| Deze filognostische presentatie is in aanbouw |
4.1 Het leerproces
Plato: De ware aard der dingen wordt door onze woorden niet onthuld maar verhuld.
Geometrie zal de ziel naar de waarheid leiden.
Plato: Ideeën regeren de wereld.
Stelling van Plato: Alle kennis is herinnering.
Plato’s motto: God gaat meetkundig te werk.
Plato (Platonische lichamen, Blauwdruk, Evolutie en Involutie, Mimesistheorie, Leerproces)
De basis van elk leerproces is: Wat moeten we aan Wie, Wanneer en Hoe leren, en Waarom vinden we dat?
Plato onderscheidt in zijn Faidros (Phaedrus 246A ff., 253C ff.) drie aspecten van de menselijke ziel die hij vergelijkt met een wagenmenner achter een tweespan. Zowel de menner als wel de twee (gevleugelde) paarden zijn onderdeel van de tripartite ziel. Deze drie onderdelen zijn (in verschillende transcripties veelal hetzelfde):
- De menner, de logos of noes (nous) (intellect, het redenerende en kennende deel)
- Het nobele paard, de thumos, thumoeides (passie, wil, doorzettingsvermogen)
- Het weerspannige paard, epithumia, epithumetikon (trek, lust, driftleven)
In de Staat, een dialoog die begint met het zoeken naar de definitie van 'rechtvaardigheid', wordt de 'ideale' staat beschreven.
Plato verdeelde de werkelijkheid in twee zijnssferen, materie en geest met als schakel de ziel. Het Antahkarana, nous legt de imaginaire verbinding tussen epithumia en thumos.
‘Het huwelijk is een valse belofte’ (interview Wilma de Rek Volkskrant 21 januari 2012)
Waar komt ons verlangen naar versmelting vandaan?
‘Ja, dat is Plato hè. Die heeft ons maar mooi op een dwaalspoor gezet. In Het Symposium laat hij de komedieschrijver Aristofanes uitleggen waarom de macht van de liefde zo groot is: Zeus heeft de mensen, die ooit met zijn tweeën één geheel vormden, doorgesneden en sindsdien zijn we allemaal
wanhopig op zoek naar onze wederhelft. Hij wordt bedankt! Maar Plato heeft óók gezegd dat de liefde moet worden begrepen als een verlangen naar het ware en het goede. De liefde voor een persoon werkt als een katalysator, waardoor je in een bepaalde geestesgesteldheid komt die je op het pad van het ware en schone zet.
Wederhelft
Volgens het scheppingsverhaal van de Griekse filosoof Plato schiep Zeus de mens oorspronkelijk met vier armen, vier benen en twee gezichten. Maar de Griekse oppergod werd bang dat hij hiermee de mensen te machtig had gemaakt en zij de hemel zouden bestormen. Daarom maakte Zeus de mensheid zwakker door hen allemaal in tweeën te delen. Sindsdien is ieder mens op zoek naar zijn oorspronkelijke wederhelft om weer compleet te zijn.
James M. Pryse Apocalypse ontsluierd / een esoterische uitleg van de Openbaring van Johannes (p. 9):
Anderen geven echter het viervoudige systeem, zoals Philolaos de Pythagoreër, die de zetel en kiem (archê) van de rede in het hoofd plaatst, dat van het psychische principe in het hart, dat van groei en ontkieming in de navel, en dat van zaad en voortplanting in de geslachtsorganen.
Naud van der Ven
Ik noem dat vooruitgang. En die vooruitgang hebben we mede te danken aan het sloopwerk van Nietzsche. Ik ben het daarom niet eens met de filosoof Paul van Tongeren, die laatst in Trouw stelde dat er in de filosofie geen vooruitgang is en dat wij geen stap verder zijn gekomen dan Plato. Juist wel, zou ik zeggen, en gelukkig maar. We pikken het niet meer dat we met die platonische schijnbewegingen het bos in gestuurd worden. Het doorprikken van zogenaamde Eeuwige en Absolute Waarheid, zoals Nietzsche deed, is vooruitgang van de eerste orde.
It is possible that the Pythagoras tree would make very useful fractal antennas with only minor tweaking. This assumption is based on its very high Hausdorff dimension.
Het zelfbewustzijn, dat meta-leren mogelijk maakt, kan als een recursiefproces worden opgevat. Het universum (universele quintessens) creëert een levend wezen dat in staat is zichzelf te aanschouwen en te reguleren. Het universum kijkt als het ware op een bewust niveau naar zichzelf. De in het brein, het geheugen opgeslagen informatie kan opnieuw worden geprojecteerd. We zijn aan onze eigen perceptie, het eigen perspectief overgeleverd. Het reflexieve ik, het zelfbewustzijn ondergaan we niet alleen als een ontologisch gegeven, maar veeleer als een fenomenologisch feit.

Plato's Ideeën wereld
Marsilio Ficino INLEIDING TOT DE POLITEIA (p. 519):
Timaios zegt dat God de Schepper daar rustte, toen Hij de schepping tot stand had gebracht, door zich in Zijn eigen bewustzijn terug te trekken. Vervolgens iets over de 'idea' van het absolute zelf. Die 'idea', dat wil zeggen de individuele vorm van alle dingen die zich onderling naar soort laten onderscheiden, wordt voortgebracht in de substantie van de wereld van het intellect, waar het ene zijn als kennis wordt vastgehouden, of ook wel als een soort wonderbaarlijke intelligentie die ver verheven is boven de intelligentie van de denkende geest. In die causale substantie ontvangen alle schepselen het licht van bewustzijn en van daaruit ontvangen zij tevens de beginselen die aan alle vormen ten grondslag liggen. Van daaruit ontvangen zij ook de structuur van hun denkvermogen samen met alle regels die de beweging van het scheppingsproces beheersen. Via deze vorm van de denkende geest verdicht het scheppingsproces zich vervolgens via de zintuiglijke waarneming tot het opvangen van de weerspiegeling van de oorspronkelijke 'idea' (die dus in fysieke vorm weerkaatst wordt) om tenslotte te belanden bij alle vormen van zaad en uiteindelijk bij de meest grove aardse materie zelf.
De Politeia wordt veelal beschouwd als Platoons belangrijkste werk en niet zelden wordt uitsluitend van dit werk kennis genomen in een poging om Platoons 'leer' te leren kennen. In het in deze serie als inleiding tot de Timaios vertaalde en afgedrukte artikel van Prof. C.M. Turbayne, Plato's fantastic appendix, stelt de schrijver dat zowel de Politeia als de Timaios moet worden gezien als een uitgewerkte vergelijking, waarbij de Politeia als een model fungeert voor de Timaios. Hij zegt dat beide geschriften vergelijkenderwijs een mensbeeld trachten op te roepen; de Politeia door de ideale mens te vergelijken met het functioneren van een ideale staat en Timaios door de mens te vergelijken met de Kosmos. De Politeia behandelt gezondheid en ziekte van de geest en de Timaios gezondheid en ziekte van het lichaam; de mens dus als staat-in-het-klein, als microkosmos. In beide dialogen legt Platoon het 'micro' onder een vergrootglas en maakt er 'macro' van om er aldus beter naar te kunnen kijken. Hij vergroot het mensbeeld dat hem werkelijk bezighoudt.
W.T.S. Thackara Plato over intelligent ontwerp: Waarheid, Schoonheid en het Goede
Bij het grondig doorlezen, enkele maanden geleden, van een internet-forum over intelligent ontwerp, kreeg ik een ongewone bijdrage onder ogen van David Alexander met als titel: ‘Is schoonheid niet meer dan Darwins boze droom?’ Daarin schrijft hij:
Vaak wordt er aangevoerd . . . dat het bestuderen van Darwins theorie aan biologen moet worden overgelaten; dat het louter een zaak is van empirische, afgeleide kennis die aan deskundigen moet worden overgelaten. Maar het komt mij voor dat Darwins theorie in strijd is met een belangrijk principe dat door de Westerse beschaving wordt aanvaard, Socrates’ drie-eenheid, het geloof in de essentiële eenheid van het goede, het schone, en het ware, en, als dat zo is, dan is ze in strijd met een opvatting die wordt gehuldigd als wijsheid, het domein van primaire kennis die voor iedereen toegankelijk is, en waarvoor iedereen de verantwoordelijkheid heeft om deze te cultiveren, en niet alleen het domein van een groep gespecialiseerde vakmensen.
Het onderzoek voert algauw naar een ‘probleem dat ongetwijfeld nooit zal ophouden te bestaan’: In welke relatie staat het Ene tot het vele, en het oneindige tot het eindige? Deze vraag zou in moderne wetenschappelijke termen kunnen worden gesteld door te vragen hoe een schijnbaar kenmerkloze enkelvoudigheid zich ontwikkelde tot een veelsoortig universum. Om de discussie te verankeren aan de grondslagen van de fysica en de metafysica, wijst Socrates er vervolgens op dat er tussen alle dualiteiten een verbindingspunt is dat vaak over het hoofd wordt gezien of genegeerd.
