Deze filognostische presentatie is in aanbouw

4.3 Drie Logoi en de Weerspiegeling

Blavatsky Deel III (p. 485, 526): Om Mani Padme Hoem, Ik ben het juweel in de lotus en daarin wil ik blijven.
Krishnamurti: En in die afstand, de verdeling tussen de ziener en het ding dat wordt gezien, in die verdeling ligt het gehele conflict van de mens.
Hoe meer we over 'de waarheid' praten of zelfs maar denken, hoe verder we die van ons wegduwen.
Geen enkele organisatie of georganiseerde religie kan de mens naar waarheid of naar zijn verlossing leiden.
Waarheid is een land zonder paden.
Er bestaat geen pad naar de waarheid.
Je moet je eigen leraar en je eigen leerling zijn.
De tijd is nu,
de tijd omvat … het verleden,
de toekomst is nu.
Dus de dood is nu (kies: 'uitspraken').
Bewustzijn is de inhoud van het bewustzijn.
Het denken projecteert de toekomst via het heden, door het heden te wijzigen, vorm te geven en te ontwerpen als de toekomst.
J.J. van der Leeuw: Het leven is geen probleem dat opgelost moet worden, maar een mysterie dat moet worden ervaren.
Joy Mills: Onze scheppingsmythen vormen een weerspiegeling van dat wat we van onszelf vinden. Ze geven vorm aan ons wereldbeeld.
Christopher Fry’s boek A Sleep of Prisoners:
Dank God dat we nu leven,
Het kwaad komt overal op ons af
En zal ons niet verlaten voordat we
De grootste stap van de ziel nemen
Die de mens ooit nam.

Levensboom (Levensboom en ‘Goed en Kwaad’, Tetragrammaton, Authentiek leiderschap)

Elsa-Brita Titchenell boek De maskers van Odin – Oud-Noorse wijsheid, hoofdstuk 2De levensboomYggdrasil
De boom van Mimer is Mimameid, de Boom van Kennis, die niet moet worden verward met de levensboom, hoewel de twee in bepaalde opzichten verwisselbaar zijn, want kennis en wijsheid zijn de vruchten van het leven; omgekeerd schenkt het toepassen van wijsheid aan levende wezens onsterfelijkheid in steeds verhevener gebieden van de levensboom.

De Boom van het Leven
Wat is Kabbalah? Waarom heeft zo’n simpele vraag zo veel complexe antwoorden? De Kabbalah theorieën zijn eenvoudig, maar de weg van begrip kan worden gezien als een uitgebreid labyrint. De aspecten van de Kabbalah zijn verweven in de oude kunst van de alchemie, de vrijmetselarij, en de Rozenkruisers. De term Kabbalah is synoniem geworden met Hermeticisme, beide woorden van de oude esoterische leringen.

De 'levensboom' wordt de centrale as van het bouwwerk. Geshe Ngawang Zopa: "De boom fungeert als de levensader, het centrale energiekanaal van de stoepa. Aan die levensboom wordt heel veel symboliek opgehangen. Zo staat de boom onder meer symbool voor de Vier Edele Waarheden, de kern van het boeddhistisch onderricht, en de verlichtingsgeest. Zowel de relatieve verlichtingsgeest, de wens jezelf spiritueel te ontwikkelen om meer capaciteit te hebben om anderen te helpen vrij te worden van het cyclische bestaan, als de uiteindelijke verlichtingsgeest, het doorgronden van de uiteindelijke realiteit (éne werkelijkheid)."

H.P. Blavatsky boek De SLEUTEL tot de THEOSOFIE (p. 63):
Wij noemen onze “Vader in de hemel” die goddelijke essentie waarmee wij innerlijk, in ons hart en geestelijk bewustzijn, bekend zijn en die niets te maken met de antromorfistische opvatting die wij er ons misschien van vormen in ons stoffelijk brein of de verbeelding; Weet gij niet dat gij de tempel Gods zijt en dat de geest van “(de absolute) God in u woont?”
63/64: De kracht van onze vurige aspiraties verandert het gebed in de “steen der wijzen”, of dat wat lood in zuiver goud omzet. De enige homogene essentie, ons “wilsgebed”, wordt de werkzame of scheppende kracht, die gevolgen voortbrengt overeenkomstig ons verlangen.
Alle begeerte is energie, een kracht die zijn eigen respons meebrengt. In het gedeelte over gebed in De Sleutel tot de Theosofie van H.P. Blavatsky legt zij uit, dat wat zij ‘wilsgebed’ noemt, een actieve kracht is die gebruikt kan worden voor het welzijn van anderen.

H.P. Blavatsky De stem van de stilte, Fragment II:
De leerling zegt:
Leraar, wat moet ik doen om tot wijsheid te komen?
Wijze, wat om volmaaktheid te verwerven?
Zoek naar de paden. Maar, lanoe [leerling], wees rein van hart voordat u aan uw reis begint. Leer, voordat u uw eerste stap zet, het werkelijke van het bedrieglijke te onderscheiden, het tijdelijke van het eeuwigdurende. Leer vooral verschil te zien tussen verstandelijke kennis en zielenwijsheid, tussen de ‘leer van het oog’ en die van het ‘hart’.
Ja, onwetendheid is als een gesloten vat zonder frisse lucht; de ziel een vogel die daarin gevangen zit. Hij zingt niet en kan zich niet verroeren. De zanger zit doodstil en verstijfd en sterft van uitputting.
Maar zelfs onwetendheid is beter dan verstandelijke kennis als er geen zielenwijsheid is om haar te verlichten en te leiden.

Radha BurnierZij die vragen zullen ontvangen’ (Theosofia 112/4, november 2011)
Vooraanstaande leden van de Theosophical Society, van Annie Besant tot Krishnamurti, hebben gezegd dat als iemand iets echt graag wil hebben, hij het krijgt. Ook in de vroeg- theosofische klassieker Licht op het Pad vinden wij de uitspraak:
Zij die vragen, zullen het krijgen. Dit resoneert in de woorden uit de Bergrede (Matheus 7:7): Vraag, en u zal gegeven worden.
Totdat de ziel zich er langzamerhand van bewust gaat worden dat de dingen die zij al eeuwenlang nastreeft niet zo begeerlijk zijn als zij aanvankelijk schenen, maar in feite bijna een straf zijn, tot dat moment lijdt zij onder de gevolgen van vragen daarom. Dat wordt bedoeld met het spreekwoord: Wanneer de goden iemand willen straffen, verhoren zij zijn gebeden.
Moksha (Ganesha: uiteindelijke bevrijding van de menselijke geest) is een van de kwalificaties die genoemd wordt in de Vedanta traditie en impliceert het afzweren van persoonlijke behoeften en het inzetten van al onze energie, aandacht en toewijding om datgene te ontdekken wat van blijvende waarde is, datgene wat Werkelijk is.
Dit brengt ons bij een ander punt. Wat is werkelijk en wat is onwerkelijk?
Het denkvermogen is verstrikt in de vele onwerkelijkheden van deze illusoire schaduwwereld die zo reëel lijkt, maar niet werkelijk reëel is, als ik het zo mag formuleren. Hoe weet men wat waarlijk reëel is? Wij moeten leren door de beoefening van bespiegeling (vichara), waarbij wij niet tot snelle conclusies komen, of onbewust aangetrokken worden tot bepaalde ideeën of theorieën. Bespiegeling, bedachtzaamheid, stille observatie, dat alles is noodzakelijk om te ontdekken of dat wat voor ons denkvermogen reëel lijkt, dat ook is, of dat het alleen maar een aspect is van de illusie die bestaat in de vormwerelden - op het fysieke, astrale en mentale niveau, waar zoveel illusies zijn.

'De nieuwe generatie twintigers: blije verliezers' (Pieter Hilhorst Volkskrant 22 november 2011)
Twintigers van nu zijn niet bang voor de crisis; ze leiden aan een blije zelfoverschatting. Onbegrijpelijk, gezien de gigantische onzekerheden over de toekoms.
Het leek een klassieke tegenstelling tussen rechts en links, tussen de liefhebbers van geld en mensen die een afkeer van geld koesteren. Maar onder die tegenstelling lag een grote overeenkomst verborgen. De jongeren vonden allemaal dat de omgang met geld een individuele zaak is. Het is je eigen verantwoordelijkheid om je wensen en je middelen met elkaar in overeenstemming te brengen.
De jongeren etaleerden een enorm geloof in de maakbaarheid van het eigen bestaan. De dreigende implosie van de euro of de nieuwe recessie brengen dat fundamentele optimisme niet aan het wankelen. Ze merken ook nog niet zoveel van de crisis en geloven dat ze een tegenslag best kunnen incasseren. Er moet heel wat gebeuren voor ze zich zorgen gaan maken. Ze vinden de politieke ontwikkelingen in Europa en in de financiële wereld wel interessant, maar hebben niet het idee dat het hen raakt. Er was bij deze jongeren geen gevoel van urgentie.
Zo groot als hun geloof is in de maakbaarheid van het eigen bestaan, zo gering is hun geloof in de maakbaarheid van de samenleving. De enige macht die zij voor zichzelf weggelegd zien is consumentenmacht.
Het hyperindividualisme van de deelnemers aan het debat in de Rode Hoed vormt geen breuk met opvattingen van de rest van de samenleving. Het is geen generatieconflict. Zij radicaliseren alleen de dominante opvatting over eigen verantwoordelijkheid. Het idee dat je geen greep hebt op de wereld boezemt hen geen angst in. Als de wereld vol onzekerheden zit, kun je maar beter zeker zijn van jezelf. Het is een blije zelfoverschatting.
Gezien deze gigantische onzekerheden is het blijmoedige optimisme van de jongeren eigenlijk onbegrijpelijk. Ik weet ook niet hoe je internationale markten kunt temmen of je invloed kunt uitoefenen in Europa. Maar ik geloof nog wel in de kracht van het collectief. Wie zich verenigt staat sterker. En ik geloof in noblesse oblige, in het idee dat getalenteerden een extra verantwoordelijkheid hebben voor de samenleving.

De supersymmetrische bouw van het heelal wordt door Blavatsky in Deel III (p. 591) opnieuw besproken en op p. 592 door het ingenieuze, reflexieve model “Macrokosmos = Microkosmos” van de esoterie weergegeven.

Blavastky geeft aan hoe de Macrokosmos en Microkosmos met elkaar samenhangen. Om de supersymmetrie in het universum te symboliseren maakt het rapport ‘E i V’ gebruik van een pedagogisch denkmodel.

Gottfried de Purucker boek Grondslagen der Esoterische Wijsbegeerte, Deel I, Hoofdstuk 4:
Vanaf het ogenblik dat het punt, het levenszaad, de kiem van het leven – alle slechts namen voor één en hetzelfde, het geestelijke atoom, de geestelijke monade, noem het zoals u wilt – als het ware in het lagere leven doorbreekt, treedt differentiatie of dualiteit op die tot het einde van de grote cyclus voortduurt; ze wordt voorgesteld door de twee opstaande zijden van de driehoek in het diagram. Een ervan kunnen we AB noemen, de Brahmâ (mannelijk), de andere AC, de prakriti of de natuur (vrouwelijk). Brahmâ wordt ook vaak purusha genoemd, een Sanskrietwoord dat ‘mens’ betekent, de ideale mens, zoals âdâm kadmôn uit de kabbala, de oorspronkelijke entiteit van de ruimte, die in prakriti of de natuur alle zevenvoudige verdelingen van het gemanifesteerde bestaan bevat.

