Deze filognostische presentatie is in aanbouw

Individueel en Collectief

Oost en West (Hermetica, Derde domein, 'Zelfexpressie en Organisatiecultuur')

J.A.A. van Doorn: Intellectuelen hebben zich te veel opgeworpen als ideologen, vertegenwoordigers van de wetgevende rede die de ervaringswijsheid van de gemiddelde burger bij voorbaat afdoen als een manifestatie van vooroordelen, onbegrip en onwetendheid. Democratie is de politiek van het menselijk tekort en in die politiek dient commen sense het uitgangspunt te vormen.
Baas in eigen huis en het huis ten laste van de gemeenschap.

'Staat moet intelligenter' (Interview Jean Paul Fitoussi Volkskrant 2 januari 2010)
China wordt verweten dat het een akkoord heeft verhinderd. Maar de Chinese leiders hadden gelijk. De levensstandaard daar is voorlopig vele malen lager. De Chinezen zeggen: het Westen heeft zich ontwikkeld toen het kon. Verhinder ons niet hetzelfde te doen.
Volgens Fitoussi staan in de economie van nu twee kernvragen centraal: ongelijkheid en ecologie. Ongelijkheid noemt hij de voornaamste oorzaak van de economische crisis. Alle maatregelen – sociaal, economisch, politiek moeten er op gericht zijn die te verminderen. Ecologie moet het leidend beginsel zijn voor investeringen om uit de crisis te komen.
Is ongelijkheid voor u een morele of een praktische kwestie?
Morele gevolgen zijn er ook: als de ongelijkheid toeneemt, functioneert de democratie slechter.
De hands off-houding van de overheid leidde ertoe dat fiscale en sociale concurrentie de echte productieconcurrentie ging vervangen.
Belastingen en sociale maatregelen zijn de enige middelen die de overheid nog resten.
Frankrijk gaat investeren in onderwijs, onderzoek, milieu en digitale technologie. Dan weet je zeker dat er rendement is.

'Crisis versnelt proces van 100 jaar' (Interview Niall Ferguson Volkskrant 31 december 2009)
Eerst was voor 2040 voorzien dat China de VS zouden overtreffen, nu is dat door de crisis al in 2027. Over twintig jaar zullen we zeggen dat deze crisis het einde van vijf eeuwen westerse dominantie heeft versneld.
Bewijst dat succes van China het gelijk van Keynes? De Chinezen hebben hun economie immers enorm gestimuleerd.
Keynes schreef dat zijn Algemene Theorie veel beter werkt in een totalitaire economie, want dan is er geen weglek-effect: stimuleringsmaatregelen zoals in de bouw en infrastructuur komen alleen ten goede aan je eigen economie. Dan heb je een echt versterkend effect. De Algemene Theorie van Keynes is alleen toepasbaar op een speciaal geval. Daarom zou het de Speciale Theorie moeten heten. Dat speciale geval is China.
In een gesloten systeem zoals China werken overheidsstimuli geweldig. Amerika is daarentegen een groot lek: je staatssteun gaat net zozeer naar General Motors als naar Toyota.
Alle reden voor pessimisme, dus?
Wel als je hier leeft, maar niet als je in China of India woont. Dan kun je zeggen dat het na vijfhonderd jaar jouw beurt is. We hebben nu het monetaire beleid als tijdens een wereldoorlog. Maar we lossen het probleem van de enorme hefboom op met een nog grotere hefboom. Er is nog nooit zoveel schuld geweest. Economische modellen voldoen daarvoor niet meer.
Alles wat ons rest, is geschiedenis en de wetenschap dat de gebeurtenissen zich herhalen. Alleen niet in dezelfde volgorde.

In 2008 kelderden de effectenbeurzen wereldwijd door de gevolgen van de kredietcrisis.

In de woorden van ex-premier Wim Kok: De essentie van het 'poldermodel' is dialoog en evenwicht. Bij dialoog hoort tegenspraak en bij evenwicht tegenwicht. Het belangrijkste voor het goed functioneren van de overheid is tegenspraak, tegenwicht. Dit geldt ook de passieve houding van de overheid voor wat betreft de toekomst. Voor een doeltreffende aanpak van maatschappelijke vraagstukken is een actievere, van het private domein onafhankelijker opstelling van de overheid gewenst. Met onafhankelijk wordt bedoeld dat de overheid zich minder door politieke machtspelletjes moet laten beïnvloeden.

The Ascent of Money
Niall Ferguson komt ons te hulp met de door hem geschreven en gepresenteerde documentaire ‘The Ascent of Money' (‘Het succes van geld'). In deze serie probeert Ferguson te verklaren hoe het toch komt dat een kwestie over huizenhypotheken in Amerika een wereldwijde financiële crisis veroorzaakte. En in de nasleep daarvan leek de hele westerse financiële wereld op zijn gat te liggen. Interessant aan Fergusons aanpak is dat hij de belangrijkste zaken uit de tegenwoordige tijd (obligaties, hedgefondsen, hypotheekleningen etcetera) behandelt vanuit een historisch perspectief. Volgens Ferguson is dit zeker niet de eerste keer dat een crisis op zulke schaal plaatsvindt. De geschiedenis van de financiële instituties, ja, het gehele financiële systeem is er een van vallen en opstaan. Niet alleen de beurskrach van 1929 wordt uiteraard genoemd maar bijvoorbeeld ook de desastreuze invloed van obligatiehandel in de 17e, 18e en 19e eeuw op de Napoleontische oorlogen en de Amerikaanse burgeroorlog. De afkeer tegen Joodse geldleners, de opkomst van beroemde families uit de financiële geschiedenis zoals de De Medici en de Rothschilds. Maar ook financiële crises in Zuid-Amerika en Japan worden tegen het licht van de geschiedenis bekeken. Deze vogelvlucht presentatie van de financiële geschiedenis van de wereld moet bepaalde ontwikkelingen in het heden verduidelijken. De werking van de huidige financiële wereld en haar instituties is gegroeid uit een evolutionair proces van honderden jaren. Nog meer is deze insteek een onderschrijven van een van de belangrijkste conclusies die Ferguson trekt in zijn documentaire: mensen leren niet van de geschiedenis.