In de Philebus doet Plato geen poging aan te tonen dat intelligent ontwerp losstaat van het feit dat orde, symmetrie en schoonheid in de natuur bestaan. Evenmin staat hij lang stil bij een veronderstelde oorzaak of middelaar die het geordende universum ‘maakt’ (de ‘demiurg’ van de Timaeus), maar wijst veeleer op iets veel fundamentelers en abstracters – de Idee van het Goede – dat alle categorieën van het Zijn te boven gaat, waarvan niettemin de essentie alle levende wezens bezielt, het vele tot een Eenheid verbindt, en het eindige met het oneindige (op.cit. §16c).
Een vroege uitgever van de Dialogen gaf de Philebus als ondertitel ‘Over ethische genoegens’, waarmee hij het belang van de ethiek onderstreepte, die evenals waarheid, schoonheid en het goede niet los gedacht kan worden van elke effectieve poging om de grote mysteriën van het leven te leren kennen. De huidige materialisten nemen al te gemakkelijk aan en verzekeren dat ‘er geen leven na de dood is . . . geen uiteindelijke basis voor ethiek’ – een zienswijze die Plato in de Gorgias verwerpt, omdat dit impliceert dat de dood de fundamentele ontsnappingsmogelijkheid is uit persoonlijke verantwoordelijkheid. Ik denk dat deze kwestie de basis vormt van de controverse tussen materialisme en intelligent ontwerp, wat niet meer is dan een schermutseling in de onfortuinlijke strijd tussen zelfzuchtige macht (‘macht is recht’) en het altruïstische principe dat persoonlijke macht opgeeft voor het welzijn van anderen.
Verder poneert Plato het bestaan van een vijfde element, de dodecaëder of kwintessens waar de kosmos zelf van gemaakt zou zijn. Het gaat hier om een ruimtelijke figuur met 12 vijfhoekige vlakken, 20 hoekpunten en 30 ribben die Plato toewijst aan de hemelen met de 12 constellaties.[20] Timaeus behandelt ook de muziektheorie, in het bijzonder de constructie van de Pythagoreïsche toonladder. Het laatste deel van de dialoog gaat over het scheppen van mensen en beschrijft hun ziel, anatomie, zintuigen en de zielsverhuizing.
Pythagoras en na hem Philo Judaeus beschouwden het getal 12 als heel heilig. ‘De dodecaëder is een volmaakt getal.’ Het is het getal van de tekens van de Dierenriem, voegt Philo eraan toe, die de zon in twaalf maanden bezoekt, en het is ter ere van dat teken dat Mozes zijn volk in twaalf stammen verdeelde, de twaalf koeken (Levit. xxiv, 5) van het toonbrood instelde en twaalf edelstenen plaatste rond het gewaad van de hogepriesters. (Zie De Profugis.)
Volgens Seneca onderwees Berosus het voorspellen van elke toekomstige gebeurtenis en ramp op basis van de Dierenriem; en de door hem vastgestelde tijd voor de grote wereldbrand (pralaya) en die voor een zondvloed blijken overeen te stemmen met de tijd die wordt gegeven in een oude Egyptische papyrus. Die tijd komt bij elke vernieuwing van de cyclus van het siderische jaar van 25.868 jaar. De namen van de Akkadische maanden werden genoemd naar en ontleend aan de namen van de tekens van de Dierenriem, en de Akkadiërs zelf waren er veel eerder dan de Chaldeeën. Proctor toont in zijn Myths and Marvels of Astronomy aan, dat de sterrenkundigen van de oudheid in 2400 v.Chr. een heel nauwkeurig sterrenkundig stelsel hadden verkregen; de hindoes rekenen hun kaliyuga vanaf een grote periodieke conjunctie van de planeten, die 31 eeuwen vóór Christus plaatsvond; en toch waren het de Grieken die behoorden tot de veldtocht van Alexander de Grote, die de Arische hindoes in de sterrenkunde zouden hebben onderwezen!
Waarvoor dit object diende blijft tot vandaag een mysterie, een open vraag. De Griekse filosofen beschrijven de dodecaëder als een meetkundig lichaam en als een symbool voor het universum. Maar geen enkele klassieke auteur licht ons in over een mogelijk gebruik ervan. Sommige auteurs uit de middeleeuwen en de renaissance wijzen op het gebruik van de dodecaëder als dobbelsteen waarmee men de toekomst voorspelde. Nadien zijn er nog talloze verklaringen geformuleerd: wapenknots, scepterknop, speeltuig, kaarshouder, kalibermeter, meesterwerk, mythisch-religieus symbool of landmeetkundig instrument. Tot nog toe blijft het bij veronderstellingen.
Wat is het verband tussen: Plato, astrologie, romeins, Tongeren en twaalf?
De oplossing is dat er in het Gallo-Romeins museum in Tongeren een dodecaeder (twaalfvlak) te zien is uit de 2e eeuw. De dodecaeder is één der vijf mogelijke regelmatige veelvlakken, ontdekt door Plato. Men onderstelt dat hij gebruikt werd om, via de stand van de zon, de geëigende tijd voor het zaaien te bepalen. Een astronomische waarneming dus. Ik onderstel dat de makers van de quiz - zoals nog meer voorkomt - het onderscheid tussen astrologie en astronomie niet appreciëren.
Prof. Frans Cerulus (emeritus gewoon hoogleraar)
Pim Lemmens (kies Cursus Het voordeel van de twijfel):
Een van de grondideeën van de filosofie van Plato is dat van de ideeënwereld, een wereld buiten de direct waarneembare wereld waar we toch op de een of andere manier toegang toe hebben en waar alle denkbare objecten in hun volmaakte vorm onstoffelijk aanwezig zijn. Dank zij die objecten kunnen we dingen herkennen, ook al hebben we ze nog nooit gezien, of nog nooit op die manier gezien. Door de objecten in de ideeënwereld kennen we de natuurlijke soorten (planten, dieren en andere verschijnselen). Een idee in de ideeënwereld representeert een hele soort en een enkele soort komt overeen met maar één idee, omdat ideeën volmaakt zijn. Als er twee verschillende representanten zouden zijn van een en dezelfde soort dan zouden die niet allebei volmaakt kunnen zijn. Door ons contact met de ideeënwereld kunnen we dingen ontdekken die niet direct zichtbaar zijn in de wereld van alledag (reflectie). En aan de volmaakte vormen ontlenen we ook ons wiskundig inzicht. Dat de verhouding tussen de diameter van een cirkel en de omtrek de waarde van het getal pi heeft is niet iets dat we zelf verzonnen hebben, maar dat vastligt in de volmaakte cirkel, in de ideeënwereld. En tenslotte, hoe komen wij aan het begrip volmaaktheid en ons gevoel voor het volmaakte als we dat niet aan de ideeënwereld ontlenen?
De geest, het subject, is dus in staat om de ware aard van de stof, het object, te kennen door tussenkomst van het oordeelsvermogen.
Hoewel Darwin's Evolutietheorie een relatief jong archetype is, bestaat het evolutionaire wereldbeeld zelf al sinds de oudheid. Griekse filosofen in de oudheid, zoals Anaximander, postuleerden een ontwikkeling van leven uit niet-leven en de evolutionaire afkomst van de mens uit dieren. Charles Darwin voegde slechts iets nieuws toe aan een oude filosofie - een plausibel mechanisme genaamd "natuurlijke selectie". Natuurlijke selectie werkt om voordelige genetische mutaties te behouden en te accumuleren. Het model van de systeembenadering wordt gebruikt om de Triade van de Natuurlijke eenheid met de Tetrade van de Natuurlijke Selectie te verbinden. Bij levensprocessen draait het om de Weltstoff van Teilhard de Chardin, de memen van Richard Dawkins, de geest-substantie svabhavat (Akasha) in de Theosofie.

Fractals vertonen drie eigenschappen tegelijkertijd: iteratie, gebroken dimensie en zelfgelijkvormigheid (een recursiefproces wordt in de driehoek rechts weergegeven).
Enkel het laatste is visueel zichtbaar. De zelfgelijkvormigheid is de eigenschap dat als men een stukje van een fractal vergroot men terug de oorspronkelijke figuur verkrijgt. Deze eigenschap heeft ook nog andere gevolgen : als men slechts een stukje kent van een fractal, kan men hieruit de volledige fractal terug verkrijgen (zie ook geschiedenis van fractals).
'Triade en Tetrade' (kies: Classificatie, 'Driehoek en vierkant van Sierpinski', 'Bomen van Pythagoras').