H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel I, Stanza 4 De zevenvoudige hiërarchieën (p. 123):
De ‘heilige dieren’ komen zowel in de bijbel als in de Kabbala voor en zij hebben hun betekenis (en wel een heel diepzinnige) op de bladzijde van de oorsprong van het leven. In de Sepher Jezirah wordt gezegd dat ‘God de troon van zijn glorie graveerde in de Heilige Vier, de ophanim (wielen of wereldsferen), de Serafijnen5, de heilige dieren en de dienende engelen, en uit deze drie (lucht, water en vuur of ether) vormde hij zijn woning’. Zo werd de wereld gemaakt ‘door middel van drie Serafijnen – Sepher, Saphar en Sipur’, of ‘door middel van getal, getallen en getelden’. Met behulp van de astronomische sleutel worden deze ‘heilige dieren’ de tekens van de Dierenriem.
5) Dit is een letterlijke vertaling uit de Afdelingen IX en X: ‘Tien getallen zonder wat?
Een: de geest van de levende God . . . die leeft in eeuwigheid! Stem en geest en woord, en dit is de Heilige Geest.
Twee: geest uit geest. Hij ontwierp en hakte daarmee tweeëntwintig basisletters uit, drie moeders en zeven dubbele en twaalf enkele, en uit hen één geest.
Drie: water uit geest; hij ontwierp en hakte daarmee het woeste en het lege, modder en aarde. Hij ontwierp ze als een bloembed, hakte ze als een muur, bedekte ze als een plaveisel.
Vier: vuur uit water. Hij ontwierp en hakte daarmee de troon van glorie en de wielen, en de serafijnen en de heilige dieren en de dienende engelen, en op deze drie grondvestte hij zijn woning, zoals is gezegd: hij maakt zijn engelen geesten en zijn dienaren vurige vlammen!’ De woorden ‘grondvestte hij zijn woning’ tonen duidelijk aan dat in de Kabbala, evenals in India, de godheid als het Heelal werd beschouwd, en oorspronkelijk niet de buiten-kosmische god was die hij nu is.
125: Het ‘leger van de stem’ is de oervorm van de ‘menigte van de logos’ of het ‘WOORD’ van de Sepher Jezirah, dat in de Geheime Leer ‘het ene getal, voortgekomen uit geen-getal’ wordt genoemd – het Ene eeuwige Beginsel. De esoterische theogonie begint met het Ene, dat gemanifesteerd en dus niet eeuwig is in zijn aanwezigheid en in zijn bestaan, hoewel wèl eeuwig in zijn essentie; het getal van de getallen en de getelden – de laatste komen voort uit de stem, de vrouwelijke Vach, Satarupa ‘met de honderd vormen’, of de Natuur. Uit dit getal 10, of scheppende natuur, de moeder – de occulte ‘nul’ die, in verbinding met de eenheid ‘1’ (één) of de levensgeest, altijd voortbrengt en vermenigvuldigt – kwam het gehele Heelal voort.
129: II. DE STEM VAN HET WOORD, SVABHAVAT, DE GETALLEN, WANT HIJ IS EEN EN NEGEN12.
12) En dit is tien of het volmaakte getal, toegepast op de ‘Schepper’, de naam die wordt gegeven aan de gezamenlijke scheppers die door de monotheïsten tot Eén worden samengevoegd, want de ‘Elohim’, Adam Kadmon of sephira – de Kroon – zijn de androgyne synthese van de 10 sephiroth die in de gepopulariseerde Kabbala het symbool van het gemanifesteerde Heelal vormen. De esoterische kabbalisten echter volgen de oosterse occultisten en scheiden de bovenste driehoek van de sephiroth (of sephira, chochmah en binah) van de rest, waardoor er zeven sephiroth overblijven. Aan de term svabhavat wordt door de oriëntalisten de betekenis gegeven van de universele plastische stof die door de Ruimte is verspreid, misschien met een half oog op de ether van de wetenschap. Maar de occultisten identificeren svabhavat met ‘VADER-MOEDER’ op het mystieke gebied (zie boven).
129/130: (b) Dit betekent dat de ‘grenzeloze cirkel’ (de nul) alleen dan een getal wordt, als een van de negen cijfers eraan voorafgaat en zo de waarde en het vermogen ervan aangeeft, waarbij het woord of de logos in vereniging met STEM en geest13 (de uiting en de bron van het Bewustzijn) de negen cijfers vertegenwoordigt en dus, met de nul, de decade vormt die het gehele Heelal in zich bevat. De triade vormt binnen de cirkel de Tetraktis of heilige vier: het vierkant binnen de cirkel is het machtigste van alle magische figuren.
13) ‘In vereniging met de geest en de stem’ heeft betrekking op de abstracte gedachte en de concrete stem, of de manifestatie daarvan, het gevolg van de Oorzaak. Adam Kadmon of tetragrammaton is de logos in de Kabbala. Daarom komt in laatstgenoemde deze triade overeen met de hoogste driehoek van kether, chochmah en binah. Dit laatste is een vrouwelijk vermogen en tegelijk de mannelijke Jehova, omdat het deel heeft aan de natuur van chochmah, of de mannelijke wijsheid.
Geheime Leer Deel I, Theosofische misvattingen, p. 191:
Hieruit volgt dat personen die, zoals Confucius en Plato, psychisch, verstandelijk en geestelijk tot de hogere evolutiegebieden behoorden, in onze vierde Ronde even ver waren als de gemiddelde mens zal zijn in de vijfde Ronde, waarvan de mensheid is bestemd om op deze evolutieladder veel hoger te staan dan onze tegenwoordige mensheid.
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk Aanvullende feiten en verklaringen over de bollen en de monaden, p. 206:
‘Een neerdalen van de geest in de stof, dat overeenkomt met een opgang in de stoffelijke evolutie; een wederopstijgen uit de diepste diepten van stoffelijkheid (de delfstof) naar haar status quo ante, met een daarmee gepaard gaand verdwijnen van concrete organismen – omhoog naar nirvana, het punt waar gedifferentieerde stof verdwijnt.’ (‘Five Years of Theosophy’, blz. 276.)
Het wordt dus duidelijk waarom wat in Esoteric Buddhism terecht ‘evolutiegolf’ en delfstoffen-, planten-, dieren- en mensen‘impuls’ wordt genoemd, in de vierde cyclus of Ronde bij de deur van onze bol tot staan komt. Op dit punt zal de kosmische monade (buddhi) huwen met en tot voertuig worden van de atmische straal, d.w.z. buddhi zal ontwaken tot een bewust waarnemen van atman en zo de eerste sport beklimmen van een nieuwe zevenvoudige ladder van evolutie, die haar tenslotte zal leiden tot de tiende tak (geteld van beneden naar boven) van de boom van de sephiroth, de Kroon.
Alles in het Heelal volgt de wet van de analogie. ‘Zo boven, zo beneden’; de mens is de microkosmos van het Heelal.
207: Hoe zou men anders het spiraalsgewijze ontwikkelingsproces van de vier natuurrijken wiskundig kunnen verklaren? De ‘monade’ is de combinatie van de laatste twee ‘beginselen’ in de mens, het 6de en het 7de, en strikt genomen is de term ‘menselijke monade’ alleen maar van toepassing op de tweevoudige ziel (atma-buddhi) en niet slechts op haar hoogste geestelijke levenwekkende beginsel, atma. Maar omdat de geestelijke ziel, indien deze is gescheiden van laatstgenoemde (atma), geen bestaan – geen zijn – zou kunnen hebben, werd deze zo genoemd. . . . De monadische of liever kosmische essentie (als zo’n term is toegestaan) van het delfstoffen-, het planten- en het dierenrijk verschilt wat betreft de trap van ontwikkeling.
Het atoom, zoals dit wordt voorgesteld in de gebruikelijke wetenschappelijke hypothese, is niet een deeltje van iets, bezield door iets psychisch en bestemd om na eeuwigheden tot mens te groeien. Het is een concrete manifestatie van de universele energie die zelf nog niet is geïndividualiseerd; een reeks opeenvolgende manifestaties van de ene universele monas.
De Geheime Leer Deel I, Stanza 6 Vervolg (p. 226):
Het astrale licht staat in dezelfde betrekking tot akasa en anima mundi, als satan tot de godheid. Ze zijn een en hetzelfde, gezien vanuit twee standpunten: het geestelijke en het psychische – de bovenetherische of verbindende schakel tussen stof en zuivere geest – en het stoffelijke. Zie voor het verschil tussen nous, de hogere goddelijke wijsheid, en psyche, de lagere en aardse (Jacobus, iii, v. 15-17). Zie ook ‘Demon est Deus inversus’, in Afd. II van dit deel.
De Geheime Leer Deel I, Stanza 6 Vervolg (p. 236):
Het zojuist genoemde ‘WEZEN’, dat naamloos moet blijven, is de boom waarvan in de volgende eeuwen al de grote historisch bekende wijzen en hiërofanten, zoals de rishi Kapila, Hermes, Henoch, Orpheus, enz. zich als takken hebben afgescheiden. Als objectieve mens is hij de geheimzinnige (voor de oningewijden: de altijd onzichtbare) en toch altijd aanwezige persoon, over wie in het oosten, vooral bij de occultisten en de beoefenaars van de heilige wetenschap, de legenden algemeen verbreid zijn. Hij verandert van vorm en blijft toch altijd dezelfde. En hij is het ook die over de ingewijde adepten van de hele wereld geestelijke heerschappij uitoefent. Hij is, zoals gezegd, de ‘naamloze’ die zoveel namen heeft en van wie toch de namen en zelfs de aard onbekend zijn. Hij is de ‘Inwijder’ en wordt het ‘GROTE OFFER’ genoemd. Want, zittend op de drempel van het LICHT, kijkt hij vanuit de kring van de duisternis, die hij niet zal overschrijden, in dat licht en hij zal zijn post ook niet verlaten vóór de laatste dag van deze levenscyclus. Waarom blijft de eenzame Wachter op zijn zelfgekozen post? Waarom zit hij aan de bron van de oorspronkelijke wijsheid waaruit hij niet langer drinkt, omdat hij niets heeft te leren wat hij nog niet weet – inderdaad, noch op deze aarde, noch in haar hemel? Omdat de eenzame pijnlijk voortstrompelende pelgrims op hun weg terug naar huis tot het laatste ogenblik er nooit zeker van zijn dat zij niet zullen verdwalen in deze onmetelijke woestijn van illusie en materie die men het aardse leven noemt. Omdat hij graag aan iedere gevangene die erin is geslaagd zich te bevrijden van de boeien van het vlees en de illusie, de weg zou wijzen naar dat gebied van vrijheid en licht, waaruit hij zich vrijwillig heeft verbannen. Kortom, omdat hij zich heeft opgeofferd ter wille van de mensheid, al kunnen slechts enkele uitverkorenen van het GROTE OFFER profiteren.
Onder de rechtstreekse, stille leiding van deze MAHA– (grote) – GOEROE werden alle andere minder goddelijke leraren en instructeurs van de mens vanaf het eerste ontwaken van het menselijke bewustzijn de gidsen van de vroege mensheid. Van deze ‘zonen van god’ kreeg de jeugdige mensheid haar eerste kennis van alle kunsten en wetenschappen, alsmede van geestelijk weten; en zij legden de eerste steen van die oude beschavingen die onze huidige generatie van onderzoekers en geleerden zo verbijsteren.
239: Het werd tot leven gebracht, een gereed en volmaakt voertuig voor de zich incarnerende bewoners van hogere sferen, die terstond hun intrek namen in deze vormen, geboren uit de geestelijke WIL en de natuurlijke goddelijke kracht in de mens. Het was een kind van zuivere geest, verstandelijk zonder enig bijmengsel van aardse elementen. Alleen zijn lichamelijke omhulsel was van de tijd en van het leven, want het ontleende zijn verstand rechtstreeks aan het hogere. Het was de levende boom van goddelijke wijsheid en kan daarom worden vergeleken met de wereldboom van de Oud-Noorse legende, die niet kan verdorren en sterven voordat de laatste strijd van het leven is gestreden, terwijl de draak Nidhogg voortdurend aan zijn wortels knaagt.
Geheime Leer Deel I, Stanza 7 De voorvaderen van de mens op aarde (p. 266):
‘De godheid (de altijd onzichtbare Tegenwoordigheid)’, zegt de Zohar, ‘manifesteert zich door de tien sephiroth, die haar stralende getuigen zijn. De godheid is als de zee waaruit een stroom vloeit, WIJSHEID genaamd, waarvan de wateren uitmonden in een meer dat Intelligentie heet. Uit het bekken ontspringen de zeven sephiroth, als zeven kanalen. . . . Want tien is gelijk aan zeven: de decade bevat vier eenheden en drie tweevouden.’ De tien sephiroth komen overeen met de ledematen van de MENS. ‘Toen ik Adam Kadmon vormde’, laat men de Elohim zeggen, ‘schoot de geest van het Eeuwige uit zijn lichaam als een bliksemflits, die zich onmiddellijk verspreidde op de golven van de zeven miljoen hemelen, en mijn tien gloriën waren zijn ledematen.’ Maar men kan noch het hoofd noch de schouders van Adam Kadmon zien; daarom lezen wij in de Sephra Dzenioutha (het ‘Boek van het verborgen mysterie’):
267: De sephiroth van deze hoogste triade zijn: ‘1, kether (de kroon), voorgesteld door het voorhoofd van macroprosopus; 2, chochmah (wijsheid, een mannelijk beginsel), door zijn rechterschouder; en 3, binah (intelligentie, een vrouwelijk beginsel), door de linkerschouder’. Dan komen de zeven ledematen (of sephiroth) op de gebieden van manifestatie, terwijl het geheel van deze vier gebieden wordt voorgesteld door microprosopus (het kleine gezicht) of tetragrammaton, het ‘vierletterige’ mysterie. ‘De zeven gemanifesteerde en de drie verborgen ledematen zijn het lichaam van de godheid.’
274: Pas wanneer de mens – een potentiële androgyn – zich heeft gescheiden in een mannelijk en een vrouwelijk wezen, zal hem die bewuste redelijke individuele ziel (manas) worden geschonken, ‘het beginsel of de intelligentie van de Elohim’; om die te ontvangen, moet hij eten van de vrucht van kennis van de Boom van Goed en Kwaad. Hoe moet hij dit alles verkrijgen? De occulte leer zegt dat, terwijl de monade haar cyclus naar beneden in de stof doorloopt, deze zelfde Elohim – of pitri’s, de lagere Dhyan-Chohans – zich gelijkelijk met haar ontwikkelen op een hoger en meer geestelijk gebied; op hun eigen bewustzijnsgebied dalen ze ook relatief in de stof af, waarbij ze, als ze een bepaald punt hebben bereikt, de incarnerende redeloze monade zullen ontmoeten, die is opgesloten in de laagste stof; en door het vermengen van de twee potenties, geest en stof, zal dat aardse symbool worden voortgebracht van de ‘hemelse mens’ in de ruimte – DE VOLMAAKTE MENS.
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 3 Oorspronkelijke substantie en goddelijke gedachte (p. 368/369):
In de Sepher Jezireh, het kabbalistische boek van de schepping, heeft de schrijver kennelijk de woorden van Manu herhaald. Daarin stelt men het zo voor, dat de goddelijke substantie in eeuwigheid alleen heeft bestaan, grenzeloos en absoluut, en dat deze uit zichzelf de geest heeft uitgezonden13. ‘Een is de geest van de levende god, gezegend zij ZIJN naam, die eeuwig leeft! Stem, geest en woord, dit is de heilige geest14; en dit is de kabbalistische abstracte drie-eenheid, die door de christelijke kerkvaders zonder meer is vermenselijkt. Uit dit drievoudige ENE vloeide de hele Kosmos voort. Eerst kwam Uit EEN het getal TWEE voort, of lucht (de vader), het scheppende element; toen kwam het getal DRIE, water (de moeder), voort uit de lucht; ether of vuur voltooit de mystieke vier, de Arba-il15. ‘Toen de verborgene van de verborgenen zich wilde openbaren, maakte hij eerst een punt (het oorspronkelijke punt of de eerste sephiroth, lucht, of heilige geest), gaf er een heilige vorm aan (de tien sephiroth, of de hemelse mens) en bedekte het met een rijk en prachtig gewaad, dat de wereld is16.’
13) De gemanifesteerde geest; absolute goddelijke geest is één met absolute goddelijke substantie: Parabrahm en Mulaprakriti zijn in essentie één. Daarom zijn kosmische verbeeldingskracht en kosmische substantie in hun oorspronkelijke karakter ook één.
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 5 Over de verborgen godheid, haar symbolen en tekens (p. 384/385):
Dit is zo duidelijk als de oude esoterische geheimhouding het kon maken. Het is even kabbalistisch als, maar minder versluierd dan de Zohar, waarin de mystieke namen of eigenschappen ook woorden zijn met vier, twaalf, tweeënveertig en zelfs tweeënzeventig lettergrepen! Het Viertal toont aan Marcus de WAARHEID in de gedaante van een naakte vrouw, en geeft alle ledematen van die figuur letters; het noemt haar hoofd Ω, haar hals Ψ, schouders en handen Γ en Χ, enz. Hierin kan men gemakkelijk de Sephira herkennen, waarbij de kroon (kether) of het hoofd nummer één krijgt; het brein of chochmah 2; het hart of de intelligentie (binah) 3; en waarbij de andere zeven sephiroth de ledematen van het lichaam voorstellen. De boom van de sephiroth is het Heelal, en dit wordt in het westen door Adam Kadmon voorgesteld, zoals Brahmā dat in India doet.
388: Met de woorden van de Zohar: ‘Het ondeelbare punt, dat geen grens heeft en tengevolge van zijn zuiverheid en glans niet kan worden begrepen, zette zich van buitenaf uit en vormde een schittering die het ondeelbare punt tot sluier diende’: maar ook deze laatste ‘was niet te zien als gevolg van zijn onmetelijke licht. Ook deze zette zich van buitenaf uit en deze uitzetting was zijn kleed. Zo kwam door een voortdurende opheffende (beweging) tenslotte de wereld tot bestaan’ (Zohar I, 20a). De geestelijke substantie die door het oneindige licht wordt uitgezonden, is de eerste sephira of shekinah: exoterisch omvat Sephira alle andere negen sephiroth. Esoterisch omvat zij er maar twee, chochmah of wijsheid, ‘een mannelijk, actief vermogen, waarvan de goddelijke naam jah (יה) is’, en binah, een vrouwelijk, passief vermogen, intelligentie, weergegeven door de goddelijke naam Jehova (יהוה); deze twee vermogens vormen, met sephira als derde, de joodse drie-eenheid of de kroon, KETHER. Deze twee sephiroth, vader, abba en moeder, amona genoemd, zijn de duade of de tweeslachtige logos waaruit de andere zeven sephiroth voortkwamen. (Zie de Zohar.)
388/389: Deze eerste joodse triade (sephira, chochmah en binah) is de trimurti van de hindoes. Hoe sterk deze ook is versluierd, zelfs in de Zohar en nog meer in het exoterische pantheon van India, toch wordt elke bijzonderheid die met de ene is verbonden, herhaald in de andere. De prajāpati’s zijn de sephiroth. Samen met Brahmā zijn het er tien, en als de trimurti en de kabbalistische triade worden gescheiden van de rest, slinken ze tot zeven.
Deel I hoofdstuk 6 Het wereld-ei (p. 394):
Als men rekening houdt met deze cirkelvorm en met de ‘|’ die voortkomt uit de ‘’ of het ei, of het mannelijke uit het vrouwelijke in het androgyne, is het vreemd een geleerde te horen zeggen dat de oude Ariërs het tientallige stelsel niet kenden – omdat de oudste Indiase handschriften geen spoor daarvan vertonen. Omdat 10 het heilige getal van het heelal was, was het geheim en esoterisch, zowel de één als de nul, of zero, de cirkel. Bovendien zegt professor Max Müller dat ‘de beide woorden cipher (nul) en zero, die hetzelfde betekenen, afdoende bewijzen dat onze cijfers van de Arabieren zijn overgenomen’. Cipher is het Arabische ‘cifron’ en betekent leeg, een vertaling van het Sanskrietwoord voor niets, ‘śūnya’, zegt hij.
Deel I, hoofdstuk 7 De dagen en nachten van Brahmâ (p. 409):
Terwijl de occultisten uit het oosten zeven manieren van interpretatie hebben, hebben de joden er maar vier – namelijk de werkelijk-mystieke, de allegorische, de morele en de letterlijke of pashut. De laatstgenoemde is de sleutel van de exoterische kerken en is geen bespreking waard. Hier volgen een aantal zinnen die, als men ze leest met behulp van de eerste of mystieke sleutel, de onderlinge gelijkheid laten zien van de grondslagen van de opbouw van elke Schrift. Zij komen voor in het voortreffelijke boek van T. Myer over de kabbalistische boeken die hij goed schijnt te hebben bestudeerd. Ik citeer woordelijk. ‘B’raisheeth barah elohim ath hashamayem v’ath haa’retz' – d.w.z. ‘In het begin schiep(en) de god(en) de hemelen en de aarde’; (wat betekent:) de zes sephiroth van de opbouw10, waarboven B’raisheeth staat, behoren allen Beneden. Het schiep er zes (en) op deze berusten alle dingen. En die zijn afhankelijk van de zeven vormen van de schedel, tot aan de waardigheid van alle waardigheden. En de tweede ‘aarde’ blijft buiten beschouwing en daarom is er gezegd: ‘En uit haar (die aarde), die de vloek onderging, kwam zij voort.’ . . . ‘Zij (de aarde) was zonder vorm en leeg; en duisternis was over het aangezicht van de diepte, en de geest van de elohim . . . ademde (me’ racha ’phath) – d.w.z. zweefde, hing boven, bewoog zich. . . . Dertien berusten op dertien (vormen) van de waardigste waardigheid. Zesduizend jaren berusten op (worden genoemd in) de eerste zes woorden. Het zevende (duizendtal, het millennium) boven haar (de gevloekte aarde) is dat wat sterk is uit zichzelf. En zij werd in twaalf uur (een . . . Dag) geheel verwoest, zoals er staat geschreven. . . . In het dertiende zal Zij (de godheid) alles herstellen . . . en alles zal worden hernieuwd zoals tevoren; en al die zes zullen voortduren . . . enz.’ (Qabbalah, blz. 233, uit Siphrah Dzeniuta, hfst. i, par. 16, s. 9.)
10) De ‘bouwers’ uit de stanza’s.
411: Ze zijn het zevenvoudige eerste Wortelras, dat vóór Adam (of vóór het derde, gescheiden Ras) kwam. Omdat zij schaduwen waren, en zonder verstand (zij hadden nog niet gegeten van de vrucht van de Boom van Kennis), konden zij de parguphim niet zien, of ‘het ene gezicht kon het andere niet zien’ (de oorspronkelijke mensen waren onbewust); ‘daarom stierven de oorspronkelijke (zeven) koningen’, d.w.z. zij werden vernietigd (zie Sepherah Djenioutha).
Deel I, hoofdstuk 8 De lotus als universeel symbool (p. 416):
In dit denkbeeld moeten wij de oorsprong en de verklaring zoeken van het vers in de joodse kosmogonie dat luidt: ‘En God zei: Laat de aarde voortbrengen . . . de vruchtboom die vrucht draagt naar zijn aard, en waarvan het zaad daarin is.’ In alle oorspronkelijke religies is de ‘zoon van de vader’ de scheppende god – d.w.z. zijn zichtbaar gemaakte gedachte; en vóór het christelijke tijdperk werd de drie-enige godheid, van de Trimurti van de hindoes tot de drie kabbalistische hoofden uit de geschriften zoals de joden die verklaren, in de allegorieën van alle volkeren volledig omschreven en bevestigd. Deel I, hoofdstuk 9 De maan, deus lunus, phoebe (p. 428):
‘De oude wijzen hadden geen naam, geen denkbeeld en geen symbool voor de eerste Oorzaak. Bij de Hebreeën was de indirecte opvatting ervan neergelegd in een uitdrukking die aangeeft dat deze niet is te begrijpen – namelijk Ain-Soph of het Onbegrensde. Maar het symbool van de eerste begrijpelijke manifestatie ervan was het beeld van een cirkel met zijn middellijn . . . (zie de Proloog van Deel 1, Afdeling 1) om tegelijk een meetkundig, fallisch en sterrenkundig denkbeeld uit te drukken . . . want de één komt voort uit de nul of de cirkel en zou zonder deze niet kunnen bestaan, en uit de één, of de oorspronkelijke één, komen de negen cijfers en meetkundig alle vlakke figuren voort. Zo is in de Kabbala deze cirkel met zijn middellijn het teken van de tien sephiroth of emanaties, die de Adam Kadmon, de archetypische mens samenstellen, de scheppende oorsprong van alle dingen. . . .
429: Bij andere volkeren typeerde het getal zeven de theogonische evolutie, cyclussen, kosmische gebieden en de zeven krachten en occulte vermogens in de Kosmos – een grenzeloos geheel, waarvan de eerste, bovenste driehoek voor het eindige verstand van de mens onbereikbaar was. Terwijl andere volkeren zich dus, tengevolge van hun gedwongen beperking van de Kosmos tot Ruimte en Tijd, alleen bezighielden met het zevenvoudige gemanifesteerde gebied ervan, brachten de joden dit getal uitsluitend met de maan in verband en baseerden al hun heilige berekeningen erop.
Deel I, hoofdstuk 10 Boom, slang- en krokodilverering (p. 445):
Zo waren de boom en de slang in het begin van hun gemeenschappelijke bestaan als teken van het onsterfelijke Zijn, werkelijk goddelijke beelden. De boom was omgekeerd, en zijn wortels ontsprongen aan de hemel en groeiden uit de wortelloze wortel van het al-zijn. Zijn stam groeide en ontwikkelde zich en doorkruiste de gebieden van pleroma; hij liet zijn weelderige takken kruisgewijs groeien, eerst op het gebied van nauwelijks gedifferentieerde stof en dan naar beneden tot zij het aardse gebied bereikten. Zo zegt de Bhagavadgita dat de Asvattha, de boom van Leven en Zijn, waarvan slechts de vernietiging tot onsterfelijkheid leidt, met zijn wortels omhoog en zijn takken naar beneden groeit (hfst. xv). De wortels stellen het opperwezen of de eerste Oorzaak, de logos voor; maar men moet boven deze wortels uitgaan om zich met Krishna te verenigen die, zoals Arjuna zegt (xi), ‘groter is dan Brahman en de eerste Oorzaak, . . . het onvernietigbare, dat wat is, niet is en deze twee te boven gaat’. Zijn takken zijn Hiranyagarbha (Brahmā of Brahman in zijn hoogste manifestaties, zeggen Sridhara en Madhusūdana), de hoogste Dhyan-Chohans of deva’s. De Veda’s zijn zijn bladeren. Alleen hij, die boven de wortels uitgaat, zal nooit terugkeren, d.w.z. zal tijdens deze ‘eeuw’ van Brahmā niet meer reïncarneren.
De Geheime Leer Deel I hoofdstuk 13 De zeven scheppingen (p. 490):
In de Sepher Jezirah, het kabbalistische boek van de schepping, heeft de schrijver kennelijk de woorden van Manu herhaald. Daarin wordt het zo voorgesteld, dat alleen de goddelijke substantie door alle eeuwigheid heeft bestaan, grenzeloos en absoluut, en de geest uit zichzelf heeft uitgezonden. ‘Eén is de geest van de levende God, gezegend zij zijn naam, die eeuwig leeft! Stem, geest en woord, dit is de Heilige Geest.’ (Sepher Jezireh, hfst. 1, Mishna, ix.) En dit is de kabbalistische abstracte drie-eenheid, die door de kerkvaders zonder omhaal werd geantropomorfiseerd. Uit dit drievoudige ENE emaneerde de hele Kosmos. Uit EEN emaneerde eerst het getal TWEE, of lucht, het scheppende element; en toen kwam het getal DRIE, water, voortgekomen uit lucht; ether of vuur voltooien de mystieke vier, de Arba-il (ibid.). In de oosterse leer is vuur het eerste element – ether is de synthese van het geheel (omdat hij ze alle omvat).
De Geheime Leer Deel I hoofdstuk 8 Leven, kracht of zwaartekracht (p. 591):
Dit is de levensboom, de Aśvatthaboom; alleen na het omhakken hiervan kan de slaaf van leven en dood, de MENS, vrij worden.
Maar de wetenschappers weten niets, en willen ook niets horen over het ‘zwaard van kennis’, dat door de adepten en asceten wordt gebruikt. Vandaar de eenzijdige opmerkingen van de ruimst denkenden onder hen, die zijn gebaseerd op en voortvloeien uit het overdreven belang dat wordt gehecht aan de willekeurige vertakkingen en onderverdeling van de natuurwetenschap. Het occultisme schenkt er weinig aandacht aan en de natuur nog minder. De hele reeks natuurverschijnselen komt voort uit de oorsprong van de ether – akâsa, evenals het tweevoudige akâsa voortkomt uit de zogenaamde ongedifferentieerde Chaos. Deze laatste is het primaire aspect van Mūlaprakriti, de wortelstof en het eerste abstracte denkbeeld dat men zich van Parabrahman kan vormen. De hedendaagse wetenschap kan haar hypothetisch opgevatte ether op zoveel manieren verdelen als ze wil; de werkelijke aether van de Ruimte zal altijd blijven zoals hij is.