Niall Ferguson zag hoe het financiële drama, dat als ‘kredietcrisis’ al maanden de krantenpagina’s domineert, zich de laatste jaren langzaam ontvouwde en deed daarvan erudiet verslag. De Schot, onder meer hoogleraar aan de prestigieuze Harvard Business School en biograaf van de Rothschild-bankiers, is een vermaard historicus. Geld is zijn specialiteit. Zijn recent verschenen boek heet Het succes van geld .
Geef niet de boodschapper de schuld. Geef niet geld de schuld. Geld is voor de mens net zo belangrijk als de uitvinding van het wiel of de arbeidsdeling. De financiële markten zijn dan ook niet ‘een monster dat op zijn plaats moet worden gezet’, maar een spiegel van de mensheid. Die spiegel kun je het niet kwalijk nemen dat mensen zijn zoals ze zijn. Hebzuchtig. Maar vooral kuddedieren, die geneigd zich door anderen mee te laten slepen in hun euforie en in hun wanhoop.
Dat is kort gezegd het verhaal dat de Britse historicus Niall Ferguson vertelt in zijn jongste boek Het succes van geld . Voor hem is de financiële chaos van de afgelopen tijd geen incident, maar hij plaatst de huidige kredietcrisis in een historische traditie. Klassiekers als de windhandel in aandelen rondom de Franse Mississippi Compagnie vinden bij hem vrijwel naadloos hun evenknie in de kredietbel voor de Amerikaanse huizenmarkt, gefinancierd door de besparingen van China.
Nadat hij eerst de opkomst van het geld heeft geschetst en de daarbij behorende perioden van uitzinnige groei en peilloos diepe wanhoop, komt hij in de hoofdstukken vijf en zes tot de kern van de huidige crisis.
Die ligt in de wonderlijke cohabitatie van Chinezen en Amerikanen in een nieuw land, dat door Ferguson Chimerika wordt genoemd. Chimerika beslaat dertien procent van het aardoppervlak, herbergt een kwart van de wereldbevolking en produceert een derde van het Bruto Product. Een tijdlang was er een goede samenwerking binnen Chimerika, een soortement arbeidsverdeling.
De ene helft zorgde voor de besparingen, de andere voor de bestedingen. In Amerika daalde de spaarquote van ongeveer vijf procent midden jaren tachtig tot nul. In China liep hij in die periode juist op van dertig tot vijfenveertig procent. Zo werd Chimerika de motor achter de wereldwijde economisch groei: de laatste zes jaar kwam meer dan de helft daarvan voor rekening van dit nieuwe land.
Het goedkope geld was brandstof voor een hausse op de Amerikaanse vastgoedmarkt. Met steeds meer kopers en huizenprijzen die alleen maar verder leken te kunnen stijgen, ontstond er een gevaarlijke staat van euforie. Zoals zo vaak in de geschiedenis, meenden schuldenaren en kredietverstrekkers dat het dit keer echt anders dan anders was en dat de bomen tot in de hemel zouden groeien. Maar niks hoor. Het manisch-depressieve karakter van de economie is aangeboren, het valt niet te behandelen. Met geen enkel medicijn. Want toen er zich steeds meer wanbetalers aandienden, maakte de euforie als vanouds plaats voor wanhoop.
Wie een overzicht wil van de gebeurtenissen die volgden op het faillissement van Lehman Brothers in september 2008, kan daarvoor nu nog niet bij Ferguson terecht. Hij legde in mei 2008 de laatste hand aan zijn manuscript en zijn boek verscheen min of meer tegelijk met de ‘meltdown’ van Wall Street. Maar wie wil lezen hoe het drama zich bijna onafwendbaar ontwikkelde en wat de fundamentele krachten achter een financiële ineenstorting zijn, heeft met Het succes van geld een schitterend boek in handen.
Als het stof van de huidige financiële chaos eindelijk is neergedaald, zal dat voor Ferguson ongetwijfeld materiaal opleveren voor een nieuw boek. Hopelijk opnieuw een boek waarin, net als in Het succes van geld duidelijke voorbeelden en een scherpe analyse hand in hand gaan.

Ian Buruma & Avishai Margalit, ‘Occidentalism – The West in the Eyes of its Enemies’ (Volkskrant 10/16 april 2004):
Kenmerkend voor het occidentalisme is voorts de manicheïstische denkwijze, dat wil zeggen, het denken in absolute termen van goed en kwaad, licht en duister. Beide auteurs beschouwen het islamitisch occidentalisme als een zeer serieus te nemen gevaar, waartegen krachtige afweer geboden is, maar waarschuwen tegelijkertijd indringend tegen het verketteren van de Islam en islamitische gelovigen. Door dat wel te doen zouden we in het Westen zelf in de val van het occidentalisme trappen. De auteurs waarschuwen tegen ‘de verleiding om vuur met vuur te bestrijden, het islamisme met onze eigen vormen van intolerantie. We kunnen het ons niet veroorloven onze samenleving af te sluiten bij wijze van verdediging tegen degenen die de hunne hebben afgesloten. Want dan zouden we allemaal occidentalisten worden en zou er niets meer over zijn om te verdedigen.’

