voor het eerst door Plato in zijn boek Timaeus beschreven.
Alle vormen hebben een tegenhanger, een tegengestelde vorm die grecreëerd kan worden uit de ander. De kubus bijvoorbeeld heeft de octaëder als tegenhanger. Etc. Met andere woorden de Platonische lichamen zijn extreem symmetrisch.
64: De Levensboom is het mystieke symbool dat gebruikt wordt in de joodse Kabbala. De Levensboom wordt meerdere keren in de Bijbel genoemd als de boom die naast de boom van de kennis van goed en kwaad staat in de Hof van Eden.
De geschiedenis leert dat de oplossing van de Unificatietheorie, het levensmysterie al millennia bekend is. Het hangt er alleen maar vanaf hoe je het probleem formuleert. Hoe selectief zijn we als waarnemer? Gerrit Teule verklaart Waarneming creëert deeltje in zijn boek Ethiek, schoonheid en eonen (p. 181).
Het bewustwordingsproces bestaat uit de uitwisseling tussen het vrouwelijk en het mannelijk, tussen 'Chaos, Gaia en Eros' en het 'Goede, Ware en Schone', tussen materie en geest, tussen lagere en hogere Triade, tussen chaos en harmonie, tussen navel (Epithumia) en hart (Thumos), tussen begin en het einde, tussen Alpha en Omega. Het 'Goede en Ware' zijn net als 'Chaos en Gaia' complementair. De Goddelijke liefde (het Schone), Eros (thumos) zorgt voor het verbinden (religare) terwijl daarentegen de omgekeerde weerkaatsing van Eros (Epithumia) voor het scheiden zorgdraagt. De positieve betekenis van Eros is in de mens de wil van het genie om grootse schilderijen, grootse muziek, dingen die zullen leven en het ras dienen, te scheppen (Blavatsky, Deel III, p. 648). De negatieve betekenis van Eros staat voor wellust, driftleven, epithumia. Alles heeft zijn tegenstelling, begeerte inbegrepen. Eros is in essentie creatief.
Een probleem kun je alleen effectief oplossen door oorzaak en gevolg duidelijk met elkaar te verbinden en niet door wat in de politiek vaak gebeurt de kool en de geit te sparen. Topbestuurders vinden dat kritiek op hun functioneren het vertrouwen in het systeem negatief beïnvloedt. De kredietcrisis leert dat de bomen niet tot in de hemel groeien. Er is een schijnwelvaart gecreëerd, die laat zien dat we te lang boven onze stand hebben geleefd. Door krediet in het systeem te pompen is een implosie door de overheid afgewend. De crisis kan alleen worden opgelost door weer meer waarde aan het systeem toe te voegen. Is het niet juist zo dat de te lang volgehouden struisvogelpolitiek de problemen extra heeft versterkt?
Het korte termijn denken prevaleert bij politici en bedrijven. Bij marktdenken gaat het niet om collectieve, maar om deeloplossingen. Het op de korte termijn gefixeerde marktdenken bevordert de graaicultuur. Het wordt tijd om het dilemma markt versus moraal te doorbreken. Er is niets nieuws onder de zon. Door alle eeuwen heeft de ontkenning van de waarheid tot lijden en dood geleid. Het zijn in hoofdzaak de onschuldigen die van menselijk falen de prijs betalen. Zaken lopen mis wanneer in de politiek de moraal buiten het verkoopverhaal wordt gehouden. Of met andere woorden daar waar het meeste behoefte aan is wordt in de struisvogelpolitiek het minste aandacht aan besteed.
Het rapport 'E i V' beoogt door een tipje van de sluier, van de éne, onveranderlijke werkelijkheid, op te lichten aan het creëren van een duurzame samenleving en zonniger toekomst bij te dragen. De scheppingskracht zit in onszelf. Er geldt nog steeds verbeter de wereld begin bij jezelf. Het is wel degelijk mogelijk het lot enigszins in eigen hand te nemen, door je met de juiste dingen bezig te houden die goed bij je kwaliteiten aansluiten.
Heilige boeken als de Bijbel, de Koran of de Talmoet zijn het probleem niet. Het zijn de onbenullen die de boeken als stok gebruiken om de hond te slaan. Geert Wilders en Martin Bosma stellen in hun column Islam is het probleem, niet de moslims (Volkskrant 22 maart 2008): Wij zijn ervan overtuigd dat de bovenonsgestelden wel degelijk aanvoelen dat er iets fundamenteel mis is met de islam. Dat deze zogenaamde godsdienst een bedreiging is. Maar politiek-correcte groepsdwang of ontkenning van de werkelijkheid verhindert hen het beestje bij de naam te noemen. Tot slot: Het gevecht voor de vrijheid is nog maar net begonnen.
De ‘Law of One’ heeft op het verschijnsel karma, de 2e grondstelling betrekking. Het gaat echter in het kwantumvacuüm (bewustzijnsveld) om twee polen (les 3 polariteit), het aardse en het hemelse, om karma en dharma. Het draait primair om de geestelijke wederhelft of Syzygos.
Bij het ontstaan van chaos kunnen erfelijke, psychologische en sociologische factoren een rol spelen. Voor het oplossen van complexe vraagstukken gaat het om de verscheidenheid aan factoren te ontwarren. Het onderkennen van het universele patroon dat in de schepping zit verborgen.