Luc Zonnenberg: De eerste onderzoeker die zich diepgaand buigt over het thema van de mimese is de Franse letterkundige en cultuurfilosoof René Girard. In 1961 publiceert hij zijn eerste boek Mensonge romantique et vérité romanesque, waarin hij door middel van literair onderzoek steeds terugkerende patronen in menselijke relaties ontdekt, die door de geschiedenis van de mens heen constant blijken te zijn. Steeds meer ontdekt hij een consistent onderliggend mechanisme in de menselijke relaties, waaraan voor zijn tijd nog weinig aandacht aan was besteed. De belangrijkste conclusie betrof het mimetisch principe waaraan het sociale handelen van mensen is onderworpen. Dit mimetisch of nabootsend gedrag van mensen wordt gekenmerkt door het feit dat de participant zijn eigen gedrag niet geheel en soms geheel niet doorziet, hooguit op een onbewust niveau. Vaak wordt immers beweerd dat de mens vanuit zichzelf begeert. Girard wil met zijn theorie nu juist aantonen dat mensen begeren wat ánderen begeren. De ontkenning dat de begeerte van de ander een rol speelt, het geloof dus in de authenticiteit van het eigen begeren, is een romantische illusie. Hiertegenover zet Girard de romaneske waarheid, die de klassieke romanschrijvers (Cervantes, Stendahl, Flaubert, Proust en Dostojewski) verwerken in hun literaire scheppingen, namelijk dat iedere menselijke begeerte mimetisch van aard is, en dus altijd bemiddeld (via de ander) tot stand komt. Deze driehoeksbegeerte werpt een nieuw en verhelderend licht op de menselijke betrekkingen van bewondering, rivaliteit en haat: willen wat de ander wil en begeren wat de ander begeert.
De veranderingen in het onderwijs vinden gestaag hun doorgang. Veel van deze veranderingen zijn noodzakelijk, gezien de veranderingen in de maatschappij en de daarmee samenhangende eisen die aan leerlingen en studenten worden gesteld. Dit pleidooi heeft echter de bedoeling om in deze ontwikkelingen ook aandacht te schenken aan het fundamentele belang van mimese in het leerproces. De grote nadruk op zelfstandigheid en zelfstandig leervermogen hebben wellicht nog te veel weg van de te individuele accenten die door Freud en Piaget zijn gelegd. De inzichten die de mimetische theorie met zich mee brengt, wijzen ons op de sociale samenhang waarin het leerproces gestalte krijgt. Daarin wordt niet meer gesproken over individuen, maar over de sociale context waarin mensen zich bewegen, om aan te geven dat mensen zich veelal niet zelfstandig ontwikkelen. De mens is een groepswezen, en in dat groepsverband komt hij tot ontwikkeling. De mimetische theorie geeft ons duidelijke aanwijzingen hoe dit groepsproces zich voltrekt. Laten wij onze nabootsing niet langer ontkennen, uit angst om uitgemaakt te worden voor na-apers. Het unieke en zelfstandige individu met een goed ontwikkeld zelfsturend leervermogen bestaat niet!
Hoofdstuk 6. De wagenmenner: de ware werkelijkheid.
De natuurlijke denkhouding van Husserl komt het dichtst in de buurt van wat de Grieken “doxa” zouden noemen: het rijk van de meningen, de vage noties en de illusies. Hier overheersen indrukken, contouren en een “menen” zonder te weten waarom het gemeende waar zou kunnen zijn.
Tegenwoordig denken filosofen iets genuanceerder: de doxa heeft als kenmerk dat dingen “voor waar” worden gehouden in een soort schemerachtige gegevenheid, maar elk denken, ook een zuiver filosofisch of wetenschappelijk denken, heeft vanzelfsprekendheden, die voor zichzelf niet direct duidelijk zijn. Elke houding is een perspectief en slechts een “zij-aanzicht” zoals Husserl later zou zeggen. Er is geen perspectief die een zaak, zoals het “is” toont.
De theorie van herinnering (anamnese) is de bron van het begrip van het onbewuste. Plato legt met zijn leer van de Ideeën de grondslag van het idealisme in de filosofie, dat de opvatting is dat al het werkelijke een idee van de geest is, ook elk materieel ding. De mens neemt slechts de verschijning van de dingen waar; toegang tot de wereld van het eigenlijke van de dingen, dat de idee is, kan hij bij Plato slechts krijgen door herkenning (anamnese). Het tegendeel van het idealisme is het materialisme, dat de opvatting is dat al het werkelijke een stoffelijk bestaan heeft en zo ook direct aanvaardbaar is. In de filosofie is het terug te voeren tot op Plato die de algemene begrippen (ideeën) als belangrijker en van een hogere orde beschouwt dan de bijzondere of particuliere dingen. Als men de vraag stelt: "Wat is het zijn?", dan is Plato's antwoord (het benadrukken van de werkelijkheid van universalia) kenmerkend voor het idealisme; het andere mogelijke antwoord (het benadrukken van de werkelijkheid van de dingen zelf) is het realisme. Of, om het met andere woorden te zeggen, Plato beschouwt de ideeën of begrippen als realistisch, zijn idealisme is dus in feite een begripsrealisme. Onder die naam staat het dan ook bekend.
De rol van Socrates is er in gelegen zijn leerling te helpen zich iets te herinneren. Dit is vergelijkbaar met wat de moderne psychotherapeut doet met zijn of haar patiënten. Gedurende je leven peil je de diepte om te ontdekken wat je al weet. Het gaat er om dat ons denken, de gedachtevormen de éne werkelijkheid zo nauwkeurig mogelijk weerspiegelen. Indien wij de werkelijkheid verkeert interpreteren mogen we niet verwachten dat we op basis van deze interpretaties wel het juiste gedrag uitvoeren.
een pentagoon kan een pentagram worden getekend. In het centrum van het pentagram ontstaat een nieuw pentagoon. Het recursieproces brengt de manifestatie van de zelfgelijkvormigheid tot uitdrukking.
De schuine zijde van de octaëder is wortel2 lang (1kwadraat + 1kwadraat = 2 en daar de wortel van). De octaëder heet in de heilige geometrie het “Genererende” principe, de wortel2 transformatie. Het gaat als het ware de “grid” (de blauwdruk) neerleggen. Dit is de “core energie” van de Matrix! De wortel2, oftewel het genererende principe, is een product van de hoek van negentig graden. De hoek van negentig graden is de belangrijkste voor de overgang van de ene dimensie naar de andere. Deze hoek samen met de “eenheid”, maakt de wortel2 en in zijn essentie is dit de basis dimensie! Dit is de oh zo belangrijke hoek (winkelhaak) van de Masons! (vrijmetselaars). Alle andere hoeken zijn ondergeschikt aan deze negen(tig). Tezamen zijn ze de één: Alpha, en (negentig) is Omega.
De drie verenigende Logoi van de Esoterie:
| Eenheid in | Verscheidenheid | |||||
| Pythagoras | 1e Logos, Monade | 3e Logos, Triade | Antroposofie | Rudolf Steiner | ||
| Monade | Triade | God ---- | Geest | Geestmens ---- | Geestzelf (omgevormd Astraallichaam) | |
| | | | | | | | | | | | | |
| Tetrade | Duade | 4. Lichaam ---- | Zoon | Fysiek lichaam ---- | Levensgeest (omgevormd Etherlichaam) | |
| Tetrade | 2e Logos, Duade |
H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel I, Proloog (p. 46):
Zo is ons bewustzijn afkomstig van de geest of de kosmische verbeelding; de verschillende voertuigen waarin dat bewustzijn wordt geïndividualiseerd en tot zelf- of reflectief bewustzijn komt, zijn afkomstig van de kosmische substantie; terwijl fohat in zijn verscheidene manifestaties de geheimzinnige schakel vormt tussen denkvermogen en materie, het bezielende beginsel dat ieder atoom tot leven prikkelt.