Nexus-lezing (20 juni 2004) Avishai Margalit Occidentalism. The West in the Eyes of its Enemies
Avishai Margalit werd in 1939 geboren in Jeruzalem, nadat zijn ouders begin jaren dertig uit de Poolse sjtetl naar Palestina waren geëmigreerd. Margalit groeide op in een seculier politiek geëngageerd milieu. Hij studeerde economie en filosofie aan de Hebrew University in zijn geboortestad, is sinds 1970 aan diezelfde universiteit verbonden als hoogleraar wijsbegeerte en verzorgde gasthoogleraarschappen aan onder andere de universiteiten van Oxford, Berlijn, Praag, Florence, Harvard en Princeton. De afgelopen decennia is Avishai Margalit uitgegroeid tot een van de meest vermaarde denkers over sociale en ethische vraagstukken van onze maatschappij. Niet voor niets kreeg hij in 2001 de Spinoza-prijs voor zijn bijdrage aan het debat over de ethische grondslagen van de samenleving. Zijn eigen ervaringen in Israël en zijn politieke betrokkenheid liggen ten grondslag aan de vragen waar hij als filosoof over wil nadenken: Wat is afgoderij? Wat is een fatsoenlijke samenleving? Is de holocaust uniek? Hebben we een morele plicht om bepaalde gebeurtenissen te onthouden? Wat kun je vergeven en wat niet? De inzichten die Margalit verwierf, heeft hij in een glasheldere stijl uiteengezet in zijn boeken: Idolatry, The Decent Society, Ethics of Memory. In 1978 was hij een van de medeoprichters van de Vrede Nu-beweging en regelmatig laat hij in de New York Review of Books zijn kritisch licht schijnen over de gebeurtenissen in het Midden-Oosten. Onlangs publiceerde Avishai Margalit samen met Ian Buruma het uitvoerige essay Occidentalism. Het Nexus Instituut publiceerde bijdragen van Avishai Margalit in Nexus 14, 15 en 24.

Avishai Margalit: Een man van het compromis (interview, Peter Giesen op 04 april 2009)
Margalit doceerde ooit in Oxford, waar hij sterk werd beïnvloed door de filosoof Isaiah Berlin. Nobele doelen komen vaak met elkaar in conflict, was Berlins stokpaardje. Gelijkheid gaat ten koste van vrijheid, en omgekeerd.
Zo staan ook rechtvaardigheid en vrede op gespannen voet met elkaar, stelt Margalit. Wie rechtvaardigheid nastreeft, zal doorgaans geen vrede vinden. En wie vrede wil sluiten, moet veelal onrechtvaardigheid op de koop toenemen. Na de Tweede Wereldoorlog offerde het Westen Oost-Europa aan de Sovjet-Unie. Dat was onrechtvaardig, zoals de inwoners van Boedapest in 1956 merkten. Toch zullen slechts weinig westerlingen dit compromis hebben betreurd. ‘Het compromis wordt vaak te zoet en te gemakkelijk voorgesteld’, zegt Margalit, in een raspend Engels dat aan Shimon Peres doet denken (‘zér ar srieoptions’). ‘Maar het is helemaal niet zo vanzelfsprekend. Waarom moet ik me aanpassen aan jouw overtuigingen die volgens mij verkeerd zijn? Waarom moet ik iets opgeven waarvan ik geloof dat het waar is? Waarom moet ik een compromis sluiten als ik geloof dat ik gelijk heb?’ Het antwoord ligt voor de hand: vrede. Niet alleen voor de oorlog, maar ook voor de vrede moeten we offers brengen, zegt Margalit. ‘Voor vrede moeten we veel opgeven. Maar niet alles. Dat is het hele punt’, stelt hij. Compromises and Rotten Compromises zal niet alleen een pleidooi voor het compromis zijn, maar ook een poging om de grens vast te leggen. Wanneer is een compromis verrot?
Boek Compromise and rotten compromise
Met zijn nieuwe werk Compromise and Rotten Compromise betoogt Avishai Margalit dat we in de politiek niet zonder compromissen kunnen, maar dat niet ieder compromis acceptabel is. Met een onfatsoenlijke regering, een regime van extreme wreedheid en vernedering, zouden we nooit een compromis moeten sluiten. Margalit behandelt in zijn nieuwe boek verschillende historische compromissen.

Naomi Klein Schone Schijn Woord vooraf
Wat inderdaad pijnlijk duidelijk wordt uit dit belangrijke boek, is dat het niet de inhoud van de kritiek is die deze enorme bedrijven zo mateloos irriteert, maar het feit dat ze überhaupt bekritiseerd worden. Door middel van case-studies en analyse legt Schone schijn een mentaliteit bloot van verontrustende intolerantie die door het bedrijfsleven waart: intolerantie jegens kritiek en discussie, alsmede een diepe weerzin tegen een kritische blik van buitenaf en tegen het afleggen van verantwoording.
Het is zeer ironisch dat na 11 september veel van diezelfde bedrijven zich haastig achter de 'oorlog tegen het terrorisme', achter de vlag van de VS hebben geschaard en beweren dat hun logo's symbolen van vrijheid en democratie zijn die zich keren tegen tirannie en censuur. Bepaalde lobbyisten uit de zakenwereld en politici die tegen het bedrijfsleven aanschurken, hebben de symboliek van de aanval op het World Trade Centre zelfs aangegrepen om te beweren dat deze terreurdaden een extreme uiting zijn van de ideeën die vreedzame en redelijke critici van wangedrag van bedrijven erop nahouden.

WAAROM HET STUREN VAN MEER TROEPEN GEEN GOED IDEE IS
Rory Stewart was maandag 21 december wintergast bij Raoul Heertje. De uitzending is vanwege auteursrecht niet op internet geplaatst, maar wordt op zaterdag 16 januari 2010 herhaald. Waarom moeten Barack Obama en Hans van Balen haar zien? Stewart liep in 2002 van Herat naar Kabul, dwars door de Hindu Kush. Hij schreef er een boek over, genaamd 'The Places in Between' (Tussenstations). De tocht leverde hem inzichten op over Afghanistan en de aanwezigheid van de buitenlandse troepen daar die in juli 2009 leidden tot de publicatie van het essay: 'The Irresistible Illusion'. Daarin plaatst hij vraagtekens bij het 'nation building' in Afghanistan en houdt een pleidooi voor reductie van het aantal buitenlandse troepen tot bijvoorbeeld twintigduizend. 'In dat geval zouden er voor de internationale gemeenschap twee doelstellingen overblijven: ontwikkeling en contraterrorisme.' Zie The irresistible illusion

Westerse cultuur >>>>Westerse overheersingModerne westen >>>>McWorld (globalisering)
||||
Occidentalisme <<<<Oosterse cultuurJihad <<<<Traditionele oosten

