Deze filognostische presentatie is in aanbouw

2.2 Tijdsymmetrie

Kolossenzen 1
15 Beeld van God, de onzichtbare, is hij,
eerstgeborene van heel de schepping:
16 in hem is alles geschapen,
alles in de hemel en alles op aarde,
het zichtbare en het onzichtbare,
vorsten en heersers, machten en krachten,
alles is door hem en voor hem geschapen.
17 Hij bestaat vóór alles en alles bestaat in hem.
Christopher Fry’s boek A Sleep of Prisoners:
Dank God dat we nu leven,
Het kwaad komt overal op ons af
En zal ons niet verlaten voordat we
De grootste stap van de ziel nemen
Die de mens ooit nam.
Alfred North Whitehead stelt dat het zowel juist is te zeggen dat God de wereld heeft geschapen als dat de wereld God schept.
JSO van Asseldonk: Lange tijd dacht men dat religie en natuuromgang gescheiden terreinen waren. Sedert de I7e eeuw hanteren we namelijk het cartesiaans dualisme van geest en materie en daaruit volgt automatisch een scheiding van religie en natuurwetenschap en een vervreemding van mens en natuur. Thans lijkt de wetenschap echter op weg naar een keerpunt en we zien zowel in de natuurwetenschap als in de geesteswetenschap dat de gescheiden helften elkàar weer naderen.
De natuurwetenschappers beperken zich niet langer tot de materie maar publiceren steeds vaker over geest en God. Fysici die werken met het onzekerheidsprincipe van Heisenberg en de chaostheorie van Prigogine attenderen de wereld erop dat, net als indertijd Copernicus en Darwin, de gangbare opvattingen over de relatie God-mens- natuur niet meer stroken met de nieuwe natuurinzichten. Er dringt zich een nieuw beeld op, dat van een organistisch zelfscheppende natuur met een intrinsieke eigen vrijheid waar de mens geen invloed op kan hebben. Het 'twee werelden model' van geestelijke levensbeschouwing en materiële natuur ondergaat een soort copernicaanse revolutie
(p. 12).
Thomas Berry: Denk erom, de Aarde is een spiegel die God zichzelf voorhoudt.
Ilya Prigogine: In navolging van Spinoza zei Einstein ooit tegen De Gaulle dat we marionetten zijn zonder dit zelf te beseffen.

Tetractys van Pythagoras en Chaostheorie (Chaospunt en ‘In-formatie’, Complementariteit)

Om een cultuuromslag te realiseren gaat het uiteindelijk om een integrale denktrant (de samenhang tussen de domeinen van de alfa-, béta- en gammawetenschappers) die het parochiale denken, de symboolpolitiek van het ’eigen koninkrijkje’, de 'bv Ego' overstijgt.

Stelling: Alleen een interdisciplinaire grensoverschrijdende benadering, een integrale denktrant, de synthese van de alfa-, béta- en gammawetenschappen brengt de Theorie van alles een stapje verder.

De driedeling 'Waakbewustzijn, Remslaap en Non-remslaap' van Steven Pinker kan met de groepen 1, 2 en 3 die Anna Lemkow in het boek Het Heelheid Principe bespreekt worden vergeleken. Of met andere woorden in het waakbewustzijn zijn we bewust Theïst of Atheïst. Daarentegen geeft de ‘Remslaap’ (REM sleep and creativity of het hoger bewustzijn) aan dat er meer is tussen hemel en aarde.

Titus Rivas Recente artikelen in het Journal of Near-Death Studies
Jeffrey Long en Janice M. Holden: Does the Arousal System Contribute to Near-Death and Out-of-Body Experiences? A Summary and Response (blz. 135-169).
Dit artikel is een respons op twee artikelen van Kevin Nelson en enkele collega's uit 2006 en 2007 in het tijdschrift Neurology over bijna-doodervaringen en uittredingen. De inhoud van deze artikelen is overigens sterk vertekend weergegeven door de populaire media. In het eerste artikel legden de auteurs een verband tussen BDE's en REM-intrusion, een toestand waarbij er elementen uit de REM-slaap optreden terwijl de persoon in kwestie bij bewustzijn zijn, meestal vlak voordat hij in slaapt valt of wakker wordt. Er zijn twee hoofdvormen van dit verschijnsel: namelijk slaap verlamming, waarbij iemand gevoel heeft dat hij wel wakker is maar zijn lichaam niet kan bewegen, en hallucinaties die gekoppeld zijn aan het slapen, waarbij vaak reёle elementen uit de omgeving worden verwerkt. Dit soort ervaringen duren maximaal enkele minuten en zijn vaak angstaanjagend. Als iemand dit patroon nu regelmatig vertoont, kan er sprake zijn van een soort slaap/waak-stoornis of narcolepsie. Overigens beschouwden Nelson c.s. ook kataplexie als een symptoom van REM-intrusion, d.w.z. een tijdelijke verslapping van de skeletspieren bij emotionele gewaarwordingen, terwijl de patiёnt bij bewustzijn is.

JSO van Asseldonk: Het hersenonderzoek (p. 17):
In recente publikaties (Wilber, 1985, Berk, 1987, Blakeslee, 1980) wordt uitvoerig ingegaan op het neurofysiologisch en hersenonderzoek van onder andere Ashley en Pribram. Hieruit blijkt dat een belangrijk deel van de hersencapaciteit van de mens thans min of meer braak blijft liggen. De een wijst meer op het eenzijdig gebruik van de rationele hersenschors ten koste van de instinctieve hersenstam, terwijl de ander de eenzijdigheid vooral toeschrijft aan het overmatig gebruik van de linker-ten opzichte van de rechterhersenhelft. De achterliggende gedachte hierbij is dat hersenstam en rechterhersenhelft in aanleg beter in staat zijn tot, en oorspronkelijk ook meer de functie hadden van een natuurervaring met deelnemend bewustzijn. Verschillende wetenschappers, zoals Koestler (1981),
FIG:Barbara McClintock verrichtte baanbrekend genetisch onderzoek aan maїsplanten. Zij ging echter niet uit van de Cartesiaanse principes en moest jarenlang op erkenning wachten.
Bohm (1980) en Wilber (1985) vergelijken de resultaten van de kernfysici en het hersenonderzoek met de Cartesiaanse uitgangspunten.
37/38: Als geen ander was Whitehead ervan doordrongen dat de quantummechnica een natuurbeeld opriep waarin tijd en ruimte niet op zichzelf kunnen bestaan. "zijn betekent niet ergens zijn en alléén daar, maar invloed ondergaan en invloed uitoefenen, een veld op een bepaalde wijze doortrekken en wijzigen" 27.).
Dit is niet alleen de werkelijkheid voor een organisme in de biologie maar ook voor een atoom in de fysica. Deze universele relativiteit maakt het Whitehead mogelijk te spreken van een "Philosophy of organism". De scheiding "geestelijk-materieel" noemt hij een "bifurcation of nature"; de "feit-waarde" tegenstelling een "vicious separation".
Bij Whitehead lijkt het begrip prehensie op "waarneming": "prehensie: concrete facts of relatedness" . Er worden verschillende prehensies gebruikt (fysische, conceptuele en hybride prehensies). Dit onderscheid voert nu te ver. Waarneming is een positieve prehensie die ook "feeling" wordt genoemd, een "vatten" in de ruimste zin. "Datgene wat elk gebeuren vat bij zijn eigen zelfwording is zelf op te vatten als een feeling" 28.). De overeenkomst met de fenomenologie is ten aanzien van de waarneming onmiskenbaar.
63: De Griekse filosoof Herakleitos (Heraclitus) had met zijn formulering 'panta rei' (alles stroomt, pneuma) alle nadruk gelegd op dat gebeurteniskarakter, en daaraan de gedachte verbonden dat men nooit tweemaal dezelfde (tijds)stroom kan doorwaden; kortom, dat de tijd onomkeerbaar is. Deze gedachte neemt Whitehead over.
65: De laatste jaren blijkt dat Whitehead met zijn organistisch model van de werkelijkheid zijn tijd ver vooruit was. Tegenwoordig treffen we een vergelijkbaar model aan in de zogenaamde chaos-natuurkunde. Hierin herkent men zelforganiserende natuur-processen in ver-van-evenwicht situaties (Prigogine). De 'fractals' met hun gebroken dimensies zijn in feite de wiskundige weergave van zo'n zelfscheppingsproces.