Herman De Ley Antieke Wijsbegeerte: van Thales tot Augustinus.
3.1. Zoals velen, ongetwijfeld, van zijn geloofsgenoten (volgens Philoon zelf leefden er in zijn tijd meer dan een miljoen joden in Alexandrië, wat allicht wel wat overdreven was), was Philoon cultureel verregaand gehelleniseerd. Als zodanig was hij goed thuis in de Griekse literatuur en filosofie. Anderzijds, hoewel hij op wat losse woorden na het Hebreeuws niet machtig was, was hij als jood vertrouwd met de joods-hellenistische Bijbelexegese. De basis daarvoor zou vanaf de 3de eeuw de Griekse Bijbelvertaling, de zgn. Septuaginta, vormen: volgens de legende was zij het werk van 70 (of 72) joodse geleerden, in Alexandrië, die het werk in tweeënzeventig dagen zouden geklaard hebben. Hoewel mogelijk in de eerste plaats ontstaan ten behoeve van het niet-joodse publiek, was de Septuagint vrijwel onmiddellijk het voorwerp geworden van rationaliserende interpretaties vanwege gehelleniseerde joden. (28) Een aantal làte boeken van de Bijbelverzameling, zoals bekend, werden, eveneens in Alexandrië, rechtstreeks in het Grieks geschreven.