Benjamin Barber boek Jihad vs. McWorld (Volkskrant 27 december 2003):
Benjamin Barber laat in interviews en artikelen er geen misverstand over bestaan dat zijn oppermachtige vaderland en dus de wereld aan de rand van de afgrond staan. Oorlogen in Irak en Afghanistan werken averechts. Terreur neemt niet af maar toe. Representeert Barber de typische Bush-haat van links, zo instinctief en diepgeworteld dat hij het beeld van de werkelijkheid vertroebelt? De haat die rechts voor Bill Clinton voelde – in spiegelbeedd? Het Democracy Collaborative, ‘dat jonge mensen van vandaag tot de burgers van morgen; wil maken, heeft tot doel om ’democratie te globaliseren en globalisering te democratiseren’. De rest van de wereld ziet dat Amerika machtig is en tegelijk niet veel snapt van de wereld waarover die macht wordt uitgeoefend. Een centraal leerstuk in zijn nieuwe boek ‘Het rijk van de angst’ gaat over ‘preventieve democratie’ in plaats van ‘preventieve oorlog’ van Bush.
Frits Bolkestein geeft in de Volkskrant van 17 januari 2004 een reactie op het boek ‘Jihad vs McWorld’ van Benjamin Barber. Het zijn twee krachten die aan de basis liggen van de belangrijkste gebeurtenis sinds de val van de Berlijnse muur. Bolkestein spreekt liever over de tegenstelling cultureel particularisme en consumentisme.
Bolkestein is het niet eens met Barber die een soort Derde Weg probeert te vinden die noch jihad noch McWorld is. Maar die derde weg is er niet volgens Bolkestein: McWorld is namelijk onlosmakelijk met de democratie verweven.

Thomas von der Dunk De blinde vlek van Bolkestein
Frits Bolkestein mist het kernprobleem waar het om de fundamentalistische haat jegens het Westen gaat. Wij geven de pro-westerse krachten weinig handvatten om Arabieren van die westerse voorbeeldigheid te overtuigen.
Van de door Bolkestein zo geprezen cultuur van zelfkritiek, die het christendom van de islam doet onderscheiden, bleek in Washington overigens na 11 september weinig.
Iedereen die het waagde om bij Bushs oorlogszuchtige optreden kanttekeningen te hebben, werd op de meest intimiderende wijze als landverrader gebrandmerkt. Als het zich bedreigd meent, blijkt er ook in het zo open discussiërende Amerika plots weinig ruimte voor nuances op het beeld van Goed en Kwaad - dan verschilt het daarin plots weinig meer van de Arabische wereld, waar men zich al decennia bedreigd vernederd voelt.
Why do they hate us? - Dat was de vraag die men zich wel stelde, maar niet durfde te beantwoorden, omdat het antwoord niet zozeer luidt: vanwege wat wij zijn, als wel: vanwege wat wij doen. Daar lag het aanvankelijke gelijk van Susan Sonntag, door Bolkestein gehekeld met de opmerking dat de oorlogen in Irak en Afghanistan op 11 september volgden en er niet aan voorafgingen. Ook Bolkestein hoort kennelijk tot degenen die menen dat de Amerikaanse bemoeienis met het Midden-Oosten pas na 2001 begonnen is.
Olie
Maar ginds is men de decennialange westerse steun aan de sjah en de sjeiks, die meehielp de gewone bevolking onder de duim te houden en de democratische seculiere boodschap van het westen tot een farce maakten, niet vergeten. Er zijn nog genoeg beelden van een gezellig samenzijn tussen Rumsfeld en Saddam Hoessein in omloop om daarin te herinneren. Door omwille van olie en 'stabiliteit' met zogenaamd verlichte autocraten te pacteren joeg het Westen de aanvankelijk seculiere oppositie de moskee in - en de moskee laat zich ginds nu eenmaal níet zo makkelijk verbieden.
Het is de moreel failliete politiek van het Westen van de afgelopen decennia zelf die mede de woede jegens het Westen verklaart - en tegelijk de tweeslachtigheid van die woede. Want een groot deel van de anti-Amerikaanse Arabische middenklasse zou tegelijk graag naar Amerika willen. emigreren: men is jaloers op wat wij kunnen zijn, en verbitterd omdat zijzélf dat mede door ons toedoen niet kunnen zijn.
Ook in Irak verwachtten vele hunner decennialang steun van ons bij hun behoefte om vrijer te kunnen ademen, en in plaats daarvan kwam uit Nederland slechts de gifgashandelaar Van Anraat, die duizenden Iraakse Koerden de laatste adem ontnam.
Het is de moreel failliete politiek van het Westen van de afgelopen decennia zelf die mede de woede jegens het Westen verklaart.

Het is de vraag of de regerende elite tijdig de bakens verzet of dat de wal het schip zal keren? Vrijheid betekent voor veel entrepreneurs produceren wat de markt vraagt. Al behoeft het inspelen op de markt, een lange termijn visie niet in de weg te staan. De werkelijkheid is niet zwart versus wit. Het gaat er bij het zoeken naar een Derde Weg om de scherpe kanten van twee uitersten te onderkennen. Politici willen niet dat de politiek of de staat wordt gedegradeerd tot een reparatiewerkplaats waarin zij nog slechts de slachtoffers van het kapitalisme mogen oplappen. Het schrikbeeld dat democratisch gekozen regeringen er straks minder toe doen dan de gezamenlijke macht van bankiers, institutionele beleggers en multinationals. Als investeerders beschikken zij over kapitalen die het nationaal inkomen van grote landen verre overstijgen. Door de wereldwijde schaal waarop zij opereren, zijn zij maar weinig gevoelig voor nationale sentimenten. De angst voor die spijkerharde opstelling van naamloze buitenlandse investeerders is de sleutel tot alle emoties die de mondialisering oproept. Burgers voelen zich machteloos tegenover een kapitalisme dat de aandeelhouders boven de werknemer stelt en dat mensen onzeker maakt over hun baan omdat beslissingen daarover worden genomen door topmanagers in verre hoofdsteden die geen enkele binding met hen hebben.