'Dreigt hier een Mr Hyde scenario waarbij het tegengif van het vogelgriepvirus het gif zelf wordt?' (OPINIE - Inge Mutsaers/Henk van Houtum Volkskrant 2 december 2011)
De ontwikkeling van een voor mensen besmettelijke variant van het vogelgriepvirus getuigt van menselijke overmoed. En daar is geen vaccin tegen.
De virologen zelf verantwoorden hun onderzoek door te wijzen op het maatschappelijke belang van het onderzoek. Namelijk dat ze tijdig een vaccin kunnen ontwikkelen als er een vogelgrieppandemie zou uitbreken. Maar die bezwering is bepaald geen geruststelling. Want daaruit spreekt een nogal grote pretentie. Namelijk dat ze niet alleen denken de natuur te kunnen modelleren dan wel voorspellen, maar ook werkelijk zonder neveneffecten doeltreffend kunnen ingrijpen. Als we bij de afgelopen virusuitbraken - zoals de Mexicaanse Griep, de vogelgriep, BSE, en de varkenspest - echter iets gezien hebben, is dat we die niet hebben kunnen voorspellen. En de beheersing ervan ging elke keer gepaard met onnodige paniek, overmatig inslaan van antibiotica en vaccins, massaal vernietigen van groenten en het uit voorzorg op grote schaal doden van dieren.
Almacht
Het lijkt er op dat we overmoedig zijn gaan geloven in menselijke almacht. Misschien is dat wel een effect van het van overheidswege ingepeperde geloof dat we zelf verantwoordelijk zijn voor ons eigen geluk. Het is de ultieme paradox van onze laat-kapitalistische maatschappij: dat het verlangen naar individuele zelfbeschikking samengaat met een extreem verlangen naar een maakbare menselijke samenleving, met inmiddels ook de natuur zelf op de snijtafel. Waar we vroeger nog onszelf verwarmden met de deken van het geloof, legt de overheid na de spreekwoordelijke dood van God de pastorale functie van hoop en troost nu dus in handen van de wetenschap en techniek. De witte jas als nieuwe deken van troost. Met de doctor als goeroe.
Maar dit geloof zorgt er dus nu wel voor dat diezelfde doctor nu zelfs een dodelijk virus maakt ter bescherming. Het is bijna het opzettelijk spotten met de natuur. Ons ultieme verlangen naar controle heeft daarmee een kantelpunt bereikt. Het is het punt waarop onze beschermheren zelf een extreem risico creëren en de angst niet doen afnemen, maar juist doen toenemen. Er lijkt sprake van 'collateral damage' van onze kennis. Of wat de Duitse filosoof Peter Sloterdijk omschrijft als auto-immunisering. Dat wil zeggen: de bescherming tegen een gevaar wordt een gevaar op zich.
Want, om met de Nederlandse popgroep De Dijk te spreken: 'We kunnen de wereld niet veranderen. Maar wel onze kijk erop.'

Pythagoras denkt in klassen, groepen, categorieën, verzamelingen. Pythagoras toont net als Ervin Laszlo en Ken Wilber een integrale denktrant. De unificatietheorie bevat het kader voor de hoofdroute. Het laat zien hoe klasseverschillen in deze tijd kunnen worden opgelost.

Hubert van Bell en Jan van der Veken boek Nieuwheid denken. De wetenschappen en het creatieve aspect van de werkelijkheid
Omschrijving
De wetenschappen en in het bijzonder de exacte wetenschappen hebben het moeilijk met het creatieve aspect van de werkelijkheid. Vooral bij de studie van complexe en niet-lineaire systemen zoals levende wezens duiken er nieuwe wetten op die niet in een reductionistische visie blijken te passen. Deze ‘emergente’ wetten zijn immers niet tot de fundamentele wetten van de fysica te herleiden. In dit boek bespreken we de problemen die samengaan met het ontstaan van nieuwe structuren en gedragspatronen tijdens het evolutieproces. We trachten een denkkader te ontwikkelen om nieuwheid te denken. Daarbij gaan we ervan uit dat het creatieve aspect van de werkelijkheid zich niet volledig aan de rationaliteit onttrekt. Belangrijke thema’s zijn onder meer de gelaagde structuur van de werkelijkheid, de grenzen van het reductionisme, het emergentiebegrip en de visies van Leo Apostel en Alfred North Whitehead. Nieuwheid denken kadert in het wereldbeeldenproject van ‘Worldviews’. Deze denkgroep werd in 1990 onder stimulans van Leo Apostel en Jan Van der Veken opgericht en beoogt de constructie van integrerende wereldbeelden vanuit een interdisciplinair en zelfs transdisciplinair perspectief. Het boek richt zich tot allen die belangstelling hebben in wereldbeelden en de diepere aard van de werkelijkheid.

De zeven zintuigen maken het met behulp van het non-lokaal bewustzijn mogelijk om boven ruimte en tijd uit te stijgen en dus harmonie te creëren.

Het bewustwordingsproces bestaat uit de uitwisseling tussen het vrouwelijk en het mannelijk, tussen 'Chaos, Gaia en Eros' en het 'Goede, Ware en Schone', tussen materie en geest, tussen lagere en hogere Triade, tussen chaos en harmonie, tussen navel (Epithumia) en hart (Thumos), tussen begin en het einde, tussen Alpha en Omega.

Bewustzijnsevolutie (evolutionaire kringloop) en Darwin's Evolutietheorie zijn de twee zijden van een medaille.

Het reflexieve bewustzijn verhindert, in de woorden van Duintjer, dat hun geest 'volledig tegenwoordig' in het heden kan zijn. Door over het heden na te denken verdeelt het reflexieve bewustzijn de aandacht met name over verleden en toekomst.

Fred Matser boek Net als jij ben ik EEN VAN DE MILJARDEN expressies van de schepping op deze aarde, Ervin Laszlo (p. 348):
Het geëvolueerde bewustzijn van één individu kan zich op die manier verbreiden en groeien; en als het weerklank vindt in het denken van een geheel nieuwe cultuur, kan het heel de beschaving naar een hoger plan tillen. Dit moet een wereldomvattende verheffing zijn, want de (over)heersende beschaving – de mechanistische, manipulerende en versplinterende beschaving van het industriële tijdperk – is al wereld omvattend. Toch behoeft de nieuwe beschaving - anders dan de huidige – niet monolithisch te zijn. Zij kan streven naar eenheid, onder het aanmoedigen van verscheidenheid, en zo organisch en ‘systematisch’ tegelijk zijn. Dit zijn de principiële inzichten die de grondslag vormen waarop de Club van Boedapest steunt. Zij komen tot uiting in het tweeling motto van de Club ‘Je kunt de wereld veranderen’ en ‘Op naar een wereldomvattende beschaving’.