H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel II, Stanza 4 Schepping van de eerste rassen (p. 104):
104: Wat hun vormgevers of ‘voorvaderen’ betreft – die engelen die volgens de exoterische legenden aan de wet gehoorzaamden – deze moeten identiek zijn met de barhishad-pitri’s, of de pitar-devata’s, d.w.z. zij die in het bezit waren van het stoffelijke scheppende vuur. Zij konden voor de menselijke monaden slechts hun eigen astrale zelf scheppen, of beter gezegd deze daarmee bekleden, maar zij konden de mens niet maken naar hun beeld en gelijkenis. ‘De mens moet niet zijn zoals een van ons’, zeggen de scheppende goden die zijn belast met het vormen van het lagere dier, maar hoger (zie Gen. en Plato’s Timaeus). Dat zij de gelijkenis van de mens uit hun eigen goddelijke essentie schiepen, betekent esoterisch dat zij het waren die het eerste Ras werden, en dus in zijn lot en verdere evolutie deelden.
106/107: De Asen van Scandinavië, de heersers van de wereld die aan de onze voorafging, van wie de naam letterlijk betekent de ‘zuilen van de wereld’, haar ‘stutten’, zijn dus identiek met de Griekse kosmocratores, de ‘zeven werklieden of bestuurders’ van Pymander, de zeven rishi’s en pitri’s van India, de zeven Chaldeeuwse goden en zeven boze geesten, de zeven kabbalistische sephiroth, samengevat in de bovenste triade, en zelfs de zeven planeetgeesten van de christelijke mystici. De Asen scheppen de aarde, de zeeën, het uitspansel en de wolken, de hele zichtbare wereld, uit de overblijfselen van de verslagen reus Ymir; maar zij scheppen niet de MENS, maar alleen zijn vorm uit de ask of esseboom. Odin schenkt hem het leven en een ziel, nadat Lodur hem bloed en beenderen had gegeven, en tenslotte verschaft Hönir hem zijn verstand ( manas ) en zijn bewuste zintuigen. De Noorse ask, de es van Hesiodus, waaruit de mensen van het bronzen tijdperk, het derde Wortelras, voortkwamen en de tzite-boom van de Popol Vuh, waaruit het Mexicaanse derde mensenras werd geschapen, zijn alle dezelfde. Dit is voor iedere lezer duidelijk te zien. Maar wie van de westerse geleerden kan de occulte reden meedelen, waarom de Noorse Yggdrasil, de Asvattha van de Hindoes, de Gogard, de Helleense levensboom en de Tibetaanse Zampun één zijn met de kabbalistische sephirothboom, en zelfs met de door Ahura Mazda gemaakte heilige boom, en de boom van Eden? Niettemin zijn de vruchten van al die ‘bomen’, hetzij Pippala of Haoma, of wel de meer prozaïsche appel, in waarheid en werkelijkheid de ‘levensplanten’. De oervormen van onze rassen lagen alle besloten in de microkosmische boom, die groeide en zich ontwikkelde binnen en onder de grote macrokosmische wereldboom13; en het mysterie wordt half onthuld in de Dirghotamas, waar wordt gezegd: ‘Pippala, de zoete vrucht van die boom waarop geesten komen die de wetenschap liefhebben en waar de goden alle wonderen verrichten.’ Evenals in de Gogard, woont tussen de weelderige takken van al die wereldbomen de ‘slang’. Maar terwijl de macrokosmische boom de slang van de eeuwigheid en van de absolute wijsheid zelf is, zijn zij die in de microkosmische boom wonen, de slangen van de gemanifesteerde wijsheid. De ene is het Een en het Al, de andere zijn de weerspiegelde delen ervan. De ‘boom’ is natuurlijk de mens zelf, en de slangen die erin wonen, het bewuste manas, de verbindende schakel tussen geest en stof, hemel en aarde.
13) Plato’s ‘Timaeus’.
De Geheime Leer Deel II, Edens slangen en draken (p. 241):
Als het alleen licht was, niet-actief en absoluut, dan zou het menselijke denkvermogen het niet kunnen waarderen of zelfs beseffen. Schaduw is dat, wat het licht in staat stelt zich te manifesteren en wat het objectieve werkelijkheid geeft. Daarom is schaduw niet iets kwaads, maar het noodzakelijke en onmisbare gevolg, dat het licht of het goede volledig maakt:
zij is de schepper ervan op aarde.
242: Volgens de opvattingen van de gnostici zijn deze twee beginselen onveranderlijk licht en schaduw, want goed en kwaad zijn feitelijk één en hebben in alle eeuwigheid bestaan, en ze zullen altijd blijven bestaan zolang er gemanifesteerde werelden zijn.
Dit symbool verklaart de verering door deze sekte van de slang, als de Verlosser; gekronkeld om het offerbrood of om een tau, het fallische embleem. Als eenheid zijn Ennoia en Ophis de logos. Als ze zijn gescheiden, is de ene de Boom van het leven (geestelijk), de andere de Boom van kennis van goed en kwaad. Daarom zien we dat Ophis het eerste mensenpaar – het stoffelijke voortbrengsel van Ilda-Baoth, dat echter zijn geestelijke beginsel te danken had aan Sophia-Achamoth – aanspoort van de verboden vrucht te eten, hoewel Ophis de goddelijke wijsheid voorstelt.
De slang, de boom van kennis van goed en kwaad, en de boom van het leven zijn symbolen die van Indiase bodem werden overgeplant. De arasamaram, de waringinboom, die voor hindoes zo heilig is (omdat Vishnu tijdens een van zijn incarnaties onder zijn machtige schaduw rustte en daar menselijke filosofie en wetenschappen onderwees), wordt de boom van kennis en de boom van het leven genoemd. Onder het beschermende gebladerte van deze koning van de wouden geven de goeroes hun leerlingen de eerste lessen over de onsterfelijkheid en wijden hen in de mysteriën van leven en dood in.
243: Zo weinig hebben de eerste christenen (door wie de joden van hun bijbel werden beroofd) de esoterische betekenis van de eerste vier hoofdstukken van Genesis begrepen, dat zij nooit bemerkten dat met deze ongehoorzaamheid niet alleen geen zonde werd bedoeld, maar dat de ‘slang’ in werkelijkheid ‘de Heer God’ zelf was, die evenals de Ophis, de logos of de drager van goddelijke, scheppende wijsheid, aan de mensheid leerde op hun beurt scheppers te worden29. Zij hebben nooit beseft dat het kruis zich heeft geëvolueerd uit de ‘boom en de slang’ en zo de verlossing van de mensheid werd. Hierdoor zou het het eerste fundamentele symbool van de Scheppende Oorzaak worden, toepasbaar op de meetkunde, op getallen, op de sterrenkunde, op maten en op dierlijke voortplanting. Volgens de Kabbala kwam de vloek over de mens bij het vormen van de vrouw30. De cirkel werd gescheiden van zijn middellijn.
29) De lezer wordt eraan herinnerd dat in de Zohar en ook in alle kabbalistische boeken wordt beweerd dat ‘Metatron verenigd met Shekinah’ [of Shekinah als de sluier (genade) van Ain-Soph] die de logos voorstelt, de boom van kennis zelf is; terwijl Shamaël – het duistere aspect van de logos – alleen de schors van die boom bewoont, en alleen de kennis van het KWADE heeft. Zoals Lacour, die in het schouwspel van de val (hfst. iii, Genesis) een voorval zag dat tot de Egyptische inwijding behoorde, zegt: ‘De boom van de waarzeggerij of van de kennis van goed en kwaad . . . is de wetenschap van Tzyphon, de genius van de twijfel; Tzy is onderwijzen en phon is twijfel. Tzyphon is een van de aleim; we zullen hem straks tegenkomen onder de naam Nach, de verleider.’ (Les OEloim, Deel II, blz. 218.) Hij staat nu bij de kenners van de symboliek bekend onder de naam JEHOVA.
30) Dit is de opvatting die alle kerkvaders hebben aanvaard, maar het is niet de werkelijke esoterische leer. De vloek begon niet bij het vormen van man of vrouw, want hun scheiding was een natuurlijk gevolg van de evolutie, maar bij het overtreden van de wet (zie boven).
244: De allegorie van Adam, die van de ‘boom van het leven’ wordt verdreven, betekent esoterisch dat het pas gescheiden Ras misbruik maakte van het mysterie van het leven en dit neerhaalde naar het gebied van dierlijkheid en bestialiteit. Want zoals de Zohar aantoont, is Matronethah (Shekinah, symbolisch de vrouw van Metatron), ‘de weg tot de grote boom van het leven, de machtige boom’, en Shekinah is goddelijke genade. Deze boom reikt volgens de uitleg tot in het hemelse dal en is verborgen tussen drie bergen (de bovenste triade van de beginselen in de mens). Van deze drie bergen verheft de boom zich omhoog (de kennis van de adept streeft naar de hemel) en daalt dan weer af (in het ego van de adept op aarde).
Deze boom wordt overdag geopenbaard en is ’s nachts verborgen, namelijk geopenbaard aan een verlicht denkvermogen en verborgen voor de onwetendheid, die nacht is. (Zie Zohar, I, 172, a en b.) ‘De boom van kennis van goed en kwaad groeit uit de wortels van de boom van het leven.’ (Toel.) Maar ook: ‘In de Kabbala is duidelijk te vinden dat ‘de boom van het leven’ het ansatakruis in zijn seksuele aspect was, en dat de ‘boom van kennis’ de scheiding en het weer samenkomen was om de noodlottige voorwaarde te vervullen. De waarden van de letters die het woord otz (עץ), boom, vormen, zijn 7 en 9; de zeven is het heilige vrouwelijke getal en de negen het getal van de fallische of mannelijke energie. Dit ansatakruis is het symbool van de Egyptische vrouw-man, Isis-Osiris, het kiembeginsel in alle vormen, gebaseerd op de eerste manifestatie, die in elke richting en in elke betekenis kan worden toegepast32.
32: ‘The Source of Measures’.
De Geheime Leer Deel II, hoofdstuk 19 Is pleroma de legerstede van Satan? (p. 583/584):
De eerste mens Adam werd slechts tot een levende ziel (nephesh) gemaakt, de laatste Adam tot een levendmakende geest6 – zegt Paulus, waarbij zijn woorden betrekking hebben op de bouw of de schepping van de mens. Zonder deze levendmakende geest, of het denkvermogen of de ziel van de mens zou er geen verschil zijn tussen een mens en een dier, zoals er in feite ook geen verschil is tussen dieren wat hun handelingen betreft. De tijger en de ezel, de havik en de duif zijn alle even zuiver en onschuldig, omdat ze niet verantwoordelijk zijn. Elk volgt zijn instinct: de tijger en de havik doden met dezelfde onbekommerdheid als waarmee de ezel een distel eet, of de duif een graankorrel oppikt. Als de val de betekenis had die de theologie eraan geeft; als die val plaatshad als gevolg van een daad die nooit door de natuur was bedoeld – een zonde, hoe staat het dan met de dieren? Als men ons vertelt dat zij hun soort voortplanten tengevolge van diezelfde ‘erfzonde’ waarvoor God de aarde – en dus ook alles wat erop leefde – vervloekte, zullen we een andere vraag stellen. De theologie en ook de wetenschap zeggen ons dat het dier veel eerder op aarde was dan de mens. Dan vragen wij aan de theologie: hoe plantte het dier zijn soort voort, voordat de vrucht van de boom van kennis van goed en kwaad was geplukt? Zoals gezegd: ‘De christenen – die veel kortzichtiger waren dan de grote mysticus en bevrijder van wie zij de naam hebben aangenomen, van wie zij de leringen verkeerd hebben begrepen en er een karikatuur van hebben gemaakt en van wie zij de nagedachtenis door hun daden hebben beklad – namen de joodse Jehova zoals hij was, en streefden er natuurlijk tevergeefs naar om het evangelie van licht en vrijheid in overeenstemming te brengen met de godheid van duisternis en onderwerping.’ (War in Heaven7.)
588: De weg naar de boom van het eeuwige leven, de witte haōma, de gaokerena, gaat van het ene uiteinde van de aarde naar het andere; en haōma is zowel in de hemel als op aarde. Maar om er weer een priester van te worden en een genezer, moet de mens zichzelf genezen voordat hij anderen kan genezen.
Dit bewijst nogmaals dat de zogenaamde ‘mythen’, als men ze tenminste bij benadering enig recht wil doen, nauwkeurig in al hun aspecten moeten worden onderzocht. Inderdaad moet elk van de zeven sleutels op de juiste plaats worden gebruikt en nooit met de andere worden verward, indien we de hele cyclus van mysteriën willen onthullen. In onze tijd van troosteloos zieldodend materialisme zijn de oude priesteringewijden volgens onze geleerden een synoniem voor handige bedriegers geworden, die de vuren van het bijgeloof aanblazen om gemakkelijker macht over het denken van de mensen te krijgen. Dit is ongefundeerde laster, voortgekomen uit scepticisme en liefdeloze gedachten. Niemand geloofde sterker in goden – of laten wij ze de geestelijke en nu onzichtbare krachten of geesten, de noumena van de verschijnselen noemen – dan zij; en ze geloofden juist omdat ze wisten. Indien ze, als ingewijden in de mysteriën van de Natuur, waren gedwongen hun kennis aan niet-ingewijden te onthouden, die deze stellig zouden hebben misbruikt, dan was een dergelijke geheimhouding ontegenzeglijk minder gevaarlijk dan de gedragslijn van hun overweldigers en opvolgers. De eerstgenoemden onderwezen slechts wat zij goed wisten. De laatstgenoemden, die onderwijzen wat zij niet weten, hebben als veilige haven voor hun onwetendheid een jaloerse, wrede godheid uitgevonden, die de mens op straffe van verdoemenis verbiedt in zijn mysteriën te snuffelen.
De Geheime Leer Deel II, hoofdstuk 24 Het kruis en het Pythagorische tiental (p. 667/668):
‘De waarde van het kruis’, zegt Massey, ‘als christelijk symbool dateert zoals men veronderstelt uit de tijd toen Jezus Christus werd gekruisigd. En toch komt er in de ‘christelijke’ iconografie van de catacomben tijdens de eerste zes of zeven eeuwen geen menselijke figuur aan het kruis voor. Alle vormen van het kruis zijn daar aanwezig behalve deze – het veronderstelde uitgangspunt van de nieuwe religie. Dat was niet de eerste maar de eindvorm van het crucifix13. Gedurende ongeveer zes eeuwen na het begin van de christelijke jaartelling ontbreekt de grondslag van de christelijke religie in de vorm van een gekruisigde Verlosser in de christelijke kunst volledig! De oudst bekende vorm van de menselijke figuur aan het kruis is het crucifix dat door paus Gregorius de Grote werd geschonken aan koningin Theodolinde van Lombardije, en dat zich nu in de kerk van de H. Johannes te Monza bevindt, terwijl er geen beeld van de Gekruisigde in de catacomben van Rome wordt aangetroffen dat ouder is dan dat van San Giulio, en dat behoort tot de zevende of achtste eeuw. . . . Er is geen Christus en geen Gekruisigde; het kruis is de Christus zoals het stauroskruis een beeld en een naam van Horus, de gnostische Christus, was. Het kruis, niet de gekruisigde, is het wezenlijke in de kunst afgebeelde object en het voorwerp van verering in de religie ervan. De kiem van alle groei en ontwikkeling kan tot het kruis worden teruggevoerd. En dat kruis is voorchristelijk en heidens in een half dozijn verschillende vormen. De cultus begon met het kruis, en Julianus had gelijk toen hij zei dat hij ‘oorlog met het X’ voerde dat, zoals hij blijkbaar geloofde, door de agnostici en mytholators was overgenomen om er een onmogelijke betekenis14 aan te geven. Eeuwenlang stelde het kruis de Christus voor, en werd het aangeroepen alsof het een levend wezen was. Het werd eerst goddelijk gemaakt en tenslotte vermenselijkt.’
14) Zo was het, en het kon niet anders zijn. Julianus (de keizer) was een ingewijde, en als zodanig kende hij heel goed de ‘mysteriebetekenis’, zowel de metafysische als de fysieke.
668: Weinig wereldsymbolen zijn meer beladen met echte occulte betekenis dan de swastika. Ze wordt gesymboliseerd door het cijfer 6; want ze wijst evenals dat cijfer in haar concrete uitbeelding, als het ideogram van dat getal, naar het zenit en het nadir, naar het noorden, zuiden, westen en oosten; men vindt de eenheid overal, en die eenheid weerspiegeld in alle eenheden en elke eenheid. Het is het embleem van de activiteit van fohat, van de voortdurende omwenteling van de ‘wielen’ en van de vier elementen, de ‘heilige vier’, in hun mystieke en niet alleen in hun kosmische betekenis; verder zijn de vier rechthoekig omgebogen armen, zoals elders is aangetoond, nauw verbonden met de pythagorische en hermetische talstelsels. Wie is ingewijd in de mysteriën van de betekenis van de swastika, zeggen de Toelichtingen, ‘kan daarop met wiskundige nauwkeurigheid de evolutie van de Kosmos en het hele tijdperk van Sandhya volgen’, evenals ‘de relatie van het zichtbare tot het onzichtbare’, en ‘de eerste voortplanting van mens en soort’.
Voor de oosterse occultist wordt de boom van Kennis in het paradijs van het eigen hart van de mens de boom van het eeuwige leven, en heeft niets te maken met de dierlijke zinnen van de mens. Het is een absoluut mysterie, dat zich slechts openbaart door de inspanning van het gekerkerde manas en het ego om zich te bevrijden uit de slavernij van zintuiglijke waarneming en te zien in het licht van de ene eeuwige tegenwoordige werkelijkheid. Voor de westerse kabbalist en nu nog veel meer voor de oppervlakkige kenner van de symboliek, die is opgevoed in de dodelijke atmosfeer van de materialistische wetenschap, is er maar één hoofdverklaring van de mysteriën van het kruis – het seksuele element ervan. Zelfs de moderne, overigens spiritualistische commentator ziet deze karaktertrek in het kruis en de swastika vóór alle andere.
De Geheime Leer Deel II, hoofdstuk 25 De mysteriën van het zevental (p. 682/683):
‘De pythagorische wereld’, zegt Plutarchus (in De anim. procr., 1027) ‘bestond uit een dubbel viertal’. Deze uitspraak bevestigt wat er werd gezegd over de keuze door de exoterische theologieën van de lagere Tetraktis. Want: ‘Het viertal van de verstandelijke wereld (de wereld van mahat) is t’agathon, nous, psyche, hyle; terwijl dat van de waarneembare wereld (van de stof)
– die eigenlijk is wat Pythagoras met het woord Kosmos bedoelde – vuur, lucht, water en aarde is. De vier elementen staan bekend onder de naam rizomata, de wortels of beginselen van alle gemengde lichamen’, d.w.z. de lagere Tetraktis is de wortel van de illusie van de wereld van de stof; en dit is het tetragrammaton van de joden en de ‘geheimzinnige godheid’ waarover de hedendaagse kabbalisten zoveel drukte maken!
684: Op het getal zeven baseerde Pythagoras zijn leer over de harmonie en muziek van de sferen, waarbij hij de afstand van de Maan tot de Aarde ‘een toon’ noemde, van de Maan tot Mercurius een halve toon, vandaar naar Venus hetzelfde; van Venus tot de Zon 1 1/2 toon; van de Zon tot Mars één toon; vandaar tot Jupiter een halve toon; van Jupiter tot Saturnus een halve toon; en vandaar tot de Dierenriem (Dodecaëder) één toon; in totaal zeven tonen – de diapason harmonie. Alle melodie van de natuur is in die zeven tonen, en wordt daarom ‘de stem van de Natuur’ genoemd.