Speech Bolkestein: "De Veelvolkeren Unie"
Laat de Europese Vielvölker Union daarvan leren. De Europese Unie moet niet zoals de Donaumonarchie alles tegelijk willen doen. De Europese Unie is een gemeenschap van natiestaten die besloten hebben sommige taken op federale wijze uit te voeren, niet een federale staat in wording die zich met alle beleidsterreinen bemoeit. Uitbreiding moet een omzichtig proces zijn, niet een panacee voor grote beloften. En voor de burger is Brussel ver weg. Referenda zijn eerder een bedreiging voor het eenheidsstreven dan een ondersteuning. De Europese Unie kan voor de burgers successen bereiken door zich te beperken tot haar hoofdtaken. In der Beschränkung zeigt sich der Meister.

In naam van de vrijheid wordt in Amerika de democratie afgebroken. Blijft Warren Harding de slechtste president ooit of zal George W. Bush, met zijn ééndimensionale denken het stokje overnemen?
Tijdens een lezing voor de Nationale Persclub in 1922 memoreerde de president hoe zijn vader hem eens had gezegd: 'Warren, het is maar goed dat jij niet als meisje op de wereld bent gekomen. Want dan was je continu zwanger geweest. Jij kunt immers geen nee zeggen’.
Ook op Harding was van toepassing geweest wat de Britse premier Winston Churchill, een halve eeuw later, over zijn opvolger Clement Attlee zeggen zou: een bescheiden man, met veel om bescheiden over te zijn.
Het beleid van Georg W. Bush is gebaseerd op het principe van voor-ons-of-tegen-ons. De regering Bush verdeelt de wereld in vrienden en mensen die geen vrienden zijn van Amerika, de cultuur van ‘wie niet voor ons is, is tegen ons’. Door een conflict al vanuit de zwart-wit, 'of-of' optiek te benaderen kom je niet dichter bij een oplossing. Te vaak hoor je de doctrine ‘Wat goed is voor Amerika is goed voor de rest van de wereld’. Amerika is bevangen door de ‘as van het kwaad’ en schiet daarmee in de eigen voet. Machteloosheid komt naar voren door de angst voor het gevaar van massavernietigingswapens in Irak, die achteraf nog steeds niet zijn gevonden. Opnieuw blijkt dat de angst voor gevaar gevaarlijker is dan het gevaar zelf.

'Klimaatverdrag Kopenhagen december is oprichting wereldregering'
Co2/Global Warming hoax voorwendsel voor overdragen soevereiniteit en welvaart landen aan VN
Volgens de voormalige wetenschappelijke adviseur van de Britse premier Margaret Thatcher, Lord Christopher Monckton, staat er in de tekst van het VN-Klimaatverdrag dat in december in Kopenhagen door de meeste landen zal worden getekend, letterlijk dat er een wereldregering zal worden opgericht, die toezicht zal houden op het overhevelen van de welvaart in het Westen naar de Derde Wereldlanden.
Geoffrey Lean, The Independent's environment editor, was critical of the programme. He noted that Dominic Lawson is the son and brother-in-law, respectively, of two prominent global warming sceptics (Nigel Lawson, who is featured in the programme, and Christopher Monckton), implying that Lawson was not a neutral observer.

Gert-Jan Seegers Het hart van de Europese cultuur is leeg (Volkskrant 29 december 2009)
Bolkestein meent dat het Christendom ons heeft opgezadeld met een schuldcomplex en een gebrek aan zelfvertrouwen. Maar de politiek filosofe Hannah Arendt stelt dat juist vergeving een van de belangrijkste christelijke bijdragen aan de westerse cultuur is geweest. Die vergeving is in persoonlijke verhoudingen een bevrijdende kracht, maar heeft in de publieke orde nooit het onrecht door de vingers willen zien. Liefde die alles goedpraat, heeft niets met het christelijk geloof te maken. Vergeving die uit haar christelijke context wordt gehaald en in een seculiere samenleving tot publieke moraal wordt verheven, leidt tot een slapheid die niets met het christendom heeft uit te staan.
De uitdaging van de Islam legt het lege hart van van de Europese cultuur bloot. Ze leidt tot een onzekerheid die Bolkestein terecht aanklaagt. Maar het is de onthoofding die de kip doet waggelen en het is de doorgehakte wortel die de boom doet verdorren. Alleen een nieuwe geboorte kan ons redden.

Evangelie komt van het Griekse woord euangelion (εὐαγγέλιον) dat 'goede (blijde) boodschap' betekent.
De blijde boodschap. Jezus Christus is gestorven voor onze zonden, is begraven, en is opgewekt op de derde dag (1 Korinthiërs 15 : 3 - 4). Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om een oordeel over haar te vellen, maar om de wereld door hem te redden. Over wie in hem gelooft wordt geen oordeel uitgesproken, maar wie niet in hem gelooft is al veroordeeld, omdat hij niet wilde geloven in de naam van Gods enige Zoon (Johannes 3 : 16 - 18).
Sceptische visie
Sinds de tijd van de Verlichting hebben Bijbelwetenschappers veel historisch-kritisch onderzoek verricht naar de evangeliën. Bijbelexegeet professor Peter Schmidt van de faculteit Godgeleerdheid van de Katholieke Universiteit Leuven concludeert in een overzichtsartikel op de website van SKEPP dat gedurende de laatste twee eeuwen de nieuwtestamentische exegese een aantal inzichten heeft ontwikkeld:
- alle evangeliën werden in het Grieks geschreven, tussen ca. 70 en ca. 100;
- geen van de vier canonische evangelisten was een ooggetuige van de feiten;
- de evangeliën bevatten een zekere hoeveelheid aan biografisch en historisch materiaal, maar kunnen niet beschouwd worden als verslaggeving, biografie of memoires;
- evangeliën zijn boeken van geloofsverkondiging. Zij vormen een literair genre sui generis, een complexe mengeling van overgeleverde herinneringen, symbolisch-religieuze interpretatie en literair-theologische constructie.
Volgens Schmidt kunnen deze gegevens vandaag bogen op een grote consensus onder 'de auteurs van de hedendaagse queeste'.