H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel II, Stanza 2 De chronologie van de brahmanen (p. 80):
In Isis Ontsluierd schreven we wat we nu herhalen: ‘We zijn op het laagste punt van een cyclus en kennelijk in een overgangstoestand. Plato verdeelt de intellectuele vooruitgang van het heelal tijdens elke cyclus in vruchtbare en onvruchtbare perioden. In de ondermaanse gebieden blijven de sferen van de verschillende elementen eeuwig in volkomen harmonie met de goddelijke natuur, zegt hij; ‘maar hun delen zijn’, omdat ze te dicht bij de aarde zijn en door hun vermenging met het aardse (wat stof is, en dus het rijk van het kwade), ‘soms in overeenstemming en soms in strijd met de (goddelijke) natuur’. Wanneer die circulaties – die Eliphas Lévi ‘stromen van het astrale licht’ noemt – in de universele ether die ieder element in zich bevat, in harmonie met de goddelijke geest plaatsvinden, geniet onze aarde en alles wat daartoe behoort, een vruchtbare periode. De occulte vermogens van planten, dieren en delfstoffen sympathiseren magisch met de ‘hogere naturen’, en de goddelijke ziel van de mens staat in een volmaakte verstandhouding met deze ‘lagere’ naturen. Maar tijdens de onvruchtbare perioden verliezen de laatste hun magische sympathie, en wordt het geestelijke gezichtsvermogen van de meerderheid van de mensheid zo verduisterd, dat deze ieder begrip van de hogere krachten van haar eigen goddelijke geest verliest. We zijn in een onvruchtbare periode: de achttiende eeuw, waarin de kwaadaardige koorts van de scepsis zo onweerstaanbaar uitbrak, heeft het ongeloof als een erfelijke ziekte op de negentiende eeuw overgebracht. Het goddelijke intellect is in de mens versluierd; zijn dierlijke brein alleen filosofeert.’ En als het alleen filosofeert, hoe kan het dan de ‘ZIELENLEER’ begrijpen?
De Geheime Leer Deel II, Stanza 6 Schepping van de eerste rassen (p. 97):
97: Hoe nauwkeurig en waar is Plato’s uitspraak, hoe diepzinnig en filosofisch is zijn opmerking over de (menselijke) Ziel of het EGO, toen hij deze omschreef als ‘een samenstel van hetzelfde en het andere’. En toch, hoe slecht is deze wenk begrepen, want de wereld dacht dat werd bedoeld dat de ziel de adem van God of Jehova was. Het is ‘hetzelfde en het andere’, zoals de grote ingewijde en filosoof zei; want het ego (het ‘hogere zelf’, wanneer dat is versmolten met en opgegaan in de goddelijke monade) is de mens, en toch hetzelfde als het ‘ANDERE’, de in hem geïncarneerde engel, die hetzelfde is als het universele MAHAT. De grote klassieke schrijvers en filosofen voelden deze waarheid, toen ze zeiden dat ‘er iets in ons moet zijn dat onze gedachten voortbrengt. Iets heel ijls; het is een adem; het is vuur; het is ether; het is het meest verfijnde; het is een zwakke gelijkenis; het is een begrijpen; het is een getal; het is harmonie . . .’ (Voltaire).
276: ‘Satan of Lucifer vertegenwoordigt de actieve of, zoals Jules Baissac het noemt, de ‘middelpuntvliedende energie van het Heelal’ in kosmische zin. Hij is vuur, licht, leven, strijd, inspanning, gedachte, bewustzijn, vooruitgang, beschaving, vrijheid, onafhankelijkheid. Tegelijkertijd is hij pijn, de reactie op de vreugde van de daad, en dood – de omwenteling van het leven – satan, die brandt in zijn eigen hel, voortgebracht door de heftigheid van zijn eigen stuwkracht – de expansieve ontbinding van de nevelvlek, die zich moet verdichten tot nieuwe werelden. En terecht wordt hij telkens opnieuw weerhouden door de eeuwige inertie van de passieve energie van de Kosmos – het onverbiddelijke ‘IK BEN’ – de vuursteen waaruit de vonken worden geslagen. Terecht worden hij . . . en zijn aanhangers . . . prijsgegeven aan de ‘zee van vuur’, want in de zon (in de kosmische allegorie in slechts één betekenis), de levensbron in ons stelsel, worden zij gezuiverd (ontbonden) en gekarnd om ze voor een nieuw leven (de opstanding) geschikt te maken; die zon die, als de oorsprong van het actieve beginsel van onze aarde, tegelijk het thuis en de oorsprong van de wereldlijke satan is.’
277: De juistheid van de algemene theorie van Baissac (in Le Diable et Satan) blijkt verder uit het bekende feit dat koude een ‘middelpuntzoekende’ werking heeft. ‘Onder de invloed van kou trekt alles samen. . . . Het leven gaat in winterslaap of sterft, het denken bevriest en het vuur wordt gedoofd. Satan is onsterfelijk in zijn eigen vuurzee – alleen in het ‘Nifl-heim’ (de koude hel uit de Scandinavische Edda’s) van het ‘IK BEN’ kan hij niet bestaan. Maar ondanks dat alles is er een soort onsterfelijk bestaan in het Nifl-heim, en dat bestaan moet pijnloos en vredig zijn, want het is onbewust en inactief.
Blavatsky, ‘De Geheime Leer III’, p. 547: Metafysisch en wijsgerig is de mens samengesteld uit vier grondbeginselen en hunne drie aanzichten op deze aarde.
708: Het Aurisch ei , dat het beeld van de microkosmos binnen de Macrokosmos bevat, de Mens in het Universum.
Gottfried de Purucker, Deel I, hoofdstuk 22 van zijn boek Grondslagen der Esoterische Wijsbegeerte: We beginnen enig idee te krijgen van wat ons bij deze studie te wachten staat: hoe eenheid veelheid wordt en hoe veelheid zich weer in eenheid oplost. Let in de eerste plaats op het verschil tussen één, eenheid en vereniging. Vereniging is een verzameling dingen die nauw met elkaar zijn verbonden; eenheid is een verzameling dingen maar met een gemeenschappelijk hoofd of een gemeenschappelijke bron, de top van een hiërarchie bijvoorbeeld; terwijl een monade één is, een individu en dus ondeelbaar. We zijn een vereniging in onze vier lagere beginselen; we zijn een eenheid in onze drie hogere beginselen, onze hogere triade; en we zijn één in de hoogste drie, de hoogste triade, zo genoemd om gemakkelijk te worden begrepen. De drie beginselen die de hogere triade vormen, bestaan alle op hun eigen gebied en we voelen hun invloed omdat we er geestelijk mee in verbinding staan.
Krishnamurti (Mind-body dichotomy, Geest en Lichaam)
Hoe meer we over 'de waarheid' praten of zelfs maar denken, hoe verder we die van ons wegduwen.
Geen enkele organisatie of georganiseerde religie kan de mens naar waarheid of naar zijn verlossing leiden.
Waarheid is een land zonder paden.
Er bestaat geen pad naar de waarheid.
Je moet je eigen leraar en je eigen leerling zijn.
De tijd is nu,
de tijd omvat … het verleden,
de toekomst is nu.
Dus de dood is nu (kies: 'uitspraken').
Bewustzijn is de inhoud van het bewustzijn.
Het denken projecteert de toekomst via het heden, door het heden te wijzigen, vorm te geven en te ontwerpen als de toekomst.
De EPR-paradox (EPR-experiment) is een gedachte-experiment dat een schijnbare tegenspraak tussen de kwantummechanica en speciale relativiteitstheorie oplevert. De schijnbare tegenspraak heeft veel fysici lang hoofdpijn bezorgd, maar kan begrepen en opgelost worden met de meer hedendaagse notie van kwantumverstrengeling. "EPR" staat voor Einstein, Podolsky en Rosen die het gedachte-experiment in 1935 introduceerden om te suggereren dat de kwantummechanica geen complete theorie is. Het wordt soms de EPRB-paradox genoemd naar Bohm, die het originele gedachte-experiment vertaalde naar een iets eenvoudiger experimenteel toetsbaar experiment.
The holomovement is a key concept in David Bohm's interpretation of quantum mechanics and for his overall wordview.
Volgens Ervin Laszlo is het kwantumvacuüm de oerbron van geest en materie. Het concept ‘in-formatie’ van David Bohm wordt gebruikt om de structuur, de relaties tussen beide te beschrijven. Het begrip ‘in-formatie’ licht Ervin Laszlo in zijn boek Het Akasha-veld, Verbinding en geheugen in kosmos en bewustzijn (p. 67) toe. Sri Aurobindo: ‘Alles is bewustzijn (…). Op verschillende niveaus van zijn eigen manifestaties is dit universum een graduatie van bewustzijnsniveaus (p. 111)’.