Blavatsky, De Geheime Leer Deel III, (p. 110):
De voornaamste figuren van Pythagoras zijn het vierkant (de tetraktys), de gelijkzijdige driehoek, het punt in de cirkel, de kubus, de drievoudige driehoek. Porphyrius stelt, aangehaald door Moderatus of Gades, dat de zinnebeelden van Pythagoras al duizenden jaren vóór hem in Indië bekend waren.
398: Alle Wereld-Redders, de Bodhisattva’s en de Avatâra’s, zijn de bomen van redding die uit het ene zaad, het Bîja of ‘Mahâ Vishnu’, gegroeid zijn. Of het nu Âdi-Buddha (Oorspronkelijke Wijsheid) of Mahâ Vishnu wordt genoemd, maakt niets uit. Esoterisch opgevat is Vishnu zowel Saguna als Nirguna (met en zonder eigenschappen).
399: (echter tekst overgenomen uit de Bhagavad Gita van René Meijer):
(5) De fortuinlijke zei: 'Er bestonden in het verleden vele geboorten van mijn karakter, net zoals van jou, mijn beste Aily; ik ken ze allemaal en identificeer mezelf ermee, maar jij doet dat kennelijk niet, o winnaar van het debat! (6) Ik mag dan bovenzinnelijk zijn, ongeboren van aard, een onvergankelijke ziel die de Heer over allen is, maar niettemin verschijn ik, vanuit mijn toppositie, in den vleze als een verhulling van mezelf. (7) O zoon der Veelen, waar en wanneer er ook maar een afname is van de rechtschapenheid en het onrecht overweegt, manifesteer ik mezelf op dat moment. (8) Opdat zij die dorsten naar de waarheid een leven mogen hebben en de onverlaten een halt wordt toegeroepen, verschijn ik generatie na generatie ten tonele met de bedoeling de weg van de menselijke principes van de waarheid, de zuiverheid, de boete en het geweldloze mededogen opnieuw te vestigen. (9) Een ieder die weet heeft van dit geboorte nemen van mij en waar ik voor sta, zal, zich afkerend van het lichaam als zijnde het ware zelf, niet opnieuw verstrikt raken maar zich verheugen in mijn liefde, beste Aily.
439: Heelal: De verbinding van duizend elementen, en toch de uitdrukking van één enkelen geest, een chaos voor de zinnen, een Kosmos voor de rede.
De mystieke tienheid [van Pythagoras] (1 + 2 + 3 + 4 = 10) is een wijze om het denkbeeld van de emanatie in het heelal weer te geven.