Spinoza boek Ethica Deel 5: Een accent ligt op het hoe, de wijze of de weg die tot vrijheid leidt (Sp281). Begrijpen is de dingen zien in logische afhankelijkheid in plaats van in hun tijdelijke opeenvolging, zulk een begrip is even tijdloos, even eeuwig als een of andere mathematische waarheid, die ‘in God’ bestaat. Voorzover wij dus begrijpen zijn we eeuwig, hebben wij deel aan het oneindige Verstand van God (Sp335).

Spinoza (eveneens pantheïst) schreef in zijn Theologisch-politiek Tractaat uit 1670 onder meer dat jodendom en christendom (religies) alleen maar historische fenomenen waren, niet berustend op iets absoluuts.

Op de vraag wat is tijd? en de relatie tussen verleden, heden en toekomst geven Blavatsky in Deel I (p. 74) en Laszlo in zijn boek KOSMOS een integrale visie op de wereld (p. 64) een vrijwel identiek antwoord.

In een open, dynamisch systeem moet er van een gebroken symmetrie sprake zijn. Volledig gelijk duidt immers op een evenwichtstoestand.
Hoofdstuk 3: DE GEMIDDELDE EVOLUTIE, Selectie en symmetriebreking.
3.1. Symmetrie en Alfa-informatie Een historische terugblik (gebroken symmetrie).

In 5D staat ‘Er is slechts eeuwig leven in het NU’ van Trân-Thi-Kim-Diêu centraal.
(zie artikel De verticale verbinding van verleden en heden van Trân-Thi-Kim-Diêu).

Ouspensky’s boek De vierde dimensie dat in 1918 in Rusland verscheen: Blavatsky roept de mens op in het eeuwige te leven en niet tevreden te zijn met het tijdelijke.... Dit zijn gedurfde inzichten die niet ontkend kunnen worden.
In het eeuwige te leven betekent voor de onsterfelijke geestelijke wereld te kiezen, de wereld die geen tijd kent.

Het mysterie van het leven zit in de 4e dimensie verborgen. De vrije keuze, de creativiteit die we hebben ligt als het ware op deze grenslijn. Volgens de relativiteitstheorie van Einstein is tijd geen absoluut gegeven. De objectieve realiteit bestaat niet. Grenslijnen zijn kunstmatig, zijn mensenwerk.

Het denken vindt in het nu, op het snijvlak tussen verleden en toekomst plaats. Er wordt vooralsnog van uitgegaan dat het nu op het snijpunt ligt van de drie ruimtelijke dimensies.

Het verschijnsel tijd (zoek op tijd) laat zich niet zo gemakkelijk definiëren.

De in de bijlage ‘Nu, Verleden en Toekomst’ gerubriceerde publicaties laten zien dat het definiëren van het verschijnsel tijd nog niet zo eenvoudig ligt. Waandenkbeelden blijven bestaan zolang de domeinen Geest en Lichaam, geesteswetenschappen en de natuurwetenschappen los van elkaar blijven functioneren. Voor wat betreft ruimte en tijd kan er maar een waarheid zijn, die voor beide domeinen geldt. Het is wenselijk dat de discrepantie die er over de begrippen ruimte en tijd is ontstaan wordt opgeheven. Er treedt een paradigmawisseling van Thomas Kuhn, een revolutie in het wetenschappelijke denken op, wanneer de grens die tussen beide domeinen is ontstaan wordt doorbroken.

Het bereiken van een beter leven op aarde is alleen mogelijk wanneer we het bewustzijn willen verruimen, grenzen willen verbreken, grenzen willen verleggen. Maar dan moeten we eerst de diepte in en kennis maken met onze eigen diepste kern.
Het 5D-concept belicht de dynamiek van verschillende concepten, perspectieven achter persoonlijke en collectieve bewustzijnsontwikkeling. De innerlijke verandering komt aan de buitenkant tot uitdrukking. Individuele transformaties leiden tot een collectieve verandering.
De stroom van de geschiedenis wordt gevormd door zowel onze individuele als collectieve daden. Na de doorgeslagen individualisering groeit nu langzaam het besef dat we niet zonder gemeenschap, een duurzame samenleving kunnen.
De mensheid raakt er steeds meer van bewust dat we voor de continuïteit van het leven op aarde nu verantwoordelijk zijn.
Het dwingt ons er toe op een slimmere manier met de natuur om te gaan. Opportunistische korte termijn oplossingen bieden geen uitkomst voor de langere termijn.

Het is het reflexief bewustzijn, het zelfbewustzijn dat een mens van een dier onderscheidt. De uiterlijke werkelijkheid is een weerspiegeling van de innerlijke werkelijkheid. Zo weerspiegelt de diagonaal ‘Monade en Duade’ zich in de diagonaal ‘Triade en Tetrade’, de diagonaal ‘God -Zoon - Heilige Geest’ zich in de diagonaal ‘Lichaam - Ziel - Geest’. Op de verticale as staat tegenover de ziel de Heilige Geest, anima mundi.

De Europese middeleeuwen waren door de invloed van het christendom in hoofdzaak theocentrisch gericht. Vanaf de renaissance en vooral in de periode van de Verlichting met de opkomst van de natuurwetenschappen in de 17e eeuw won het antropocentrische wereldbeeld opnieuw terrein.

Het probleem is dat we allemaal meer of minder met autisme (conditioneringen, beperkingen) zijn behept. Gedrag wordt vooral bepaald door de omstandigheden in de buitenwereld (nurture) te veranderen.

Fay van Ierland: Over bestuderen van De Geheime Leer, ook De Mahatma Brieven: je moet nieuwe hersenpaden maken. Dat aanmaken van die nieuwe hersenpaden, daarbij wordt een oude manier van denken, op jezelf gericht, vervangen door ontvangend denken. Waarbij je denken iets kan opvangen wat je laat zien, wat je inzicht geeft, in wat zij je aangeven. Zonder die verandering in je denken kun je er eigenlijk niets van begrijpen.

Trekkermechanisme ("nieuwe hersenpaden")
Je moet niet zo dwaas zijn jezelf het gekkenhuis in te werken door teveel ineens te willen doen. De hersenen zijn het instrument van het waak-bewustzijn en ieder bewust mentaal beeld dat gevormd wordt betekent verandering en vernietiging van atomen van de hersenen. Gewone intellectuele aktiviteit verloopt langs gebaande wegen in de hersenen en vereist geen plotselinge aanpassingen en vernietigingen in hun substantie. Maar deze nieuwe soort van mentale inspanningen vraagt om iets totaal anders - het scheppen van "nieuwe hersenpaden" (new brain paths), het tot stand brengen van een andere orde in de kleine levens in de hersenen. Als dit geforceerd en onoordeelkundig geschiedt, kan dit ernstige fysieke schade aan de hersenen toebrengen.
Om onze waarneming, leergedrag, opmerkzaamheid, logisch redeneren, herinneren, dromen te verklaren vergelijkt Prof. van Peursen in zijn boek Cultuur in stroomversnelling uit 1975 de werking van de hersenprocessen met het zogenaamde ‘trekkermechanisme’. De regels volgens welke er in onze hersenen gerangeerd, geschakeld wordt, zijn veranderlijk en worden beïnvloed door de situaties om ons heen. Iets kan pas een trekkereffect hebben dank zij de ‘spelregels’, een ‘programmering’, een ‘organisatiepatroon’, die zijn opgeslagen binnen onze hersenschors (cortex of buitenste lagen van onze hersenen). De hersenwerking kan pas zijn bijzondere effecten hebben door de regels, die er in liggen. Regels zijn geen stoffelijke dingen, maar ongrijpbare patronen, schakelnetwerken. De regels kunnen veranderen door het contact met de buitenwereld.