Harry Massey en Peter Fraser DE ONDERSTE STEEN BOVEN Een revolutie in de preventieve gezondheidszorg
Bohm oppert ook dat de kwantumpotentiaal overeenstemt met de impliciete orde. Naar de mening van Bohm zijn alle afzonderlijke voorwerpen, entiteiten, structuren en gebeurtenissen in de zichtbare of expliciete wereld om ons heen betrekkelijk autonome, stabiele en tijdelijke ‘subtotaliteiten’, voortgekomen uit een diepere, impliciete orde van onverdeelde heelheid. Bovendien wordt de kwantumpotentiaal zelf georganiseerd en geleid door een superkwantumpotentiaal, die een tweede impliciete orde vertegenwoordigt en een oneindige
reeks van impliciete ordes veronderstelt. Bohm geloofde dat
alle leven en het bewustzijn diep in de generatieve orde zijn
besloten en dus in uiteenlopende graden van ontvouwing in alle
stof aanwezig zijn, met inbegrip van de zogenaamde ‘dode stof’
zoals elektronen of plasma’s. De mystieke betekenis van
Bohm’s denkbeelden wordt onderstreept door zijn opmerking
dat het impliciete domein ‘evengoed idealisme, geest, of
bewustzijn zou kunnen worden genoemd. De scheiding van de
twee – materie en geest – is een abstractie.´
Pamela Sodi: David Bohm, een physicus aan de Universiteit van Londen, heeft de Quantum Hologram theorie ontwikkeld die zegt dat het 'geheel' besloten ligt in ieder deel. Bohm suggereert dat de subatomische deeltjes in het experiment van Aspect met elkaar in contact staan, niet omdat ze op een mysterieuze wijze met elkaar communiseren maar omdat het idee dat ze separaat zijn een illusie is. Hij suggereert dat deze deeltjes niet onafhankelijk van elkaar bestaan maar dat ze deel uitmaken van een fundamenteel Totaal iets.
David Bohm, Causality and Chance in Modern Phisics (p. 1): In de natuur blijft niets onveranderd. Alles is in een voortdurende staat van omvorming, beweging en verandering. We stellen echter wel vast dat niets gewoonweg opwelt uit het niets zonder antecedenten te hebben die eerder bestonden. Op dezelfde manier verdwijnt er niets zonder een spoor na te laten, in de zin dat het aanleiding geeft tot een absoluut niets in een later stadium. Het algemene karakter van de wereld kan worden uitgedrukt in termen van een beginsel dat een enorm domein van verschillende soorten ervaringen omvat en dat nooit is tegengesproken door om het even welke waarneming of experiment, wetenschappelijk of andere; namelijk, alles komt voort uit andere zaken en geeft aanleiding tot andere zaken.
Wij beweren dat niet te scheiden wederzijdse verbondenheid op kwantumniveau de fundamentele realiteit van het hele universum is en dat zich relatief onafhankelijk gedragende delen slechts bepaalde en toevallige vormen binnen dit geheel vormen.
David Bohm en J.Krishnamurti
Als de student goed werkt met de GL kan het hem voorbij de mentale processen leiden, waar het licht van geestelijke intuïtie kan schijnen.
Dit eerste grondbeginsel en Stanza I in het eerste deel van de GL verwijzen naar de ongemanifesteerde staat van het universum waar alleen maar oneindige ruimte en eeuwigheid zijn, in een absolute staat. Volgens HPB kan ware meditatie op dit begrip (niet alleen maar intellectuele studie) een belangrijk effect hebben op het denkvermogen. Zij raadde dit thema aan als de juiste basis voor het gebruik van haar meditatiediagram toen ze zei:’Stel u eerst EENHEID voor door uitbreiding in Ruimte en oneindig in Tijd’ 17 Deze opmerking zegt dat we het denkvermogen moeten uitbreiden, maar waarom? Dit is nodig om de geconcentreerdheid op het zelf op te geven en het besef van tijd te verliezen. Zoals JK herhaaldelijk zei ‘Het besef van tijd is gebaseerd op gedachte’ en we ervaren dat in die staat van universaliteit en eeuwigheid het denken stil en rustig wordt zonder beelden om mee te werken. Verderop in haar diagram zegt HPB dat de normale staat van ons bewustzijn gevormd moet worden door ‘het door de verbeeldingskracht voortdurend aanwezig zijn in alle Ruimte en Tijd’. Dit kan lijken op alleen maar fantasie, maar het diagram geeft aan dat er door dit te doen een verandering wordt voortgebracht in het bewustzijn:
Hieruit ontstaat een onderlaag van herinnering die blijft bestaan bij waken en slapen. De uiting ervan is moed. Door de herinnering aan universaliteit verdwijnt alle vrees tijdens gevaren en beproevingen van het leven.
Deze laatste vaststelling is erg duidelijk omdat we als we in onszelf kijken zullen zien dat angst ontstaat uit het gevoel van afgescheidenheid, door de identificatie van ons bewustzijn met dit sterfelijke kleine zelf. Een dergelijke oefening helpt ons het bewustzijn uit te breiden. We vinden een gelijkwaardige opmerking in Licht op het Pad: Leef niet in het nu en evenmin in de toekomst maar in het eeuwige. Dit reusachtige onkruid kan daar niet bloeien; deze smet op het bestaan wordt uitgewist door de atmosfeer zelf van de eeuwige gedachte.
Dus het vestigen van ons bewustzijn in een staat van universaliteit en eeuwigheid (wat heel anders is dan het praten erover) helpt ons het zelf achter te laten en dan is er een mogelijkheid om met het ongeconditioneerde in relatie te komen. Laten we er vanuit een andere hoek naar kijken zoals in de dialoog tussen JK en Dr. Bohm die hierboven werd aangehaald:
DB (David Bohm): ‘U gebruikt het woord denkvermogen, niet “mijn” denkvermogen’.
JK (J.Krishnamurti): ‘Het denkvermogen is niet “mijn denkvermogen”’.
DB: ‘Het is universeel en algemeen.’
JK: ‘Ja ...’
DB: ‘Dat zou dan eigenlijk inhouden dat, voor zo ver iemand zichzelf ervaart als een afgescheiden wezen, hij dan erg weinig contact heeft met het denkvermogen.’
JK: ‘Heel juist. Dat is wat we zeiden.’
DB: ‘Wat is de aard van het denkvermogen? Ligt het denkvermogen in het lichaam of in het brein?’
JK: ‘Nee het heeft niets te maken met het lichaam of het brein.’
DB: ‘Heeft het te maken met ruimte of tijd?’
JK: ‘Ruimte – nou wacht eens even! Het heeft te maken met ruimte en stilte...’
DB: ‘Nu zou ik in willen gaan op de vraag hoe zij contact maken.’
JK: ‘Ah! Contact tussen het denkvermogen en het brein kan alleen ontstaan als het brein stil is...’
DB: ‘En kan men zien dat, als het brein stil is, het kan luisteren naar iets diepers?’
JK: ‘Dat is juist. Dan, als het stil is, is het verwant aan het denkvermogen. Dan kan het denkvermogen functioneren door het brein.’
Daarom kan de juiste meditatie op het eerste grondbeginsel, dat een Werkelijkheid aangeeft die gedachte overstijgt, ons leiden naar een conditie van stilte en vrede waar het zelf niet is, waar geestelijke intuïtie kan opkomen.
David Bohm is wellicht verder dan welke wetenschapper ook gegaan in zijn bewering van 'een nieuw begrip van fysieke realiteit, waarin we een onafgebroken geheel van een allesomvattend heelal' als vertrekpunt nemen. Hij beschouwt de doordringende onderlinge verbondenheid van alles in het heelal als de fundamentele werkelijkheid. David Bohm spreekt van Dialogue, dit is niet een mentaal communicatieproces, maar een proces vanuit het hart, het gevoel. Wanneer we bewust gaan zoeken naar oplossingen voor een probleem komen we vaak in een loop terecht. Het gaat er juist om dat creatieve energie vrij kan stromen.
Dialoog: Krishnamurti en David Bohm:
K: "Wat we proberen te doen is bepaalde problemen die we misschien hebben te belichten, en die te begrijpen door ernaar te kijken - niet je mening of oordeel erover te geven, of je kritiek erop, maar ze aan het licht te brengen. En door ze aan het licht te brengen op zich ontdek je de waarheid, de betekenis ervan."
K: "We gaan met elkaar een dialoog hebben. Het woord 'dialoog' komt van het Griekse woord logos, en betekent 'woorden om je diepe innerlijke gedachten mee uit te drukken'. Waarschijnlijk willen de meesten van ons zo diep niet gaan, of onszelf niet al te veel blootgeven, maar we zouden een gesprek kunnen hebben. Niet dialectisch, want dat gaat tegen elkaar in, maar een gesprek waarin we de problemen met elkaar bespreken, hoe ernstig die ook zijn, en daar uitvoerig en diep op ingaan.
Dus dit is niet, als ik het nog eens mag herhalen, een dialectisch, argumentatief gesprek, dat wil zeggen: proberen de waarheid te achterhalen via meningen en argumenten. Ik denk niet dat je daar op die manier ooit achter kunt komen."
K: "Als jij en ik allebei serieus het hele fenomeen van het bestaan willen begrijpen, niet alleen uiterlijk, maar ook veel dieper, innerlijk, en ons volledig inzetten om dit vraagstuk op te lossen, dan hebben jij en ik, de spreker en jij die luistert, een relatie. Dan kunnen we samen op pad, dan kunnen we samen denken, er samen over praten.