Evolutie loopt met het neutraliseren van het kwaad in de pas.
Het onbehagen in de maatschappij groeit omdat de verwachtingen toenemen en de collectieve prestaties daarbij achterblijven. Of met andere woorden het onbehagen bij de burger vloeit voort uit het individuele proces van normophoging waaraan een ander moet voldoen (balk en splinter).
Uit het onderzoek is als belangrijkste conclusie naar voren gekomen dat het nuttig is om management by trial and error door management by learning te vervangen. Om het Ether-paradigma te kunnen onderbouwen is er de afgelopen millennia ruimschoots voldoende geëxperimenteerd.
De conclusie berust op het feit dat de supersymmetrie in het universum zowel voor de materiële wereld als voor de immateriële wereld geldt. De gemanifesteerde Tetrade geeft inhoud aan de vorm van de ongemanifesteerde Triade.
Het is godsonmogelijk dat er inhoud bestaat zonder vorm. Het is niet nodig nog meer leergeld te investeren.
Wellicht is het wenselijk een nieuw beeld te vormen van wat we verstaan onder vooruitgang en het civilisatieproces, de kwaliteit, de waarden en normen van het bestaan. De Nobelprijswinnaar V.S. Naipaul stelt in zijn roman Magic Seeds opnieuw aan de orde: het verval van beschavingen die kennelijk aan het einde van hun levenscyclus zijn gekomen (Volkskrant 10 sep. 2004).
De vraag blijft wat de juiste waarden zijn wanneer de door de Socialistische Partij gesignaleerde tweedeling in de maatschappij toeneemt.
Er is behoefte aan een breed gedragen eenduidig waardensysteem.
Zie ook:
Boeken:
- Richard Dawkins Onze zelfzuchtige genen
- Jan Verplaetse Het morele instinct Over de natuurlijke oorsprong van onze moraal
- E. Borgman De werking van de Heilige Geest / druk 1: in de Europese cultuur en traditie
- Leo van den haak De Grote Leugen
- Kishore Mahbubani ‘The New Asian Hemisphere’ (‘Seven pillars of Western wisdom’)
- Aspecten van de Occulte Filosofie Kies: Goed en kwaad
- Dante Alighieri De goddelijke komedie
- Hans Achterhuis Met alle geweld
Externe Links
- Goed en kwaad
- Michael (archangel)
- Samael
- Bijbel en Kunst (Matthëus 7)
- Matthëus 7
- Ambrogio Lorenzetti Allegory of good and bad government
- Dick Timmer Waar komt het kwaad vandaan?
- Een Joodse visie De strijd tussen goed en kwaad.
- Left-Hand Path and Right-Hand Path
- Haat: obstakel voor een duurzame vrede
- Willy Brouwer Kernwaarden als veranderstrategie Praktijkcase Woningcorporatie De Goede Woning
- Geloof
- At van Steijn Verhagen is een Transformagier
- Adam en Eva: Wie Waren Zij?
- Adam and Eve
- Ethic of reciprocity
- Ethiek Het vergelijken van culturen, Wederkerigheid (Fons Trompenaars)
- Wederkerigheid
- The Golden Rule
- Altruïsme
- Universele verklaring van de rechten van de mens
- Radha Burnier Een wereldomvattende ethiek met theosofie als toetsteen
- Goed en Kwaad, Relatief of Absoluut?
- Jan Hommes Tussen hebzucht en verlangen
- Rig Veda
- Comhaire Ellen Moraliteit tussen vrijheid en determinisme. Een filosofisch onderzoek naar de causaliteit van altruïsme en egoïsme.
- Herman De Ley Wat is Religie? Een Inleiding.
- Paul van Tongeren Deugdethiek.
- Evert Jan Ouweneel Eerste kennismaking met Fukuyama´s einde-van-de-geschiedenis-hypothese
- J. van Rijckenborgh De diepere oorzaken van goed en kwaad
- Sjoerd L. Bonting NOGMAALS: CHAOSTHEOLOGIE (Goed en kwaad)
- Gabriël van den Brink: een fundamentalist van het midden
- Normen en Waarden De Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO)
- Nieuwe Waarden en normen?
- J. van Rijckenborgh De diepere oorzaken van goed en kwaad
- Wim van den Dungen) Levensboom (Sepher Yetzirah)
- Wim van den Dungen Over zeven manieren van heilige minne.
- Wim van den Dungen Kennis & Minne-Mystiek
- Dirk Verhofstadt Recensie Susan Neiman, Het kwaad denken, Boom, 2004.
- Deugden
- Een Hemel op Aarde Natuur versus Cultuur
- DE VERENIGING DANTE ALIGHIERI
- Een Hemel op Aarde
- Karen Armstrong Het goede van God (interview)
- Terezinha Franca Kind De wet van harmonie
- New Age Goed en kwaad, karma en identiteit, enneagram, meditatie
- Ko van Dijk God voor ons allen maar ieder voor zich
- Anselmus van Canterbury
- Johan Pameijer Mani, een Gnostisch Apostel van Jezus Christus Een Wereldreligie roept om erkenning
- Bas Heijne Voor slechtheid is nooit een excuus; Gesprek met V.S. Naipaul februari 1995
- V.S. Naipaul
- Gert Schout Zorgvermijding en Zorgverlamming (Samuel Pearl Oliner)
- Quadratic reciprocity
Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof
Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 3967 keer bekeken.