De netwerkconnecties (Communicatie, Trekkermechanisme, NLP) in de microwereld van het brein functioneren analoog aan een sociaal netwerk ('complementaire schismogenesis') in de macrowereld. Een sociaal netwerk, dat in het spraakgebruik als 'netwerk' wordt aangeduid, is een netwerk van mensen of groepen mensen.

De onderzoeksresultaten op het terrein van 'Nature en Nurture' bieden een kader voor het 'Incarnatie en Reïncarnatie' debat. Zelfreferentie vormt daarbij de spil. Het is en blijft allemaal mensenwerk. Centraal staat dat de toekomst wel degelijk het heden kan bepalen, hoe richten wij onze energie? Bij leven gaat het om de entelechie van Aristoteles, de emergente eigenschap zelfgelijkvormigheid. De vier oorzaken-leer van Aristoteles is nog steeds actueel. Pythagoras had de kwintessens, de onderliggende eenheid achter de verscheidenheid al te pakken, de chaos. Het zijn onze conditioneringen die bepalen hoe we de wereld zien.

Heraclitus' gedachte dat alles altijd verandert formuleerde Plato met de woorden "panta rhei" (alles stroomt). Nog belangrijker dan de leer van de verandering was voor Heraclitus echter de leer van de eenheid der tegendelen. Tegenovergestelde spanningen zijn toch op elkaar afgestemd. Zo heb je zonder dag geen nacht. Een pad omhoog is ook hetzelfde pad als het pad omlaag. Als er geen tegenspraak was, had je volgens Heraclitus geen werkelijkheid. Dit principe stelt het fenomeen these, antithese en synthese (complementaire eenheid en/of de monade), de wisselwerking tussen 'Vuur en Water'; 'Lucht en Aarde' aan de orde.

Om de waarheid te achterhalen is er volgens Pythagoras - in verband met de supersymmetrie in de schepping - geen complexe wiskunde nodig. Om de 10 dimensies weer te geven is de gebruikte wiskunde van het metrieke stelsel eenvoudiger dan bij de snaartheorie.
Microkosmos (ommekeer)

sleutel zeven7e DimensieHoofdstuk 5 Hermeneutische cirkelCategorie van alles
sleutel zes6e DimensieHoofdstuk 56e MachtMeta-leren’Energie en Materie’
sleutel vijf5e DimensieHoofdstuk 2, 5, 4.4 Bijlage5e MachtReflexief bewustzijn’Energie en Tijd’
sleutel vier4e DimensieHoofdstuk 2, 5, 8.3 Bijlage4e MachtEther-paradigma’Ruimte en Tijd’
7. 7*7; Esoterie; Bewustzijnsevolutie;7S-model (Non-lokaal)Hermeneutische CirkelTriade + Tetrade = Zeven zintuigen
6. Zes standpunten; DavidsterWeltstoff'Meta-lerenAardse ’Iron triangle en hemelse drie Logoi’
5. Kwintessens; Ethica; CommunicatieZeitgeistReflexief bewustzijn'Triade + Tetrade' = Kwintessens
4. Tetrade; ZelforganisatieArrow of time (Zeitpfeil)Ether-paradigmaVier oorzaken-leer; Kwadranten

Afhankelijk van het gezichtspunt kun je spreken over numen, memen, mind stuff, Weltstoff of nomen. De vraag is of dit punt voor de éne werkelijheid echt relevant is. De éne werkelijkheid is dat het universum in het menselijke bewustzijn wordt weerspiegeld. De éne werkelijkheid, de reflecties van de metafysica op de werkelijkheid vormen een samenhangend symmetrisch geheel. De mens als middelpunt tussen microkosmos en macrokosmos, binnenwereld en buitenwereld, op het snijpunt tussen verleden en toekomst. De éne werkelijkheid maakt het mogelijk het verschijnsel mens te verklaren.

René Girard wijst op de betekenis van Plato’s opvattingen over de menselijke imitatie. Iedere menselijke begeerte mimetisch van aard is, en dus altijd bemiddeld (via de ander) tot stand komt. Deze driehoeksbegeerte werpt een nieuw en verhelderend licht op de menselijke betrekkingen van bewondering, rivaliteit en haat: willen wat de ander wil en begeren wat de ander begeert. De geestelijke wereld is werkelijkheid, de zintuiglijke is een illusie, want veranderlijk. Men moet zich volgens Plato richten op het geestelijke en streven naar de hoogste wijsheid, namelijk die van het Goede, het Ware en het Schone.

Elke medaille heeft twee complementaire kanten, die door de spiegelsymmetrie, het projectiemechanisme tot uitdrukking wordt gebracht. De eenheid der tegendelen is het basisingrediënt in het rapport ‘E i V’. De eenheid der tegendelen brengt echter ook een tegenstelling tussen twee polen, de keerzijde tot uitdrukking. De éne werkelijkheid bestaat uit paren van tegenstellingen, ‘hemel en aarde’, ’evolutie en involutie’, 'onbewuste en bewuste', ‘collectieve en individuele' onbewuste. Het gaat er om in de menselijke geest zowel het bewuste als het onbewuste te overstijgen. De complementariteit bestaat op aarde, maar niet bij God (Ain-Soph) in de hemel. Uiteindelijke kan het individuele bewustzijn de ware aard van het universele, kosmische, non-lokale bewustzijn niet kennen.

In het rapport ‘E i V’ wordt de relatie ‘Absoluut en Relatief’ aan de hand van Ain-Soph (Parabram, éne Werkelijkheid) en het Ether-paradigma (Het paradigma van de relatieve ether) verklaart. De relatie ‘Absoluut en Relatief’ berust op het principe van complementariteit dat al door Heraclitus naar voren is gebracht en heeft op de ‘eenheid der tegendelen’ ('These + Antithese = Synthese', Trimurti) het overbruggen van tegenstellingen betrekking.

In de theosofie wordt dit door het 2e en 3e Beginsel, Periodiciteit en Hiërarchieën, tot uiting gebracht.

I.M. Oderberg Over vrije wil en oorzakelijkheid
Karma is de noodzakelijke band tussen ons verleden, ons heden en onze toekomst. Als een wiel draait het onvermijdelijk rond, omdat wijzelf dag in dag uit, jaar in jaar uit doorgaan te bestaan, te handelen, handelingen te ondergaan en te reageren. Dit blijkt de manier te zijn waarop de Grieken de noodzakelijkheid zagen; het moet in deze zin zijn geweest dat de filosoof Alfred North Whitehead schreef: ‘De noodzakelijkheid in de Griekse tragedie wordt de natuurwet van het moderne denken.’ Overal om ons heen zien we de tekenen van een gecoördineerd systeem van levens, van de meest nietige tot de zeer grote, en coördinatie vraagt beslist om een coördinator.