Grace F. Knoche boek Theosofie in de Qabbalah hoofdstuk De tien sêfîroth in verschillende vormen

Boek van de schepping (zoeken: Titel 'Sefer Yetsirah' en Auteur: 'Kirsten van Dijkhuizen'), hoofdstuk 2:1 Three Mothers:
Om de drie Moeders weer op te noemen is niet nodig. Daarvoor verwijzen we je naar 1:2 Three Mothers. De 3 moederletters zijn de G´ddelijke these-antithese-synthese structuur. Dit gegeven staat in de Sefer Jetsiràh centraal, omdat de these-antithese-synthese het basisdrietal zijn. These staat gelijk met het non-verbale bewustzijn Chochmah (Wijsheid). Antithese staat gelijk met het verbale bewustzijn Binah (Intelligentie) en de synthese staat gelijk met Kether (Kroon):

Basis drietalDe Sefiroth Deel I, p. 228:De 3-EenheidKenmerken
TheseNon-verbale ChochmahG´d de VaderMen begreep G´d en Zijn Verbond niet.
   Hier lijkt het alsof G´d de Vader non-verbaal is.
AntitheseVerbale BinahYeshua HaMessiah/Maar G´d werd verbaal door Zijn Zoon Yeshua
  het WoordHaMessiah te sturen die ook wel het Woord genoemd wordt.
   Door het Woord, Yeshua HaMessiah, werden G´ds bedoelingen verbaal.
SyntheseKetherDe Heilige GeestHet Woord ging weer terug naar de Vaderen de Heilige Geest kwam
   daarvoor in de plaats. De Heilige Geest zorgt ervoor
   dat wij de goede richting inslaan in het geloof.
UnificatietheorieKompaskwadrant:Drie aanzichten: Filognosie:, boek De Ether Bestaat!
RuimteKwalitatieve as2e Top down en Bottom upFilosofie en EthiekI Methode en Wetenschap
MaterieKwantitatieve as1e Segulier en RegulierPsychologie en SociologieIII Persoon en Politiek
TijdVerticale as3e Analyse en OntwerpKompaskwadrant en CultuurII Analyse en Spiritualiteit

Popper definieerde de "Drie werelden theorie". Jurgen Habermas benoemde drie domeinen van de werkelijkheid. De theosofie onderzoekt het trio wetenschap, filosofie en religie.