De verticale as door het centrum van het Ei van Assagioli symboliseert de door Maslow genoemde Derde Weg in de psychologie. De humanistische psychologie van Maslow gaat er van uit dat je de mens niet moet reduceren tot een door driften bepaald wezen, dat net als een dier reageert. De mens moet je ook niet zien als een wezen dat zich alleen door externe factoren, belonen en straffen, laat motiveren. De natuur van ieder mens is er op gericht zijn talenten tot ontplooiing te brengen. Voor de humanistische psychologie staat het menselijk zijn centraal, is juist de subjectieve informatie relevant.

Het rapport 'E i V' betoogt dat er tussen twee extremen per definitie altijd een derde weg is. Het wil nog niet zeggen dat de meerderheid de wijsheid in pacht heeft. De besturende elite die ‘de wil van het volk’ tot leidraad van het politieke handelen maakt trouwens ook niet. Wellicht is er een democratische meerderheid, de helft + 1, die zegt dat iedereen in een pick-up truck mag rijden. Het is juist wanneer Bolkestein zegt dat in het Oosten er ook een sterke behoeften is aan koelkasten en auto’s. Bolkestein besluit zijn polemiek met: dat we zullen moeten toegeven dat als historische kracht tegen terreur en dictatuur het consumentisme onze sterkste bondgenoot is. Is het niet effectiever om het welzijn van de mensheid centraal te stellen? Respect voor het leven, solidariteit, medeleven en ontwikkelingssamenwerking in plaats van de vrije markt doctrine ‘live now pay later’.

De psychologische zienswijze van Maslow brengt met zijn 'behoeften-hiërarchie' in kaart dat de mens eerst uit is op voedsel en veiligheid, vervolgens streeft naar zelfverwerkelijking en zich uiteindelijk richt op het spiritueel begrijpen van de werkelijkheid. Het consumentisme vormt zeker een verbindende schakel. Maar we kennen ook de dictatuur van de markt, consumentisme is zeker niet alles zalig makend. Er is meer tussen hemel en aarde dan economische groei en beurskoersen. De sterke nadruk op consumentisme is uit Amerika overgewaaid. Het is al zo ver dat de financieel analisten meeliften op de sentimenten in Amerika en de AEX de Dow Jones index weerspiegelt. Als het in Amerika goed gaat dan gaat het bij ons ook goed. Een aantal jaren voor de eeuwwisseling werden de koersen eerder bepaald door sentimenten, de wet van vraag en aanbod, dan door een reële waardestijging van bedrijven en andere economische factoren. De euforie was zelfs zo groot dat er een luchtbel van 50% van de AEX-index was ontstaan. Om weer naar het oude niveau te stijgen is eind 2002 al een groei van 100% vereist.

AEX afgelopen 10 jaar gehalveerd (Volkskrant 23 december 2009): Ondanks de eindejaarsrally op de Amsterdamse beurs is de Nederlandse aandelenmarkt deze eeuw met afstand de slechtst presterende van Europa.

Spanningen bemoeilijken toezicht (Volkskrant 17 december 2009): Doordat toezichthouders zoals de De Nederlandsche Bank (DNB) vooral naar individuele financiële instellingen kijken, ontbreekt hun het zicht op het geheel. Juist dat wereldwijde onvermogen om ‘macrotoezicht’ te houden op het hele systeem was een van de oorzaken van de financiële crisis, stelt de Algemene Rekenkamer in een onderzoek naar het toezicht op banken en andere financiële instellingen.
Codes zijn geen panacee voor beter bestuur, stelt de De Algemene Rekenkamer in haar rapport over financieel toezicht. ‘Zelfregulering betekent ook dat het niet of onvolledig naleven van de codebepalingen wel gesignaleerd, maar niet gesanctioneerd kan worden.’ Minister Bos van Financiën is het daar volstrekt niet mee eens. De bankencode ‘is juist een goede combinatie van het nemen van eigen verantwoordelijkheid met wettelijke ondersteuning.’

Econoom Jan Pen (Volkskrant 24 december 2009): ‘Mijn opinie is minder stellig. Ik formuleer het allemaal niet zo hard meer. Ik heb wel een harde stem als het moet.’
Hij schraapt zijn keel en declameert de eerste twee strofen van Die grenadiere van Heinrich Heine.
‘Dan blijkt het grote verschil: de een wil naar zijn vrouw en zijn kind, de ander niet. Die wil soldaat blijven.'
‘Het is het meest pacifistische gedicht dat ik ken.’
Tiesse (zijn zoon): ‘Maar die ene wil blijven vechten voor de keizer.’
Jan: ‘Ja, ja, ja, het gaat om het verschil tussen die twee.’ Er valt een stilte. Niet voor het eerst, maar deze duurt langer.
Uiteindelijk zegt Jan: ‘ik herken er een ideaal in. Het ideaal van het pacifisme. Nou, hup, het is mooi geweest.’

Volgens Heinrich Heine leverde Spinoza met zijn panentheïsme de oplossing voor de tegenstelling tussen geest en lichaam.

Willem Schulte Nordholt laat in zijn boek Mens tussen hemel en aarde zien dat de mens nog niet zo gemakkelijk van de geschiedenis leert. Maar is het wetenschappelijk bezien interessant dat door ‘trial and error’ bestuur het wiel steeds opnieuw wordt uitgevonden?
De geschiedenis leert dat het mis gaat wanneer we niet bereid zijn tijdig aan de zandloper een slinger te geven. De evolutie is geen blind proces zonder zin, de mensheid geeft zelf bewust of onbewust een richting aan de evolutie.
Het historische raamwerk, de geschiedenis van de mensheid laat belangrijke innovaties zien die onze huidige maatschappij in sterke mate hebben gevormd. Zonder een duidelijke koers uit te zetten is het niet mogelijk om het schip ook op de langere termijn drijvende te houden. Door ons te veel op een kant van de medaille te oriënteren dreigt bij een licht briesje het bootje nu al om te slaan. Bij regeren gaat het nog steeds om vooruitzien.

Bij een compromis kan het wenselijk zijn de kool en de geit te sparen. Het gedoogbeleid laat zien dat daardoor de problemen eerder groter dan kleiner zijn geworden. Gedogen leidt dus uiteindelijk tot een averechts effect.