De Kosmos, een goddelijk Plan; ‘Evolutie’ en ‘God’, divergentie of convergentie?...
Een belangrijke attractie van het boek vormen de citaten van protagonisten van het nieuwe holistische denken, o.a. David Bohm (bekend van Heelheid en de Impliciete Orde), Ken Wilber (de grote theoreticus van de transpersoonlijke psychologie), Whitehead (die de werkelijkheid ziet als een creatief proces) en Teilhard de Chardin (die Darwins evolutietheorie omvormde tot een creatieve ontwikkeling richting een universeel omega).
6. Zie het hoofdwerk van Whitehead, Process and Reality. Zie o.a. Wat gebeurt er in Gods naam? Een nieuwe kijk op wereld, God en religie vanuit het procesdenken van Alfred North Whitehead van Thomas E. Hosinski; Doet God ertoe? Een interpretatie van Whitehead als bijdrage aan een theologie van Gods handelen van Palmyre M.F. Oomen; Denken over God en wereld onder redactie van Willem B. Drees. Zie ook de artikelen van Ben Crul en Ko Kleisen in GAMMA. Zie het werk van Max Wildiers (o.a. Kosmologie, Theologie op nieuwe wegen, De muziek der sferen, De vijf vreugden van de geest) en Jan Van der Veken (o.a. De dynamiek van de religie, Een kosmos om in te leven, Denken aan al wat is, God en wereld). En zie: H. Berghs (red.), Denk-wijzen 1. Een inleiding in het denken van E. Levinas, L. Wittgenstein, A. Whitehead, J. Habermas.
Jan Van der Veken: "Whitehead zelf noemde zijn visie, uiteengezet in Process and Reality, 'philosophy of organism'. Dat organisch, creatief Geheel is voor hem geen machine, maar een Gebeuren van eenwording, gericht op het tot stand brengen van esthetische harmonie." Jan Van der Veken, Denken aan al wat is. Een hedendaagse fundamentele wijsbegeerte, Van Gorcum, Assen, Universitaire Pers, Leuven, 1994, p. 261.

Het probleem van het ego (twéé kanten van een medaille), de Unificatietheorie omvat al de Theorie van alles, de oplossingsrichting, die in De Geheime Leer van Blavatsky wordt uitgewerkt.

H.P. Blavatsky boek Isis ontsluierd Deel 1 (p. 10):
Maar Plato kon geen filosofie accepteren die elk spiritueel streven zou missen; die twee waren bij hem één. Voor de oude Griekse wijze was er maar één doel: het verkrijgen van WERKELIJKE KENNIS. Hij beschouwde alleen diegenen als echte filosofen of als zoekers naar waarheid, die de kennis bezitten van het werkelijk bestaande, in tegenstelling tot het louter zichtbare; van het altijd bestaande in tegenstelling tot het vergankelijke; en van wat blijvend bestaat in tegenstelling tot wat toeneemt, afneemt en afwisselend wordt ontwikkeld en vernietigd.
16: Deze hele combinatie van de opklimming van getallen in de idee van de schepping komt van de hindoes. Het wezen dat door zichzelf bestaat, Svayambhû of Svåyambhuva, zoals sommigen hem noemen, is één. Hij emaneert uit zichzelf het scheppende vermogen, Brahmå of purusha (de goddelijk mannelijke), en het ene wordt twee. Uit deze duade, de vereniging van het zuiver verstandelijke beginsel met het stoffelijke beginsel, evolueert een derde, Viråj, de wereld van de verschijnselen. Uit deze onzichtbare en onbegrijpelijke drie-eenheid, de brahmaanse trimurti, evolueert de tweede triade, die de drie vermogens voorstelt: het scheppende, het in stand houdende en het transformerende. Deze worden gesymboliseerd door Brahmå, Vishñu en Íiva, maar vermengen zich telkens weer tot één. De Eenheid, Brahmå, of zoals de Veda’s hem noemen, Tridañdi, is de drievoudig gemanifesteerde god, uit wie de symbolische Aum of de verkorte trimurti ontstond. Alleen onder deze drie-eenheid, altijd actief en tastbaar voor onze zintuigen, kan de onzichtbare en onbekende Monas zich aan de wereld van stervelingen manifesteren.
21: In de Epinomis wordt de leer van de pythagorische getallen met betrekking tot geschapen dingen volledig uiteengezet. Als een ware platonist beweert de schrijver ervan dat wijsheid alleen kan worden verkregen door een grondig onderzoek naar het occulte karakter van de schepping; alleen dat verzekert ons van een bestaan van gelukzaligheid na de dood. In deze verhandeling staan uitvoerige beschouwingen over de onsterfelijkheid van de ziel, maar de schrijver voegt eraan toe dat we deze kennis alleen kunnen verkrijgen door een volledig begrip van de getallen. Want wie een rechte lijn niet kan onderscheiden van een kromme, zal nooit voldoende wijsheid bezitten om een wiskundig bewijs van het onzichtbare te begrijpen. Met andere woorden, we moeten overtuigd zijn van het objectieve bestaan van onze ziel (astraal lichaam) vóór ons kan worden meegedeeld dat we een goddelijke en onsterfelijke geest bezitten. Iamblichus zegt hetzelfde en voegt eraan toe dat het een geheim is dat behoort tot de hoogste inwijding. De Goddelijke Macht, zegt hij, is altijd verontwaardigd geweest over hen ‘die de constructie van de icosagonus bekendmaakten’, dat wil zeggen die de methode van het vormen van een dodecaëder1 in een bol aan de openbaarheid prijsgaven.
57: De harmonie en de wiskundige gelijkvormigheid van de dubbele evolutie – de spirituele en de fysieke – worden alleen verduidelijkt door de universele getallen van Pythagoras, die zijn stelsel volledig opbouwde op basis van de zogenaamde ‘metrische taal’ van de Veda’s van de hindoes. Pas kortgeleden nam Martin Haug, een van de ijverigste Sanskrietgeleerden, de vertaling op zich van het Aitareya Bråhmañam van de Rig-Veda.
58: Plato, de toegewijde leerling van Pythagoras, begreep dit zo goed dat hij beweerde dat de dodecaëder de meetkundige figuur was die de demiurg bij de bouw van het heelal had gebruikt.1 Enkele van deze getallen hadden een bijzonder heilige betekenis. De vier bijvoorbeeld, waarvan de dodecaëder het drievoud is, werd door de pythagoreeërs als heilig beschouwd. Het is het volmaakte vierkant; geen van de zijden is ook maar iets langer dan de andere. Het is het symbool van morele gerechtigheid en goddelijke rechtvaardigheid, meetkundig uitgedrukt.
240: Van Helmont, die een leerling van Paracelsus was, zegt ongeveer hetzelfde, hoewel zijn theorieën over magnetisme breder zijn ontwikkeld en nog zorgvuldiger zijn uitgewerkt. Het magnale magnum, het middel waardoor de verborgen magnetische eigenschap ‘de mensen in staat stelt elkaar wederzijds te beïnvloeden’, wordt door hem toegeschreven aan die universele sympathie die tussen alle dingen in de natuur bestaat. De oorzaak brengt het gevolg teweeg, het gevolg werkt weer terug op de oorzaak, en beide werken wederzijds op elkaar in.
323: Geen stofdeeltje kan ooit verloren gaan; geen enkel deel van de in de natuur bestaande kracht kan verdwijnen, dus was het bewezen dat kracht evenzeer onvernietigbaar is; en van haar verschillende manifestaties of krachten, onder verschillende aspecten, werd aangetoond dat ze wederzijds in elkaar kunnen worden omgezet, en slechts verschillende manieren van beweging van de stofdeeltjes zijn. En zo werd de wisselwerking van krachten (Wederkerigheid) opnieuw ontdekt.