En samen praten, samen denken, samen onderzoeken, en dus samen creëren, is communicatie... We kunnen niet met elkaar communiceren als het jou er alleen om gaat een bepaald probleempje van jezelf op te lossen..."
"Als jij aandringt en ik ook, als jij vasthoudt aan jouw mening, aan jouw doctrine, aan jouw kennis, en ik aan de mijne, dan kan er geen sprake zijn van een echte discussie, want we zijn geen van beiden vrij om te onderzoeken. Discussieren betekent niet dat we ervaringen met elkaar uitwisselen. Er is helemaal geen uitwisseling - er is alleen de schoonheid van de waarheid, die noch jij noch ik kan bezitten, die is er eenvoudig."
J.Krishnamurti: "De maatschappij is niet anders dan jij - jij bent de maatschappij. De maatschappelijke structuur is de structuur van jouzelf. Dus als je begint jezelf te begrijpen, dan begin je de maatschappij te begrijpen waar je in leeft. Die twee zijn niet elkaars tegengestelde. Voor een religieus mens gaat het er dus om een nieuwe manier van leven te ontdekken, van in deze wereld te leven, en een transformatie teweeg te brengen in de maatschappij waarin hij leeft. Want door zichzelf te veranderen verandert hij de maatschappij" (Bombay, 10 februari 1965)
Jiddu Krishnamurti: De eerste stap is de laatste
De eerste stap is de laatste stap. De eerste stap is waarnemen, waarnemen wat je denkt, neem je ambities waar, neem je angsten, eenzaamheid, vertwijfeling, dit buitengewone gevoel van smart waar, zie het zonder het te veroordelen of te rechtvaardigen, zonder het te willen veranderen. Zie het, gewoon zoals het is. Als je het ziet zoals het is dan vindt er een totaal verschillend soort actie plaats, en die actie is de laatste actie. Dat betekend dat als je iets ziet als onecht of onwaar, is die waarneming de laatste actie, de laatste stap. Luister ernaar. Ik zie het volgen van een ander, van de instructies van een ander als bedrieglijk – Krishna, Boeddha, Christus, het maakt niet uit om wie het gaat. Ik constateer de waarneming dat het volgen van de waarheid van een ander uitermate verkeerd is. Omdat je rede, je logica en alles je duidelijk maakt hoe absurd het is om iemand te volgen. Die waarneming is de laatste stap, en als je het gezien hebt, verlaat je dat pad omdat je het volgende moment opnieuw moet waarnemen en dat is opnieuw de laatste stap.
Hans Kokhuis, kies Hologram.
A. Wat heb ik? (kijken)
B. Wat heb ik nog nodig? (kijken)
Deze twee simpele vragen, gesteld in deze volgorde brengen de flux op gang en sturen mijn energie om me te verdiepen in de Hoe-vraag (zoeken).
Waarom is dit nu zo moeilijk?
David Bohm ziet alles als een geheel, waarin twee werkelijkheden bestaan: de geïmpliceerde (implicate) realiteit en de geëxpliciteerde (explicate) of ontvouwde (=zichtbare ) realiteit, die toch een zijn. Niet alleen is alles aan het veranderen, maar alles is flux. Wat wil zeggen, dat wat is, is het proces van worden zelf, terwijl alle objecten, gebeurtenissen, entiteiten, voorwaarden, structuren, etc. vormen zijn die vanuit dit proces kunnen worden geabstraheerd. Het is zoals het is. Verandering is niet tegen te houden, alles is aan het worden (the process of becoming) en de energie of bron komt altijd uit de onderliggende stroming (implicate reality) voort.
Bram Janssens
2. Ontwikkelingen in het natuurwetenschappelijk wereldbeeld, 2.1 het holografisch model.
Karl Pribram, een Amerikaanse neurochirurg van de universiteit Stanford, die de klassieker 'Languages of the Brain' heeft geschreven, beweert1 dat de hersenen wel eens als een hologram zouden kunnen werken en op die manier toegang hebben tot een groter of hoger geheel, een veld of 'holistisch frequentiegebied' dat grenzen van tijd en ruimte overschrijdt. Dit gebied kan volgens hem overeenkomen met het transcendente gebied van de eenheid-in-verscheidenheid, dat door verscheidene mystici en wijzen is beschreven en ervaren. De Engelse natuurkundige David Bohm was door onderzoekingen in het subatomaire gebied tot de conclusie gekomen dat fysische entiteiten, die in tijd en ruimte gescheiden lijken, in feite op een fundamentele manier met elkaar verbonden zijn. Er bestaat volgens hem naast de expliciete, manifeste werkelijkheid een 'ingevouwen' impliciet gebied, dat op zich één onverdeeld geheel is en dat voortdurend aan ieder expliciet deel ter beschikking staat. Het universum zou een reusachtig hologram zijn.
Samenvatting
Waarheid is een land zonder paden van Krishnamurti heeft op de ‘draad-ziel’ Sutratman betrekking .
De platonische lichamen beelden, net als het Kompaskwadrant, de driehoek van Pythagoras uit.
Ervin Laszlo boek Kosmische Visie Wetenschap en het Akasha-veld (p. 50/51):
Als twee of meer torsiegolven op elkaar inwerken, integreert het daaruit voortvloeiende interferentiepatronen (interferentiepatronen) de informatie van alle deeltjes in het geheel. We kunnen eenvoudiger en zinvoller - zeggen dat de vortices informatie registreren over de toestand van de deeltjes waardoor ze werden gecreëerd, terwijl het interferentiepatroon de informatie registreert over het totaal van de deeltjes wier vortices elkaar hebben ontmoet.
Ervin Laszlo boek Kwantumshift in het wereldbrein
Hoofdstuk 12 Metafysische, theologische en ethische implicaties, Twee domeinen van de werkelijkheid (p.118).
In het nieuwe concept vormen de twee domeinen van de werkelijkheid – het domein van de actuele entiteiten (het ‘ruimtetijddomein’) en het domein van het kosmisch plenum (het ‘velddomein’).
Evolutie door energie en informatie (p. 119/120)
De in-formatie (als proces) van het ruimtetijddomein door het velddomein leidt tot een toenemende complexiteit van de entiteiten die het ruimtetijddomein stofferen, alsmede tot de structurering van het velddomein waarin entiteiten zich manifesteren en waardoor zij met elkaar verbonden zijn. Het ruimtetijddomein wordt steeds meer geordend en tegelijkertijd neemt de entropie erin toe.
De boeken van Benjamin Adamah, Ervin Laszlo, Jules Ruis (website), Gerrit Teule en Jan Wicherink hebben een punt gemeenschappelijk en dat is de chaostheorie. Ook in het onderzoek ‘E i V’ is de chaostheorie als verbindende schakel naar voren gekomen.
Benjamin Adamah bespreekt in zijn boek de torus op pagina 112, Gerrit Teule op p. 149 en Jan Wicherink op p. 179.
Het Zero Point Field, het Akasha-veld illustreert de absolute ‘Ruimte en Tijd’. In de macrokosmos draait het om de torus en in de microkosmos om de uitgevouwen kubus, die de mens symboliseert.
Een ommekeer in het denken is nodig. Als we de zaken werkelijk willen veranderen dienen we aan het geestelijke kapitaal meer aandacht te besteden. In het 5D-concept zijn metafysica, het bovennatuurlijke en fysica, net als Idealisme en Materialisme de twee complementaire kanten van één medaille. Voor eenwording moeten we ons weer met de kern, de geest verbinden. Dus met de oerbron En-Soph ('Chaos, Gaia en Eros') waar alles uit voortkomt.
De caduceus (5e dimensie) is een mooi voorbeeld van de in – en uitspiralende torsiegolf in een vortexvorm.
De torus wordt als een multidimensionale vortex opgevat. De lemniscaat illustreert de draaikolk stuctuur van de vortex (Jan Wicherink boek Ontheemde Zielen Ontwaken p. 179). Het reflexief bewustzijn brengt als ware verschillende aggregatieniveaus van Ether, van statisch tot zeer dynamisch tot uitdrukking. De lemniscaat, de eeuwige wederkeer, symboliseert de wisselwerking, de reflectie tussen de macrokosmos en microkosmos.
De stertetraëder (stertetraheder) combineert de mannelijke en de vrouwelijke energie, met name de mate van extraversie (Big Five). Het brengt het complementariteitsprincipe tot uitdrukking. De kubus is complementair aan de octaëder, 'Aarde versus Lucht'; Malkuth versus 'Hod, Jesod en Netsach'.