Jan Salie mentaliteit, Column van Ronald Plasterk zondag 8 oktober 2006
Al dat rondpompen en netwerken en gedwongen uitwisselen helpt niets. Het is die spruitjesgeest, Jan Salie mentaliteit, Zeeuws meisje-houding van boter bij de vis, die maakt dat we er in Nederland en in Europa niet uithalen wat erin zit.
Het onderzoek dat deze week de Nobelprijzen won was fundamenteel onderzoek over wormen, en op het moment dat het werd gedaan leidde het totaal niet tot uitwisseling met bedrijven. Dit Nobelprijwinnend onderzoek, daar had ons Nederlands innovatieplatform nooit geld in gestoken. Dat is een grote reden tot zorg.

De middelmatigheid regeert. De zesjescultuur in Nederland is een afspiegeling van het regeringsbeleid. Je krijgt het management dat je verdient.

Hoe komen we tot een juiste beslissing in de complexe keuzemaatschappij? Ethische vraagstukken zijn keuzevraagstukken, welke beslissing nemen we in situatie A en welke in situatie B? Waardoor laten we ons bij specifieke levensvragen leiden en in hoeverre zijn we er van bewust wanneer we met twee maten meten? In het onderwijs dient aan de besluitvorming over ethische vraagstukken meer aandacht te worden besteed. Het rapport ‘E i V’ bevat hoofdlijnen hoe probleem en oplossing met elkaar zijn verbonden en biedt daarmee achtergrondinformatie voor het creëren van pasklare oplossingen.

Aris Otzen Filosofische grondslagen
Vierhonderd jaar van Descartes, materialisme, rationalisme en Verlichting hebben, wetenschappelijk én filosofisch, nog niet de geringste helderheid weten te verschaffen over zo goed als alle grote levensvragen. Over leven en dood, bewustzijn, het ego, de aard van materie en rede en de betekenis van droom en slaap, om maar eens wat te noemen, hebben die vier eeuwen moderne wetenschap geen enkel definitief inzicht gegeven. Over buitenzintuiglijke waarnemingen of bijv. het optreden van heiligen is de houding al te vaak: daar hebben we het niet over, ze bestaan niet. Zo menen sommigen het probleem op te lossen door het te ontkennen.
Ik doe een greep uit de kennis van Oost en West, waar die elkaar raken. Met respect en dankbaarheid voor de ontdekkers daarvan. Hier zijn de hoofdthema’s waar u naar verder kunt klikken.
In het boek ‘De evolutie, een stroom van liefde’ zijn deze uiteraard veel grondiger uitgewerkt.
1. Evolutie: met o.a. darwinisme, vitalisme
2. De ziel, reïncarnatie en karma
3. Het goede, het ware en het schone
4. Liefde en vrijheidsdrang
5. De elementen
6. De drie lichamen en de vijf omhulsels
7. De yama’s en niyama’s: de ethiek van de yoga

Vyâsadeva boek S'rîmad Bhâgavatam, Canto 7, Hoofdstuk 15:
(57) Er altijd voor alle levende wezens zowel innerlijk als uiterlijk zijnd van het begin tot het einde, is deze Heer er in eigen persoon, ontstegen aan het grove, als de kennis en de kenner, als de uitdrukking en het uitgedrukte en als het duister en het licht.
Tekst 57:
Hij die zowel binnen als buiten alles bestaat, aan het begin en aan het eind van alles en van alle levende wezens, als datgene waarvan genoten kan worden en als de genieter van alles, zowel op hoog niveau als op laag niveau, is de Allerhoogste Waarheid. Hij is immer aanwezig als kennis en het object van kennis, als uitdrukking en het object van het bevattingsvermogen, als duisternis en licht. Zodoende is Hij, de Allerhoogste Heer, alles.

(58) Alhoewel zeker een enkele reflectie wordt afgewezen als zijnde een werkelijke gedaante, wordt die niettemin aanvaard; dienovereenkomstig accepteert men ook de zaak der bedoeling alhoewel het moeilijk is die te bewijzen vanuit speculaties op de zintuiglijke informatie.
Tekst 58:
Hoewel men de weerkaatsing van de zon in een spiegel als onecht zou kunnen beschouwen, heeft ze toch een werkelijk bestaan. Daarom is het bijzonder moeilijk om door middel van speculatieve kennis te bewijzen dat er geen werkelijkheid bestaat.

(59) In deze wereld van de vijf elementen is men van hen noch de tegenhanger, de reflectie, die men lijkt te zijn, noch bestaat men uit een combinatie of transformatie van hen; men moet er geen geloof aan hechten dat men als een ziel een afzonderlijk bestaan heeft, noch dat men met de elementen in eenheid verkeert [zie ook B.G. 18: 16].
Tekst 59:
In deze wereld zijn er vijf elementen - aarde, water, vuur, lucht en ether - maar het lichaam is daar geen weerspiegeling van, noch een combinatie of transformatie. Omdat het lichaam en zijn bestanddelen noch los van elkaar staan noch met elkaar vermengd zijn, zijn al dergelijke theorieën ongefundeerd.

(60) De vijf elementen als de oorzaak van het lichamelijk begrip en de zinsobjecten hebben geen bestaan zonder hun subtiele [tegen-]delen; het onware is gelegen in de gefixeerde vorm van een lichaam, die, net zoals dat wat er deel van uitmaakt [het zinsobject], uiteindelijk maar een tijdverschijnsel blijkt te zijn.
Tekst 60:
Omdat het lichaam is samengesteld uit de vijf elementen, kan het niet bestaan zonder de subtiele zinsobjecten. Aangezien het lichaam illusoir is, zijn de zinsobjecten natuurlijk eveneens illusoir of tijdelijk.

(61) Men kan het vergelijken met wat men in een droom heeft: men is wakker terwijl men slaapt, men kan [het slapen als] een deel van de werkelijkheid niet loszien van het geheel [van de droom] zonder zich te vergissen, en zo ook kan men wat er schriftuurlijk verboden is [yama] niet loszien van wat er voorgeschreven staat [niyama].
Tekst 61:
Wanneer een substantie en de elementen ervan gescheiden zijn, noemt men het vinden van overeenkomst tussen het een en het ander illusie. Terwijl men droomt creëert men een scheiding tussen de toestand van het zogenaamde waken en het slapen. Voor een dergelijke geestesgesteldheid worden de regels die in de geschriften zijn neergelegd en die bestaan uit geboden en verboden, aanbevolen.