Triade These + Antithese = Synthese (1 + 1 = 3):Spinoza:Popper:Habermas:Theosofie:
Monade; Monotheïsme; Monisme; Het Ene; Een Lied van GelukGodConceptenSubjectiefReligie
Duade; Dualisme; Dualiteit; Geest-stof; Aantrekking en AfstotingNatuurNatuurwetenschapObjectiefWetenschap
Triade; Christendom, Triniteit; Hegeliaanse filosofie ErvaringIntersubjectiefFilosofie

Twee denkstromingen die eerder een poging hebben gedaan het Lichaam-geestprobleem (kip-en-eiprobleem) te verklaren zijn het monisme en het dualisme. De middenweg van Spinoza's Deus sive natura (God of Natuur) lijkt op een neutraal monisme. Het is wenselijk de vicieuze cirkel van het Hoe of Wat (of-of) denken te doorbreken. Het kan komen doordat zij in een kringverhouding tot elkaar staan: zonder A kan B niet tot stand komen, maar zonder B ontstaat A niet.

Samenvatting (Knower, Knowing, and Known)

Voor de complementariteit van Bohr wordt nu het begrip dualiteit van 'Golven en Deeltjes' (wave-particle duality) gebruikt. Dit geldt zowel voor een elektron als een foton. Fotonen (φοτος, photos=licht) ("lichtdeeltjes") zijn een verschijningsvorm van elektromagnetische straling. Afhankelijk van de gebruikte meetopstelling zal straling (een vorm van energie) zich voordoen als golven of als een stroom van massaloze deeltjes, de fotonen. Een foton is een voorbeeld van een kwantum. Een foton is de kleinst mogelijke eenheid van licht.
Een biofoton (kwantum biologie) betreft in elk geval fotonen van kortere golflengte dan die welke het lichaam in het diepe infrarood uitstraalt volgens de Wet van Planck vanwege zijn temperatuur.
Corresponding to most kinds of particles, there is an associated antiparticle with the same mass and opposite electric charge.

Voor (bio)fotonen geldt hetzelfde als voor neutronen, moleculen, synapsen, gedachten en gevoelens ze verschijnen en verdwijnen.
Het is het zelfbewustzijn, het reflexieve bewustzijn dat mensen kenmerkt. Voor het zelfbewustzijn speelt het spiegelneuron een cruciale rol.

Stelling: Zo epigenetica 'nature en nurture' verbindt zo leggen de memen (Weltstoff) een relatie tussen de genen van het DNA en de hersencellen (neuronen), tussen genetica en celbiologie. Gedachten en gevoelens, ratio en emoties, sluiten elkaar niet uit maar vullen elkaar aan. Het monadische bewustzijn brengt onze ziel of tussennatuur voort.

De zevenvoudige hiërarchie (bewustzijnsniveaus, zintuigen, Wilber-Combs-rooster), de verstrengelde hiërarchie van het bewustzijn zijn de schakel tussen 'Geestkunde en Natuurkunde'. Het reflexieve bewustzijn, het samenspel van de linker – en de rechterhersenhelft, is voor het creëren van balans verantwoordelijk.

De geschiedenis leert dat personen als Socrates en Jezus Christus, die aan de kant van het volk staan, juist het slachtoffer worden van een politieke moord. Als het slecht gaat zoeken de ‘daders’ een ‘zondebok’. Om zelf buiten schot te blijven treedt het zondebokmechanisme in werking. Juist diegenen die niet corrupt zijn worden opgeofferd.

Radha Burnier Zelfbeheersing en beschaving (Theosofia 112/3, augustus 2011)
Het principe van zelfbeheersing is overal in de natuur, in de groei van het lichaam en van het denkvermogen in werking te zien. Het manifesteert zich als beperkingen, ingesteld door de natuur om orde en evenwicht te bewaren.
Het geweld van de orkanen Rita en Katrina zou, volgens sommige bekende wetenschappers, de mensen bewust hebben moeten maken van het gevaar van klimaatverandering, maar er zijn mensen die weigeren te geloven dat menselijke activiteiten het klimaat kunnen veranderen en zij willen de verschijnselen graag toeschrijven aan cyclische schommelingen, wat kan duiden op de spreekwoordelijke struisvogelpolitiek.

Stelling: Zaken lopen mis wanneer in de politiek de moraal buiten het verkoopverhaal wordt gehouden. Of met andere woorden daar waar het meeste behoefte aan is wordt in de struisvogelpolitiek het minste aandacht aan besteed.

Het is allemaal minder complex dan het lijkt. De moraal van het verhaal draait om ‘Goed en Kwaad’, ‘Belonen en Straffen’. Maar de geschiedenis leert dat het oplossen van het vraagstuk van ‘Goed en Kwaad’ uiterst complex is. De afgelopen decennia hebben te veel managers zich met het doorschuiven van problemen bezig gehouden. De hamvraag is of je voor 'oplossen of doorschuiven' van problemen riant wordt beloond? De in de afgelopen decennia door de overheid breed ondersteunde marktwerking is de kern van veel vraagstukken. Door het stuur uit handen te geven los je geen problemen op. Marktdenken berust enkel op het principe van belonen en straffen. Het verdeelt de wereld in winners en losers.

De Wet van Eén impliceeert dat er maar één hoofdroute is. De fundamentele waarheid is dat er maar één oneindige Schepper, een oerbron is. De geschiedenis leert dat het voor de mensheid mogelijk is het 5D-concept experimenteel vast te stellen. Er is maar van één scheppingsgolf, één eeuwige cybernetische kringloop sprake. De ‘Law of One’ heeft op het verschijnsel karma (zaaien en oogsten), de 2e grondstelling van de theosofie betrekking. Er is niets nieuws onder de zon.

De toekomst ligt in het verleden besloten (Zaaien en Oogsten). Wanneer je haat zaait zul je geen liefde oogsten. De evolutie van de mensheid (de gemanifesteerde werkelijkheid) op macroschaal, die op de psyche van de anonieme massa berust, creëert op aarde golfbewegingen (bv. Biogeochemische cyclus, Epigenetica, Conjunctuurgolf, Kondratiev-cyclus). Alles wat gebeurt, is altijd historisch. De geschiedschrijving (Akasha-kronieken) legt de macro evolutie vast. In elke cel van ons lichaam, en dat van andere levende wezens, bevindt zich een geweldig rijk archief. Het boek Mens tussen hemel en aarde van Willem Schulte Nordholt laat het euvel zien dat we nog steeds niet bereid zijn van de geschiedenis te leren. De geschiedenis is de vrucht van de innerlijke wereld. Maar is het wetenschappelijk bezien interessant dat door ‘trial and error’ bestuur het wiel steeds opnieuw wordt uitgevonden? Het rapport ‘E i V’ behandelt het thema Meta-leren. De kredietcrisis is het gevolg van de creatie van een fantasiewereld en leert dat het 'Geven en Ontvangen' volledig in onbalans is geraakt.

Cosmogenesis is the origin and development of the cosmos. This term "Cosmogenesis" was used by Helena P. Blavatsky to describe the content of Volume I of her two-volume The Secret Doctrine, published in 1888; volume II was called "Anthropogenesis" or the origin of humanity. Cosmogenesis is the term also used by the French Jesuit Priest and Scientist Pierre Teilhard de Chardin to describe the cosmological process of the creation of the Universe. Other processes included biogenesis and Noögenesis, culminating in an Omega Point
This principle, which describes the creation of the universe, can be detected in the Tao Te Ching (Daode Jing) as well.

Het is voor abrahamitische religies gemakkelijker oude afgesleten paden te blijven bewandelen, dan gezamenlijk te kiezen voor de ‘Gulden middenweg’. Is er een andere weg om het autisme te doorbreken?

In het rapport Eenheid in Verscheidenheid worden de contouren geschetst hoe probleem en oplossing met elkaar samenhangen. De oplossing van het ééndimensionale marktdenken ‘u vraagt, wij draaien’ heeft een psychologische (Deel IV), een sociologische (Deel V) en een filosofische (Deel VI en VII) dimensie (drievoudige evolutie ‘Stoffelijk - Psychisch - Geestelijk’). Om op het vraagstuk van geestesstoornissen een antwoord te vinden draait het om de onderlinge verwevenheid van biologische, psychologische en sociale factoren.

Om een cultuuromslag te realiseren gaat het uiteindelijk om een integrale denktrant (de samenhang tussen de domeinen van de alfa-, béta- en gammawetenschappers) die het parochiale denken, de symboolpolitiek van het ’eigen koninkrijkje’, het probleem van het ego overstijgt. Het probleem van het ego (twéé kanten van een medaille), de Unificatietheorie omvat de Theorie van alles, de oplossingsrichting (Axis mundi), die in De Geheime Leer van Blavatsky wordt uitgewerkt. De Theorie van alles heeft op de evolutie van onze zielen, die uiteindelijk in het omegapunt zullen convergeren, betrekking.

Stelling: Alleen een interdisciplinaire grensoverschrijdende benadering, een integrale denktrant, de synthese van de alfa-, béta- en gammawetenschappen brengt de Theorie van alles een stapje verder.

Interview Jan Derksen, klinisch psycholoog ‘Emoties zie je niet op een scan’ (Volkskrant 26 februari 2011)
Processen in de hersenen maken onderdeel uit van de biopsychosociale hutspot die wij allemaal zijn.
Wat zegt neuroloog Jan van Gijn (Volkskrant 19 februari 2011), na veertig jaar neurologische praktijk? Onbegrepen pijnklachten, zoals buikpijn en rugklachten, verklaar je niet met scans. Daarvoor moet je het verhaal, de privéomstandigheden van de patiënt kennen. Dat is een verhaal vol emoties en gevoelens. Die zie je niet op een scan.
Voorwoord: Aanvankelijk was Jan van Gijn ook 'afgericht' als orgaandokter. Pas later begon hij te beseffen dat de geneeskunde het dogma van de scheiding van lichaam en geest overboord moet zetten. Het besef moet nog groeien of je nu vanuit de wetenschap of de religie naar de éne werkelijkheid kijkt het beeld blijft hetzelfde. Hokjesgeest heeft tot gevolg dat we ons slechts op een kant van de medaille concentreren. Door een kant te negeren komen we zeker niet tot begrip. Om de éne werkelijkheid te leren begrijpen kan van het kompaskwadrant gebruik worden gemaakt. Het model maakt het mogelijk de zienswijzen in verschillende wetenschappelijke disciplines te integreren, een unificatie van de monadische -, verstandelijke – en stoffelijke evolutie tot stand te brengen.