Jan Wicherink legt in zijn boek Ontheemde Zielen Ontwaken de verbinding tussen vortex en
torus (p. 179):
Het vergt wat inbeeldingskracht, maar kijk eens naar de dubbele vortex links, lijkt dit niet op een boom? De onderste vortex vormt de wortels, de bovenste vormt het bladerdek. Dit is de boom van de kennis van goed en kwaad in de Hof van Eden. Wanneer we kijken naar het rechter plaatje dan is het vrij eenvoudig om er een appel in te herkennen, de torus heeft namelijk de vorm van een appel. De slang die Eva verleidde om de appel van de boom te eten, is de Phi-spiraal die perfect de torus beschrijft.
De levensboom symboliseert de éne werkelijkheid en de boom van kennis van goed en kwaad de ommekeer, de bewustzijnsevolutie van de mens. De levensboom en de boom van goed en kwaad geven samen een weerslag van de blauwdruk van de schepping en van de wetmatigheden die ten grondslag liggen aan het ontstaan, zich voordoen en voorbijgaan van alle verschijnselen. De complementariteit tussen de twee bomen toont de wetmatigheid achter alle inspanningen, blokkades, op- en neergaande bewegingen, successen en mislukkingen.
H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel II, Hoofdstuk 24 Het kruis en het Pythagorische tiental (p. 652):
Dit tiental, dat het Heelal en zijn evolutie uit de stilte en de onbekende diepten van de geestelijke ziel of anima mundi voorstelde, bood de onderzoeker twee kanten of aspecten. Het kon in het begin worden gebruikt voor en toegepast op de macrokosmos en werd dit ook, waarna het afdaalde tot de microkosmos, of de mens.
Glossarium 'Lectorium Rosicrucianum' Orde:
Er zijn twee orden: door het grote kosmische onheil dat bekend staat als de val werd het menselijke bewustzijn in twee verscheidene orden opgesplitst:
- de dialectische natuurorde, die onderworpen is aan de wet van "opgaan, blinken en verzinken"; deze vertegenwoordigt slechts één aspect van de oorspronkelijke schepping, en is afgescheiden van het geheel dat haar zin gaf; een gedeelte van de menselijke levensgolf die de verbinding met de Geest verloren is identificeert zich met deze dialectische natuur, waar de Rede afwezig is
- de andere orde - deze van de onbeweeglijke natuur - is bekend als het Oorspronkelijk Rijk, het domein der levende Zielen; alleen zij hebben toegang daartoe die "herboren zijn door water en Geest". Dit onderscheid tussen de twee orden vormt de basis van de gnostieke leer.
Microkosmos: De ware Mens, die een samenvatting is van de ganse schepping, vormt een geheel van zeven sferen, van zeven krachtvelden die elkaar doordringen en waardoor de Oorspronkelijke Mens harmonisch in verbinding stond met de macrokosmos, de kosmische Zevengeest.
Cultuuroverdracht heeft op de imitatie van Plato, een 'intelligent ontwerp' op basis van Waarheid, Schoonheid en het Goede betrekking en niet op intimidatie. Plato zet de natuurfilosofie in zijn werk Timaeus, die enigszins esoterisch is, uiteen.
Zelfexpressie brengt vooral de liefde voor de kennis der zelfverwerkelijking tot uitdrukking. De kwintessens heeft primair op zingeving en ethiek betrekking. In het rapport ‘E i V’ staat tegenover 'Chaos, Gaia en Eros', het Intelligent Design, het 'Goede, Ware en Schone' van Socrates.
De oudste mimesistheorie is van Plato, de stichter van de oudste Academie. De mimesistheorie van Plato is onderdeel van zijn Ideeën-leer, die de wereld verdeelt in een zintuiglijke en een geestelijke wereld. De geestelijke wereld is werkelijk, de zintuiglijke is een illusie, want veranderlijk. Men moet zich volgens Plato richten op het geestelijke en streven naar de hoogste wijsheid, namelijk die van het Goede, het Ware en het Schone.
Jan Wicherink, boek Ontheemde Zielen Ontwaken, bespreekt in hoofdstuk 5 de Platonische lichamen en de Levensboom:
57: In het Westen werd de kennis van de Heilige Geometrie bewaard in gnostische kringen, geheime genootschappen en de vrijmetselarij.
63: De vijf Platonische lichamen, genoemd naar de Griekse filosoof Plato, werden 350 jaar v.Chr. voor het eerst door Plato in zijn boek Timaeus beschreven.
64: Alle vormen hebben een tegenhanger, een tegengestelde vorm die grecreëerd kan worden uit de ander. De kubus bijvoorbeeld heeft de octaëder als tegenhanger. Etc. Met andere woorden de Platonische lichamen zijn extreem symmetrisch.
De beide zijden van de medaille kunnen echter niet gelijk zijn anders is er sprake van een evenwichtssituatie. Het is de Oerbron van universeel leven (Solovjov), de complementariteit die zorgt voor de tegengestelde bewegingen tussen ‘Geest en Lichaam’, ’Materie en Bewustzijn’, ‘Involutie en Evolutie’. Van deze oerbron is echter nog niets bekend. Daar kunnen we alleen maar naar gissen.
Plato brengt met behulp van de dodecaëder metafoor, de kwintessens, de zin van het leven, de levenskunst (Friedrich Nietzsche) tot uitdrukking.
De logos, thumos en epithumia van Plato correleren met hoofd (5, 6 en 7), hart (4) en navel (3) respectievelijk met de keelchakra, de voorhoofdchakra en de kruinchakra (5, 6 en 7), hartchakra (4) en het navelcentrum (3).
De gemanifesteerde werkelijkheid staat tegenover de ongemanifesteerde werkelijkheid, de macrokomos tegenover de microkosmos, ruimte tegenover materie. Het gaat om de vraag hoe met behulp van de schakel tussen ruimte en materie, de tijd ('energie') de transformatie plaatsvindt. De griekse filosoof Herakleitos zei: panta rhei, alles is in beweging. Het gaat om 'Flux en Transformatie'.
Door Immanuel Kant gevormd filosofisch begrip ding an sich voor de onafhankelijkheid van het kennend bewustzijn existerende werkelijkheid, waarvan ons uitsluitend het verschijnen gegeven is, terwijl zij zelf volkomen onkenbaar blijft. Terwijl Schopenhauer de ware werkelijkheid achter de verschijningen wel kenbaar acht, maakt Kant een onderscheid tussen de onkenbare noumenale werkelijkheid en de kenbare fenomenale werkelijkheid. Kant wees aan het einde van de 18e eeuw al op het feit dat het onmogelijk is aan de hand van de wetten van het denken het meest fundamentele domein 'noumenon' door ervaring te leren kennen. Dat domein wordt door Bohm ‘de impliciete werkelijkheid', door Boeddha 'dharma' en door Plato 'het Goede' genoemd.
Het gaat in het kwantumvacuüm (bewustzijnsveld) om twee polen (les 3 polariteit), het aardse en het hemelse, om karma en dharma.
Het zijn bestaat volgens Plato uit een (fenomenale) veranderlijke wereld en een (noumenale) onveranderlijke wereld. Immanuel Kant maakte het onderscheid tussen de onkenbare noumenale werkelijkheid en de kenbare fenomenale werkelijkheid. Kant denkt ook dualistisch in uitersten.
Ongemanifesteerd: 'Binah, Kether en Cockmah'
Het 3e Beginsel van de esoterie gaat over de leer van de hiërarchieën. Namelijk over de fundamentele gelijkheid van alle Zielen met de Universele Ziel, die zelf weer een aspect is van de Onbekende Wortel; en de verplichte pelgrimstocht voor elke Ziel – een vonk van eerstgenoemde – door de Kringloop van Incarnatie in overeenstemming met de Cyclische en Karmische wet, gedurende het gehele tijdperk. In de esoterie wordt van zeven bewustzijnsniveaus, zeven beginselen uitgegaan. Een doorsnede die daarvan is afgeleid geeft Roberto Assagioli in zijn boek Psychosynthese. De oerbron creëert het ‘Ik’ (bronbewustzijn, Zelf-eon, immateriële ziel), de voorwaarde voor het zelfbewustzijn dat door het witte verlichte scherm kan worden geïllustreerd. Het is het ego (de werking van de zeven zintuigen, met een verscheidenheid aan aggregatieniveaus), de relatie tussen geest en lichaam, die zorgt voor het projecteren van de beelden op het scherm.
Het zaad kan niets anders voortbrengen dan wat het zelf is, wat erin besloten ligt; en dit is het hart en de kern van de leer van Swabhâva. Het terrein dat deze leer in filosofisch, wetenschappelijk en religieus opzicht bestrijkt is eenvoudig onbegrensd; ze is van het grootste belang. Bijgevolg brengt ieder individueel Swabhâva, als zijn eigen bijzondere voertuigen, zijn verschillende swarûpa's voort, karakteristieke lichamen of beelden of vormen waarin het zich tot uitdrukking brengt. Het Swabhâva van een hond bijvoorbeeld brengt het hondelichaam voort. Het Swabhâva van een roos brengt een roos voort, het Swabhâva van een mens de vorm of het beeld van een mens en het Swabhâva van een godheid of een god brengt zijn eigen swarûpa of karakteristiek voertuig voort.