H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel I, Voorwoord van de schrijfster (p. x):
De schrijfster is daarom bereid de volledige verantwoordelijkheid voor de inhoud van dit boek op zich te nemen en zelfs om te worden beschuldigd het helemaal te hebben verzonnen. Ze is zich volkomen bewust dat het veel tekortkomingen heeft; ze maakt er slechts aanspraak op dat, romantisch als het velen misschien toeschijnt, zijn logische samenhang en consistentie aan deze nieuwe Genesis in ieder geval het recht geven op één niveau te worden geplaatst met de ‘werkhypothesen’ die de moderne wetenschap zo gemakkelijk aanvaardt. Verder maakt het er aanspraak op te worden overwogen, niet op grond van enig beroep op dogmatisch gezag, maar omdat het zich nauw aan de Natuur houdt en de wetten van gelijkvormigheid en analogie volgt.
H.P. Blavatsky: De Geheime Leer Deel I Proloog (p. 32):
Zij is het ENE LEVEN, eeuwig, onzichtbaar en toch alomtegenwoordig, zonder begin of einde en toch periodiek in haar geregelde manifestaties, terwijl tussen die perioden het duistere geheim van het niet-zijn heerst; onbewust en toch absoluut Bewustzijn; niet te verwerkelijken en toch de ene op zichzelf bestaande werkelijkheid; inderdaad ‘een chaos voor het gevoel, een Kosmos voor de rede’. Haar ene absolute kenmerk, namelijk HETZELF, de eeuwige, onophoudelijke beweging, wordt in esoterische taal de ‘grote adem’2 genoemd, dat is de eeuwigdurende beweging van het Heelal in de zin van grenzeloze, altijd aanwezige RUIMTE. Wat bewegingloos is, kan niet goddelijk zijn. Maar er is ook in feite en in werkelijkheid niets absoluut onbeweeglijk binnen de universele ziel.
2) Plato toont zich een ingewijde als hij in de Cratylus zegt dat theos is afgeleid van het werkwoord theein, ‘bewegen’, ‘lopen’, want de eerste astronomen die de bewegingen van de hemellichamen waarnamen, noemden de planeten theoi, de goden. (Zie Deel II, Afd. II, XXII, De symboliek van kruis en cirkel.) Later ontstond uit het woord nòg een term, aletheia – de adem van god’.
De Geheime Leer Deel I, hoofdstuk 11 Demon est deus inversus (p. 461):
De universele ziel is niet de inerte oorzaak van de schepping of (Para)Brahma, maar eenvoudig wat we het zesde beginsel van de verstandelijke Kosmos noemen, op het gemanifesteerde bestaansgebied. Zij is mahat of mahabuddhi, de grote ziel, het voertuig van de geest, de eerste oorspronkelijke weerspiegeling van de vormloze oorzaak en dat wat zelfs boven de geest staat. Tot zover over de misplaatste uitval van professor Wilson. De verklaring van het schijnbaar inconsequente beroep op Vishnu door de verslagen goden staat in de tekst van het Vishnu Purāna, als de oriëntalisten deze maar zouden opmerken. Er is een Vishnu als Brahmā en een Vishnu in zijn twee aspecten, leert de filosofie. Er is maar één Brahma, ‘in essentie prakriti en geest ’, enz.
De Geheime Leer Deel I, Hoofdstuk 6 De maskers van de wetenschap Fysica of metafysica? (p. 573):
Het beste wat de wetenschap kan doen, is een houding van agnosticisme aan te nemen en deze vol te houden. Zij kan dan zeggen: ‘Voor uw opvatting bestaat niet meer bewijs dan voor de onze, maar we bekennen dat we in werkelijkheid niets weten, noch over kracht of stof, noch over datgene wat ten grondslag ligt aan de zogenaamde wisselwerking van krachten (Wederkerigheid). Alleen de tijd kan dus leren wie gelijk heeft en wie niet. Laten we geduldig wachten en hoffelijkheid betrachten, in plaats van elkaar te beschimpen.’

De Geheime Leer Deel II, De oorspronkelijke manu's van de mensheid (p. 353):
Maar Vishnu is de goddelijke geest als abstract beginsel en ook als de instandhouder en voortbrenger, of schenker van het leven – de derde persoon van de trimurti (die bestaat uit Brahma, de schepper, Siva, de vernietiger en Vishnu, de instandhouder). Volgens de allegorie leidt Vishnu, in de vorm van een vis, de ark van Vaivasvata Manu veilig over de wateren van de vloed.
De Geheime Leer Deel II, hoofdstuk 25 De mysteriën van het zevental (p. 697):
'Ruimte en Tijd' zijn één. Ruimte en tijd zijn naamloos, want ze zijn het onkenbare DAT, wat alleen kan worden gevoeld door middel van zijn zeven stralen – die de zeven scheppingen, de zeven werelden, de zeven wetten zijn’, enz. . . .

Deel III van het onderzoeksrapport 'E i V' behandelt de C-, P- en T-symmetry van het standaardmodel. Het beschrijft het universele patroon Triade + Tetrade = Kwintessens. Of met andere woorden het patroon van de mens is hetzelfde als het patroon van de gehele schepping.

Door religies bij het huisvuil te zetten betekent nog niet dat de moraal van het verhaal is opgelost.
De symptomen van ressentiment in de maatschappij zeggen iets over het psychosociale klimaat van deze tijd. Draait het niet juist om de discipline moraliteit? De dubbele moraal maakt het lastig om de veelheid van culturen met universele waarden te verbinden. Waarom laten we het gebeuren dat de schijnwereld in het multiculturele Nederland toeneemt?

De in het rapport ‘E i V’ geïnventariseerde modellen zijn net als SUSY supersymmetrisch.

Zowel Klaas van Egmond in zijn boek Een vorm van beschaving (p. 55) als Gerrit Teule in het boek Wat Darwin niet kon weten (p. 133) maken van i (wortel -1), de imaginaire 5e dimensie 'Weltstoff' (Materie-bewustzijn) gebruik. Het rapport ‘E i V’ bespreekt de kwintessens, de imaginaire 5e dimensie, de relatie met het universele denkvermogen (universele quintessens). Het universele denkvermogen, de kosmische ruimte en de eeuwige duur zijn de drie aspecten van de éne werkelijkheid.

Samenvatting ('Reflexief Bewustzijn en Meta-leren')

In het 5Ddenkraam zijn 'Kosmogonie van Pythagoras en Antropogenese', de 'metafysica, het bovennatuurlijke en de fysica', 'geestkunde en natuurkunde', 'Bewustzijnsevolutie en Evolutietheorie', 'Unificatietheorie en Snaartheorie', twee complementaire kanten van één medaille. Het is het projectiemechanisme, de spiegelsymmetrie die beide met elkaar verbindt. Of met andere woorden door alleen beide kanten de ‘natuurwetenschappen + geesteswetenschappen’these + antithese = synthese - van de éne werkelijkheid te belichten komt de theorie van alles een stapje verder. Als we de zaken werkelijk willen veranderen dienen we aan het geestelijke kapitaal meer aandacht te besteden.

Het is als met de Bijbel, Koran en Talmoed wat zeggen deze heilige boeken ons over de mens?
Matteüs 7: En wat ziet gij den splinter, die in het oog uws broeders is, maar den balk, die in uw oog is, merkt gij niet?
In de kern draait menselijke beschaving om de rechtvaardigheid tussen mens en medemens, de morele schakel tussen het individuele en het algemene belang. Wordt de macht door competente of door incompetente leiders uitgeoefend?

Een nieuw perspectief, een nieuw paradigma ontstaat door de heilige boeken te bestuderen, te herinterpreteren. De verbeeldingskracht wordt daardoor gestimuleerd.