In de systeemleer staat de ‘4’ voor het terugkoppelingsmechanisme, dat op de invoer, de verwerking en de uitvoer volgt. De hemelse ‘1 2 3’ ontstaat wanneer de aardse ‘4’, het terugkoppelingsmechanisme stabiliteit creëert. Een tipje van de sluier wordt opgelicht. De driehoek van Pythagoras is nog steeds actueel. Het ultieme ordeningsprincipe, de negentropie is al millennia bekend.

Vedas say: subject is transcendental, while object is either different (material) or of same category - spiritual: "The Absolute Truth is both subject and object, and there is no qualitative difference there. .. In the relative world the knower is different from the known, but in the Absolute Truth both the knower and the known are one and the same thing." [8]

Kennis ontstaat door de integratie (Gnosis) van knower, het proces van knowing en know. Het samenvallen van de triade correleert met de uitspraak van Robbert Dijkgraaf dat de mens slechts een onmisbare schakel in de ultieme cirkelredenering is.
De waarnemer en het waargenomene zijn uiteindelijk één en hetzelfde. Robert Dijkgraaf duidt met de mens als schakel tussen wetenschap en natuur op het fenomeen van waarnemer en waargenomene. Net als Simon Vinkenoog plaatst hij de mens in de ultieme cirkelredenering centraal.

De Geheime Leer Deel II, Edens, slangen en draken (p. 230):
Maar dit is niet het Eden uit Genesis; en ook niet de kabbalistische Hof van Eden. Want het eerstgenoemde – Eden Illa-ah – is in één betekenis wijsheid, een toestand zoals die van nirvana, een paradijs van gelukzaligheid; terwijl het in een andere betekenis betrekking heeft op de verstandelijke mens zelf, die het Eden bevat waarin de boom van de kennis van goed en kwaad groeit: op de mens als kenner (knower, knowing, and known) daarvan.

Wim van den Dungen boek Levensboom (Sepher Yetzirah):
Deze Naam (YHVH) verdeelt het licht. Dit betekent dat T een 'universele sleutel tot creativiteit' is. Dit betekent dat Tetragrammaton een 'universele sleutel tot creativiteit' is. Een 'getetragrammatoniseerd' bewustzijn is een 'Goddelijk bewustzijn'.
Indien we 'sepher' met ruimte en 'sephar' met tijd vergelijken, dan betreft 'sippur' (of 'communicatie') de 'quintessense' of 'vijfde dimensie' (in De Geheime Leer: Sepher, Saphar en Sipur of ‘door middel van getal, getallen en getelden’).

De Triade symboliseert de eenheid der tegendelen (Complementariteit).
Atma-Buddhi-Manas (Geest, hogere ongemanifesteerde Zelf) in de mens wordt door de drie Logoi {'Vader, Zoon en Heilige Geest' of 'Brahma, Vishnu en Shiva' (‘Scheppen, Onderhouden en Vernietigen’) of 'Isis, Osirus en Horus'} in de Kosmos weerspiegeld (Weerkaatsing, Toverlantaarn, Tetragrammaton). Alles in het universum ontstaat als gevolg van de interacties van polaire tegenstellingen, de dualiteit in de gemanifesteerde werkelijkheid.

De ‘le grand agent magique’ van Eliphas Levi correleert met de ongrijpbare patronen, schakelnetwerken van Prof. van Peursen en met de spiegelneuronen van Marco Iacoboni.

Plaatje „Der Körper als Spiegel der Seele“ (tot slot)

De levensboom en de boom van goed en kwaad geven samen een weerslag van de blauwdruk van de schepping en van de wetmatigheden die ten grondslag liggen aan het ontstaan, zich voordoen en voorbijgaan van alle verschijnselen. De complementariteit tussen de twee bomen toont de wetmatigheid achter alle inspanningen, blokkades, op- en neergaande bewegingen, successen en mislukkingen.

Het Ether-paradigma en het 5D-concept worden naast elkaar gebruikt en passen in een 5Ddenkraam. Het Ether-paradigma heeft als vertrekpunt de materie, elektromagnetisme, QED en de relatieve ether van René Meijer. Het 5D-concept belicht de 5e Dimensie vanuit een filosofisch perspectief. Het is net als met Geest en Lichaam, hemel en aarde, Zo boven, Zo beneden, top down en bottom up, deductief en inductief. Het zijn de twee complementaire kanten van een medaille, die beide de kwintessens tot uitdrukking brengen. Of met andere woorden het Ether-paradigma begint bij 4 en eindigt bij 5 en het 5D-concept begint bij 5 en eindigt bij 4.

De Kwintessens brengt de ‘Eeuwige wederkeer’ (Perennial philosophy, Sanātana Dharma) tot uitdrukking. Het volgen van dharma heeft betrekking op het pad van het menselijke welzijn in de ruimste zin. Het Boeddhisme maakt in plaats van het Akasha-veld (ruimte) van het begrip Dharma (beweging) gebruik. De cybernetica biedt een perspectief om de chaos te beheersen. Het is mogelijk 4D (karma) met 3D te verbinden. Omgekeerd 3D (Dharma) bepaalt 4D.

De levensboom staat voor de ruimte met 10 eigenschappen. De 11e is Ain-Soph die voor de oerbron, het Bronbewustzijn, het vertrekpunt Alpha staat. De Snaartheorie maakt van het spiegelbeeld van de Levensboom gebruik.

De aardse ziel staat tegenover de hemelse geest, het innerlijke bewustzijn tegenover het universele bewustzijn, het Akasha-veld. Het gaat er om de verbinding tussen de aardse ziel en de hemelse geest, de wisselwerking tussen de materiële wereld en de geestelijke wereld te verdiepen.

Geheime Leer Deel III (p. 646): Het hart is het middelpunt van het geestelijke bewustzijn, evenals de hersenen het middelpunt van het verstandelijke bewustzijn vormen. De kern schuilt in het hart. Het zijn vooral de emoties en niet de ratio die de wereld regeren. De evolutie komt geen stap verder zolang opportunistische politici de kern van spiritualiteit buiten hun verkoopverhaal houden.

Heijerman, Jacobs, Korthals & Wouters boek Praktische filosofie (p. 126):
Nietzsche’s aanklacht tegen de moderne westerse cultuur geldt het soort mens dat deze cultuur heeft voortgebracht en nog steeds produceert: het kuddedier, de massamens.
De moderne tijd is er een van vluchtigheid en toenemende desintegratie: ..en het ijs dat ons draagt is zeer dun geworden. Onzekerheid en verwarring, ziekelijk gericht zijn op zichzelf, het opgaan in de roes of het toneelspelen, de vlucht in het consumentisme en uiteindelijk de zelfmoord zijn de voornaamste uitingsvormen van dit algehele gebrek aan zelfrespect. Daartoe ontwikkelt hij het project van de levenskunst ofwel, om met de Franse filosoof Michel Foucault te spreken, een ‘zorg voor zichzelf’. Deze zelfzorg bestaat uit een combinatie van negatieve en positieve vrijheid. Nietzsche bepleit losmaking van die conventies (negatieve vrijheid) en het zoeken van een eigen weg (positieve vrijheid).

Cultuuroverdracht laat zien hoe we moeten leren. 'Vmbo'ers leren niet hoe ze moeten leren' (Volkskrant 7 december 2009).
Petra Tasseron: ‘Onze ervaring als ouders van twee dochters op vmbo-basis/kader is dat ze niet leren hoe ze moeten leren. Ze lopen vier jaar rond met een lege agenda en raken eraan gewend dat er geen huiswerk gemaakt wordt. Zo kweek je vanzelf hangjongeren'.
G. Verhoef: 'Het probleem is niet dat ze niet leren leren. Het probleem is dat ze niet leren, ze kunnen er onderuit, het hoeft niet per se'.
De als het maar leuk is cultuur in het onderwijs is een rem op het leveren van echte prestaties. De vraag kan worden opgeworpen in hoeverre heeft de Commissie Parlementair Onderzoek Onderwijsvernieuwingen'' onder voorzitterschap van Jeroen Dijsselbloem echt een aanzet tot vernieuwing van het onderwijs gegeven?

Onderwijsvernieuwing: Toch ziet het er niet naar uit dat er komende week schuldigen worden aangewezen. Als de Kamer debatteert over het rapport (februari 2008) van de commissie Dijsselbloem over de onderwijsvernieuwingen van de afgelopen twintig jaar.
„De overheid heeft haar kerntaak, het zeker stellen van deugdelijk onderwijs, ernstig verwaarloosd”, zo luidde de hoofdconclusie. Maar dat is te wijten aan een ‘collectief falen’ van toenmalige bewindspersonen en Kamerleden. „Uithuilen en opnieuw beginnen”, zei voorzitter van de commissie Jeroen Dijsselbloem (PvdA) twee maanden geleden bij de presentatie van zijn rapport. En daar blijft het bij?

De ether definitie van Jan Börger representeert het basismechanisme, ’Complementariteit en Gebroken symmetrie’. Om dit mechanisme weer te geven kan het kernkwadrant met de 'positieve- en negatieve as' van Daniel Ofman worden gebruikt. De simpele voorstelling van het kernkwadrant is een handig model om de complexe interacties tussen 'Geest en Lichaam' te duiden. Of met andere woorden, de schakel, de ziel (tussennatuur), de wisselwerking tussen geest en substantie kan met behulp van 'Âtma-Buddhi en Kama-Manas' in een kwadrant (Tussenliggende viertal) of Swastika (Solve et Coalgula) worden weergegeven.

Om een cultuuromslag te realiseren gaat het uiteindelijk om een integrale denktrant (de samenhang tussen de domeinen van de alfa-, béta- en gammawetenschappers) die het parochiale denken, de symboolpolitiek van het ’eigen koninkrijkje’ overstijgt.

De universele polariteit is voor een levenskunstenaar van bijzondere betekenis. Voor een gelukkig, harmonisch en succesrijk leven zijn ideale liefdesbetrekkingen met een partner onontbeerlijk. Zij berusten op het oeroude besef dat iedere genezing een zelfgenezing is. Een proces dat zich in het bewustzijn voltrekt.

Plutarchus onderscheidt de lagere en hogere Tetraktis (Deel II p. 682), de aardse en hemelse Tetraktis (p. 688). Samen vormen deze de lemniscaat (Lorenz Attractor), die het aardse met het hemelse verbindt.

De goddelijke synthese wordt door de Drie-eenheid, Logoi, Eon (Aeon, Aion) tot uitdrukking gebracht. Het complementariteitsprincipe staat voor de gulden middenweg.

Het universele bewustzijn (eenheidsbewustzijn) in de schepping maakt het voor de mensheid mogelijk het goddelijke bewustzijn te weerspiegelen (spiegelsymmetrie, weerkaatsen).

De 1e, 2e en 3e Logos corresponderen met de punten (2), (3) en (4) van de samenvatting van Blavatsky De Geheime Leer Deel I, p. 46). Het punt (1) van Blavatsky verwijst naar de éne Werkelijkheid, Ain-soph. Deze samenvatting van Blavatsky beschrijft de Hogere Tetraktis (Tetragrammaton).

Zie ook:

Boeken:

Externe Links

<< vorige || volgende >>

Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 528 keer bekeken.