Het rapport ‘Eenheid in Verscheidenheid’ is een aanzet om mede op basis van de chaostheorie de oude geschiedschrijving met nieuwe wetenschappelijke inzichten te verbinden. Bestaat de ether is een vraag die niet zo lastig is te beantwoorden. Akasha, ether staat voor de oerbron, de eeuwige bron van leven. De levensgolf staat voor het Bronbewustzijn, het Oerbewustzijn van Gerrit Teule of wat Sjoerd Bonting Oerchaos noemt. Echter op aarde zal de perpetuum mobile van leven niet worden uitgevonden.
Kennissystemen (divineermethoden), het meta-leren staat voor de unificatie van natuur- en cultuurwetenschappen. Het koppelt sociologische, filosofische, pedagogische en psychologische inzichten. Het universum, de éne werkelijkheid zit zodanig in elkaar dat het zelfbewustzijn als recursiefproces er uiteindelijk voor zal zorgen dat het 'Goede, Ware en Schone' boven 'Chaos, Gaia en Eros' gaat prevaleren.
Het is mogelijk geest en materie, de twee kanten van een medaille met behulp van het Ether-paradigma te verbinden. Om het Ether-paradigma te onderbouwen is er de afgelopen millennia ruimschoots voldoende geëxperimenteerd. Is het wenselijk om nog meer leergeld te investeren? Uit het onderzoek is als belangrijkste conclusie naar voren gekomen dat het nuttig is om management by trial and error door management by learning te vervangen.
Ether staat voor de natuurlijke reflectie, die in de vijf Platonische lichamen door de cijfersymboliek tot uitdrukking wordt gebracht. De Aarde, de Kubus (ruimtelijk figuur) met 6 gelijke vlakken is de helft van Ether, de dodecaëder (Plato, Thimaeus) met 12 gelijke vlakken. Met twaalf regelmatige vijfhoeken kan in drie dimensies een dodecaëder worden gevormd.
Binnen een pentagoon kan een pentagram worden getekend. Centraal in het pentagram ontstaat een nieuw pentagoon. Er kan hier van een recursiefproces worden gesproken.
De diagonaal Vuur (Tetraëder met 4 gelijke vlakken) versus Water (Icosaëder met 20 gelijke vlakken) staat voor de Macrokosmos en Microkosmos. Vuur en Water samen hebben 24 vlakken, het dubbele van Ether.
De Prachetasas, de vereerders van Nārāyana (die zich evenals Poseidon boven, niet onder de wateren bewoog of er woonde), stortten zich in hun devotie in de diepten van de oceaan en bleven daar 10.000 jaar; en de Prachetasas zijn exoterisch tien, maar esoterisch vijf.
De middelmatigheid regeert. De zesjescultuur in Nederland is een afspiegeling van het regeringsbeleid. Je krijgt het management dat je verdient.
Structure follows Strategy
In het rapport 'E i V' is de strategie op de zes Darshana’s gebaseerd. Om de continuïteit van organisaties te waarborgen het principe 'Structure follows Strategy' toepassen. De organisatiestructuur wordt in met name bureaucratische organisaties te vaak een doel op zichzelf. De bekende 4e macht kan gewenste veranderingen tegenhouden. In bureaucratische organisaties staat veelal niet de klant, waar het feitelijk om moet draaien, maar het bouwen van koninkrijkjes centraal. Om het grijze muizen circuit van managers te doorbreken de projectorganisatie centraal plaatsen.
Welke interpretatie van de kwantummechanica zal de eindstreep halen?
Het theorema van Bell en de drie Logoi van de metafysica die met de Dialogue van David Bohm zijn verbonden?
Zie ook:
Boeken:
- J. Krishnamurti Als twee vrienden
- Aryel Sanat Het Innerlijke Leven van Krishnamurti
- Ingram Smith Waarheid is een land zonder paden, Een reis met Krishnamurti
- Pupul Jayakar Krishnamurti (Volmaakte eenvoud)
- Marsilio Ficino INLEIDING TOT DE POLITEIA
- Grote namen
- Ervin Laszlo het CHAOSPUNT de wereld op een tweesprong
- Ervin Laszlo Het Akasha-veld, Verbinding en geheugen in kosmos en bewustzijn
- Pim van Lommel Eindeloos Bewustzijn – Wetenschappelijke visie op bijna-dood ervaringen
- John Consemulder BLAUWDRUK de multidimensionale werkelijheid van creatie en manifestatie
- John Consemulder Occulte en wetenschappelijke aspecten van geluid, licht en geometrie: implicaties voor heling, energiewerk, verbondenheid en het geestlichaam debat.
- Promotie onderzoek Patrice van de Vorst: mijn te onderzoeken stelling is: Er is een biologische of anatomische grondslag voor het ontstaan van het menselijk bewustzijn en de menselijke moraal. Deze komt voort uit de evolutionaire veranderingen in de geslachtsorganen van de soort Homo.
Externe Links
- W.T.S. Thackara Plato over intelligent ontwerp: Waarheid, Schoonheid en het Goede
- Plato en Griekse religie (Metempsychose)
- Charmides (Plato)
- Peripatetische School (Aristoteles)
- David Bohm en Krishnamurti discussiëren
- Gezond en Wel (Johan Wieberdink 12 september 2010)
- Holographic paradigm
- Willem van Engen Geschiedenis der natuurkunde - holografie
- Dutch Holographic Laboratory B.V.
- Vortex Engelse versie
- Quantum vortex
- Torus
- R. Burnier en P. Krishna Krishnamurti en de theosofie
- Socratische methode het Schone, het Ware en het Goede
- Neoplatonisme Engelse versie (Plotinus)
- A.H. Almaas Meditatie en Mystiek (teksten NEO-PLATONISME)
- W.T.S. Thackara EVOLUTION & CREATION: A Theosophic Synthesis
- W.T.S. Thackara Plato over intelligent ontwerp: Waarheid, Schoonheid en het Goede
- W.T.S. Thackara Evolutie en schepping, Intelligent ontwerp?
- W.T.S. Thackara Socrates: Vroedvrouw voor onze ziel
- WTS Thackara Plato over Intelligent Design: Waarheid, schoonheid en het Goede
- Plato Tekst Filosofiecursus Volksuniversiteit Zuidlaren
- Mysterieuze regelmatige lichamen
- Thomas J. Germine THE QUANTUM METAPHYSICS OF DAVID BOHM
- Mary Anderson In 1887/1888 dicteerde mevrouw Blavatsky een Meditatie-Diagram aan E.T. Sturdy (ommekeer)
- Luc Zonnenberg De mimetische theorie en de ontwikkelingen in het onderwijs
- Herman Wiersinga GEWELD-BEVORDEREND CHRISTELIJK GELOOF (1997)
- J. van Bellingen VERKLARING VAN WIJSGERIGE BEGRIPPEN UIT DE OUDHEID EN DE MIDDELEEUWEN
- David Pratt Rupert Sheldrake: een theosofische evaluatie, Morfische velden en het geheugen van de natuur
- Andrew Rooke Wat is leven?
- Morfogenetische Velden
- Morfogenetisch Veld
- Jan Everink Chi, de geneeskrachtige energie waarover ieder mens kan beschikken
- Koninklijke Yoga Ether, Antahkarana
- David Bohm
- Bram Janssens De vergeestelijking van de wetenschap. De opkomst van de Geestelijke Geneeskunde.
- Bram Janssens Het Licht van de Geest (Het Holografisch Model)
- Pim Lemmens De Wijsgeer
- Stichting Krishnamurti Nederland
- Jiddhu Krishnamurti
- J. Krishnamurti Leerproject
- Jiddu Krishnamurti Het boek van het leven
- Krishnamurti
- J.A.A. Bervoets Inventaris van het archief van de Orde van de Ster
- John Van Mater, Jr. Denkvermogen, herinnering en het astrale licht
- C.J.Th. Gunsing Harmonisch leven
- U.G. Krishnamurti
- Raymond van Es Krishnamurti in Ommen
- Douwe Tiemersma Advaita centrum
- Harry Massey en Peter Fraser DE ONDERSTE STEEN BOVEN Een revolutie in de preventieve gezondheidszorg
- Socrates, Plato en Aristoteles
- Philebus (Plato)
- Philebus
- Theosofische Verkenningen
- William Irwin Thompson
- Djwal Khul
- Kwintessens
- Proclus
- Karlfried Graf Dürckheim
- Hara-lijn
- Hara (Hinduism)
- Wet van Baumol
Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof
Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 5046 keer bekeken.