Verbeeldingskracht (ideatie), de kernkwaliteit creativethink is het positief tegenovergestelde van chaos. Middels de ommekeer is het mogelijk ons met de natuurlijke kringloop (flow), te verbinden. We zijn medescheppers van iedere situatie die in ons leven ontstaat. Ieder initiatief, elk mens kan door het vlindereffect de zelfordening positief beïnvloeden. De chaostheorie leert dat alles met elkaar verbonden is en de onderzoeker niet af te scheiden is van het onderzoek. Alleen door dat wat is te accepteren komt de evolutie een stapje verder.

Met het adagium ‘u vraagt, wij draaien’ van veel politici – met als gevolg de Nederland breed ingevoerde marktwerking – heeft men het paard achter de wagen gespannen. Het opportunistische ééndimensionale marktdenken staat diametraal tegenover het innovatieve interdisciplinaire denken.

Stelling: De Vierde , Vijfde en Zesde macht (Media) zorgen in Nederland voor de feedforward besturing, de dynamiek in de samenleving en de 1e, 2e en 3e macht voor feedback.

De mensheid houdt zich al millennia bezig om de kloof tussen probleem en oplossing te verkleinen. Primair draait het om vanuit welk perspectief, welke perceptie naar een vraagstuk wordt gekeken.

Het boek Een vorm van beschaving van Klaas van Egmond bevat de rode draad (Axis Mundi). Het wiskundige model van de chaostheorie maakt het mogelijk het wiskundige model, de driehoek van Pythagoras te ontcijferen (‘E i V’ hoofdstuk 7.2).

Het iteratief/recursief proces legt de link naar de chaostheorie, lees systeemtheorie. De zelfgelijkvormigheid wordt door de spiegelsymmetrie tot uitdrukking gebracht.

In 1972 ontstond een 'biologische' vlinder (vlindereffect) van Edward Lorenz. Systemen die eigenschappen van het vlindereffect hebben, en zich dus 'chaotisch' gedragen, zijn onder meer de beurshandel en de atmosfeer. De hamvraag is wat is tijd, dus hoe wordt de Alpha en Omega van het bestaan, de kloktijd en innerlijke tijd met elkaar verbonden? Primair draait het nog steeds om niet mijn wil, maar Uw wil geschiede.

De vraag die gesteld kan worden is in hoeverre hangen de veel besproken debacle’s Enron, Parmalat, Ahold, Shell, Betuwelijn en HSL, de vernieuwingen in het onderwijs (Het Nieuwe Leren), de kredietcrisis en vanaf begin 2010 de eurocrisis met de organisatiecultuur samen?

Het is allemaal minder complex dan het lijkt. De moraal van het verhaal draait om ‘Goed en Kwaad’, ‘Belonen en Straffen’. Maar de geschiedenis leert dat het oplossen van het vraagstuk van ‘Goed en Kwaad’ uiterst complex is. De afgelopen decennia hebben te veel managers zich met het doorschuiven van problemen bezig gehouden. De hamvraag is of je voor 'oplossen of doorschuiven' van problemen riant wordt beloond? De in de afgelopen decennia door de Nederlandse overheid breed ondersteunde marktwerking is de kern van veel vraagstukken. Door het stuur uit handen te geven los je geen problemen op. Marktdenken berust enkel op het principe van belonen en straffen. Het verdeelt de wereld in winners en losers.

Bij leven gaat het om doelgerichtheid (telos, entelechie de vier oorzaken-leer) van Aristoteles, de emergente (noogenesis) eigenschap zelfgelijkvormigheid. Elke nanoseconde veranderen wij bewust of onbewust de wereld. Door in verbinding te blijven met het zelforganiserend principe, de negentropie, de blauwdruk van het leven is het mogelijk de chaos te bedwingen. In Prigogines ogen was de tijd van de zekerheden definitief voorbij. Meer nog, hij zag onzekerheid als een bron van rijkdom. Daarmee demonstreerde hij een rotsvast geloof in de kracht van de mens. Net zoals Karl Popper noemde hij zich de waarschijnlijk meest optimistische pessimist.

Het ordeningsprincipe 'Chaos en Harmonie' ('chaos in tijdmanagement') dat in het universum zit verscholen heeft op de chaostheorie betrekking.
Om de relatie tussen ‘deel’ en ‘geheel’, het (‘en-en’/‘of-of’-mechanisme) te verklaren gebruikt Arthur Koestler het concept van holons. Een holarchie is een hiërarchie van holons. De gebroken symmetrie zorgt voor het onderscheidingsvermogen van onze ziel en risicobeheersing om de crises van menselijke makelij te bezweren.

Het eindige, gemanifesteerde universum is volledig gevuld met atomen ('Atoom en Levensatoom'). Elk atoom (organisme, mens) in het fractale ‘nu’ neemt in de ruimte een unieke positie in. Deze atomen staan door het eeuwige nu met elkaar in verbinding. De theorie van Einstein (Einstein e=m.c² of 'Energie = Materie') leert dat er tussen de atomen onderling wel degelijk tijdsverschillen arrow of time bestaan.

Terug naar Marcelo Gleiser
Hieronder volgen nu ter vergelijking met de opmerkingen van Jules Ruis over fractals enkele citaten uit Marcelo Gleisers boek Een scheurtje in de rand van de schepping (p. 67):
"De kosmische expansie impliceert een arrow of time (een pijl of richting van de tijd): terwijl het universum groeit, beweegt de tijd voorwaarts".
92: "Ook de tijd wordt beïnvloed. Sterkere zwaartekracht vertraagt de tijd. Voor de tijdsdimensie zijn er het heden en het verleden".
170: De CP-schending heeft zelfs een nog diepere en geheimzinniger implicatie: deeltjes kiezen ook een favoriete tijdrichting. De asymmetrie van de tijd, het kenmerk van een expanderend universum, doet zich ook op microscopisch niveau voor!. Dit soort systemen worden invariant onder tijdsomkering genoemd: ze hebben geen duidelijke tijdrichting".

Eckhart Tolle: Iedere handeling die vanuit het nu ontstaat, zal precies juist zijn.
Eckhart Tolle (PRANA nr. 176 dec/jan 2009): Ego verbreekt de natuurlijke gegevenheid van ‘eenheid, heelheid, een Zijn, verbonden Zijn’ en schept de illusie van afgescheidenheid. Dit vanuit het subject-object bewustzijn opererende ‘ego’ is de kern van ons lijden.

De 5e dimensie staat voor het eeuwige nu op het grensvlak van ’Ruimte en Tijd’, de 4e dimensie van Ouspensky die niet kan worden waargenomen. Er bestaat als het ware geen heden, verleden of toekomst. Het nu is wel met verleden en toekomst verbonden. We kunnen het heden alleen begrijpen door over het verleden na te denken. In het A-veld zijn 'Ruimte en Tijd' ('Eindeloos bewustzijn en Eeuwige duur') één. Het brengt de keerzijde van het gemanifesteerde Ruimte en Tijd continuüm, de materiesymmetrie tot uitdrukking.
‘Energie en Tijd’ toont de twee complementaire grootheden van een kwantum en brengt de reflectie, de werking van spiegelneuronen (spiegelsymmetrie, mimese) tot uitdrukking.

Relatieve tijd en absolute tijd geven het verschil aan tussen kloktijd en innerlijke tijd respectievelijk Chronos en Kronos. De relatieve - en absolute tijd verhouden zich tot elkaar als evolutie en involutie. De absolute tijd is de 4e dimensie, de eenheid van 'Ruimte en Tijd', de relatieve ruimtetijd. De 5e dimensie is de eenheid van het nu met de eeuwigheid, de absolute ruimtetijd. Om deze dimensie uit te beelden wordt de lemniscaat gebruikt.

Het Ether-paradigma en het 5D-concept worden naast elkaar gebruikt en passen beide in een 5Ddenkraam. Het Ether-paradigma heeft als vertrekpunt de materie, elektromagnetisme, QED en de relatieve ether van René Meijer. Het 5D-concept belicht de 5e Dimensie vanuit een filosofisch perspectief. Het is net als met Geest en Lichaam, hemel en aarde, Zo boven, Zo beneden, top down en bottom up, deductief en inductief. Het zijn de twee complementaire kanten van een medaille, die beide de kwintessens tot uitdrukking brengen. Absoluut en relatief, uiterste objectivering en uiterste subjectivering zijn de beide polen van de éne werkelijkheid. Of met andere woorden het Ether-paradigma begint bij 4 en eindigt bij 5 en het 5D-concept begint bij 5 en eindigt bij 4.

Het kompaskwadrant wordt gebruikt om de samenhang tussen 4 elementen (Triade + Tetrade) - synthese van het mannelijke en vrouwelijke - het 5e element weer te geven. Tegenover Ether staat Aether. De interacties tussen beide kunnen door de driehoek (1 + 2 + 3 + 4 = 10) van Pythagoras en de categorieënleer van Aristoteles, worden gesymboliseerd.

Het kompaskwadrant toont een rode draad in het wereldgebeuren en biedt een kader om religies met elkaar te verbinden, onder een noemer te brengen en het autisme tussen religies te doorbreken. In de Westerse wereld is het geloof in God vervangen door het grenzeloze geloof in de mythe van de vrije markt. Het betekent daarmee nog niet dat de ‘as van het kwaad’ is verdwenen. God dood verklaren wil nog niet zeggen dat Hij is ontmaskerd. Met andere etiketten verandert nog niet de werkelijkheid. Het kompaskwadrant kan worden gebruikt om zichtbaar te maken waar tegenwicht geboden is.

Er bestaat maar één pedagogische hoofdroute, maar er zijn vele wegen die naar Rome leiden. Elk mens gaat door een leerproces, ervaart in het leven op zijn manier ‘lijden’. Elke levenssituatie is uniek. Met de vier edele waarheden geeft Boeddha een pad naar het beëindigen van het ‘lijden’ aan.

Het snijpunt van de drie assen van het kompaskwadrant toont het punt waar de synthese tussen hemel en aarde plaatsvindt, de psyche de relatie tussen de microkosmos en de macrokosmos. Dit snijpunt symboliseert het eeuwige nu. Het Kompaskwadrant laat zien dat het er om gaat met de natuurlijke kringloop, de oerbron in verbinding te komen.
De wederkerigheid tussen twee polen komt in de relatie door E = Materie (Mass energy equivalence, c² = constant) tot uitdrukking.
Lading (wederkerigheid) is in feite niets anders dan de sterke vervorming van de ruimte-tijd die hoort bij elementaire deeltjes, waardoor die deeltjes ruimte-tijd een eigen leven kunnen gaan leiden en o.a. het voorwerp kunnen uitmaken van een golfbeweging.
18. Kracht, impuls en energie
Energie wordt opgeslagen in de ruimte door vervorming van die ruimte: een elementaire wijziging in deze opslag veroorzaakt een kracht. Maar een kracht is ook de verandering van een impuls met de tijd.

’Energie en Materie’ is op de beroemde formule van Einstein E=m.c² gebaseerd en staat door het kwadraat van de lichtsnelheid (snelheid van een foton) met een getal, de tijdsymmetrie (time reversal transformation) in verband. Voor fotonen geldt hetzelfde als voor neutronen, synapsen, gedachten en gevoelens (communicatie) ze verschijnen en verdwijnen. Een foton is een voorbeeld van een kwantum. Een foton is de kleinst mogelijke eenheid van licht.

Gottfried de Purucker: Zo komt het dat duur zowel identiek is met ruimte als met kosmisch denkvermogen. Toch is zelfs dit mysterie der mysteries, ruimte-denkvermogen-duur, het product of het beeld dat ons hoogste intellect heeft van dat onuitsprekelijke mysterie dat het naamloze of dat wordt genoemd. We zien bovendien dat verleden en toekomst, op de juiste manier begrepen, samensmelten tot ‘het eeuwige nu’.
Het kan nuttig zijn te weten dat khandakala een samengesteld Sanskrietwoord is dat gebroken tijd betekent, wat wil zeggen dat de duur in het gemanifesteerde heelal lijkt te zijn opgebroken in tijdsperioden, die lang of kort zijn.

De innerlijke harmonie is verbroken omdat we hebben gegeten van de boom der kennis van goed en kwaad. De mens wordt zich van zijn morele autonomie, van waarden en normen bewust.

Eufemistisch uitgedrukt hebben zowel George W. Bush als Tony Blair in hun regeerperiode tussen Moed en Bedachtzaamheid (Weloverwogen moed) niet de juiste balans kunnen vinden. Frits Bolkestein voert daarentegen nu een betere balanceeract uit. In de kern draait het in het leven om de kunst de juiste balans tussen leraar en leerling ('heer en slaaf' van Nietzsche) te bereiken.

Volgens Dolf van den Brink (FD 4 november 2011) is het probleem in de westerse landen dat in de afgelopen vijftien jaren de schulden boven de verdiencapaciteit van de reёle economie zijn uitgestegen.

De hamvraag is nu in hoeverre politici, met name de republikeinen in Amerika, die voor een belangrijk deel debet zijn aan de crisis inkomsten en uitgaven beter in balans willen brengen, dus echt bereid zijn over hun eigen schaduw heen te stappen? Maar een en ander geldt evenzeer voor burgers.
Het spiegelneuron geeft een wetenschappelijke onderbouwing van het projectiemechanisme van Carl Jung e.a. Zowel de Radboud Universiteit, de Universiteit Leiden als de Vrije Universiteit Amsterdam besteden aan het thema spiegelneuron serieus aandacht.

J.S.O. van Asseldonk De Tao van de Landbouw II. De Natuurmystiek (p. 66):
Teilhard de Chardin slaagt er ongewild (en onbewust?) in de voorgaande bijdragen van de verschillende mystici grotendeels in één omvattende kosmologie te verenigen. Het grote voordeel van zijn bijdrage is bovendien dat zijn kosmologie beter aansluit bij de wetenschap.
Teilhard de Chardin onderkent de drie fasen geosfeer, biosfeer en noösfeer, die logisch op elkaar volgen en analoog verlopen aan de drievoudige blauwdruk, het stoffelijke, psychische en geestelijke evolutieplan in de Theosofie.

Het complementariteitsprincipe - de eenheid der tegendelen - 'These + Antithese = Synthese' geldt zowel van boven naar beneden (1 – 2 – 3) als van beneden naar boven. Het 5D-concept en het Ether-paradigma brengen de kwintessens, de ommekeer tot uitdrukking. Het Ken uzelve leidt er toe dat we op het chaospunt en groupthink grip kunnen krijgen.

Het complementariteitsprincipe komt in de wisselwerking, tussen de ’Invoer en Uitvoer’ en ‘Verwerking en Feedback’ naar voren.

'Verloren paradijs en Hervonden paradijs'.

Prof. Hofstede: De menselijke natuur is wat alle menselijke wezens met elkaar gemeen hebben.

De discussies over klimaatverandering laten zien dat politici en wetenschappers hun uiterste best doen om het wereldgebeuren voor de leek zo onbegrijpelijk mogelijk te maken.

Zie ook:

Boeken:

Externe Links

<< vorige || volgende >>

Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 597 keer bekeken.