A.S. van der Lugt 3. Het gaat om de ziel - een Christen leest de Bhagavad Gita 3
De Indische filosofie zoekt naar een manier om de mens te stimuleren tot recht en waarheid, volgens de kosmische orde (dharma). Een weg daarheen is het benadrukken van de onsterfelijkheid van de ziel. De veranderlijkheden en toevalligheden van de wereld zijn te zwak om zekerheden en imperatieven aan te ontlenen. Vandaar de zoektocht naar 'de eeuwigheden'. Volgens de Bhagvadad Gita is uiteindelijk de ziel (de purusha) het eeuwige dat motiveren kan. En die purusha, dat ben jij.
Nee, zegt de Bijbel: eeuwig is alleen God en de mens, ook z'n ziel, is niet aan God gelijk. De menselijke ziel kan onsterfelijkheid ontvangen, maar alleen als daad van God en dan tot een bestemming volgens zijn (laatste) oordeel. Motiverend is de eeuwige God, die mens werd in Christus. Dat Hij in onze werkelijkheid met zoveel plichtsverzaking en blijvende opdrachten mens is geworden en verzoening heeft gebracht, dat zet de menselijke plicht in een ander licht en beïnvloedt de mentaliteit van ieder, die door waar geloof met Hem verbonden is.
A.S. van der Lugt 5. Krishna in ware gedaante - een Christen leest de Bhagavad Gita 5
Het valt op dat de openbaring van God aan Mozes verschilt van die van Krishna aan Arjuna. In de eerste plaats wat Arjuna inderdaad de ware goddelijke gestalte te zien krijgt, terwijl Mozes alleen de naam hoort. En ten tweede dat Krishna het kosmisch universum toont, met daarin ook de hele geschiedenis; Mozes daarentegen kan vanuit de naam begrijpen dat God genadig is, maar verder moet hij het doen met de belofte voor de onbekende toekomst.
Het verschil is dus ook dat Arjuna te maken krijgt met een werkelijkheid die al van eeuwigheid vast ligt. Terwijl de God van de Bijbel Mozes de toekomst niet laat zien en dus de verantwoordelijkheid van zijn volk blijft activeren door vertrouwen te vragen. Arjuna moet gehoorzamen, maar hij weet de afloop al. Mozes weet niet hoe het verder zal gaan, alleen dat God mee gaat en dat hij Hem vertrouwen moet, dat Hij genadig zal zijn.
Bij Arjuna komen wij dus een vorm van fatalisme tegen. Zonder de wil van God kan geen mens ook maar iets aan de loop van de gebeurtenissen veranderen. Er is een kosmische ordening, waaraan niemand zich kan onttrekken. Dat blijkt ook aan het slot van de Gita. Daar zegt Krishna:
Zou je - door je over te geven aan zelfzucht - denken:
Ik zal niet vechten, dan zal je besluit niet baten; want de natuur zal je dwingen.
en
De Heer woont in de harten van de schepselen. Door zijn begoocheling (maya) bestuurt Hij hen alsof ze aan een rad zijn vastgebonden (18,59 en 61).
Arjuna reageert daarop met:
Ik heb geen twijfels meer en ik zal handelen naar Uw Woord (18,73).
De God van de Bijbel is ook alwetend. God kent de harten van de mensen en Hij weet wat de toekomst zal brengen. Toch gebruikt Hij nooit deze voorkennis om de mensen tot actie te stimuleren. Hij gebruikt altijd zijn gebod en de belofte. Net als bij Mozes.

Lama Anagarika Govinda (Lama Anagarika Govinda) De visionaire nalatenschap van de grote middelaar tussen Oost en West
Uit de verandering van vormen en interpretaties van leerstukken, een proces waaraan alle grote religies in hun bestaansgeschiedenis onderhevig zijn geweest, is daarentegen duidelijk en onmiskenbaar een consequente ontwikkelingsrichting te onderscheiden. Alle veranderingen die zich aan een religie voltrekken, worden steeds gekenmerkt door het verleggen van de nadruk op een van de er al in aanwezige tendensen. Zo'n accentverschuiving kan noodzakelijk worden doordat de desbetreffende religie doordringt in een anders gestructureerde cultuur of beschaving. De eigen religieuze en maatschappelijke achtergronden van zo'n andere cultuur of beschaving leiden tot aanpassingen in het kader van het assimilatieproces. Aan de andere kant leiden bepaalde veranderingen in de maatschappelijke structuren van een cultuur waarin een religie wortel heeft geschoten tot het ontstaan van karakteristieke varianten in de religie. Dat kan ook het gevolg zijn van veranderingen in het wereldbeeld op grond van nieuwe wetenschappelijk ontdekkingen en inzichten.
Waarachtige religiositeit berust echter op een uit toewijding geboren, zich openstellende religieuze ervaring die alle kenmerken van spontaniteit bezit en gedragen wordt door het fundamentele streven van de mens om boven zichzelf uit te groeien. Een religieus mens is daarom niet iemand die in bepaalde dogma's gelooft, overtuigd is van de waarheid van bepaalde leringen of zich strikt aan bepaalde zedelijke en morele voorschriften houdt. Het is veeleer iemand die is toegerust met de kracht, het vermogen en de wil tot het wegcijferen van zichzelf - het tegendeel van onze natuurlijke, ingeschapen neiging tot egoïsme. Religie is daarom geen 'middel', maar bezit net als het leven een inherente zin en betekenis. Het is een spirituele vorm van leven, een individuele intensivering van bewustzijn op supra-individuele grondslag. Want het maakt deel uit van de essentie van een religie dat zij het individu opheft uit zijn staat van afzondering en hem of haar - door middel van verdere spirituele vooruitgang - tot een kosmisch wezen transformeert...

Het transformatieproces, het '5D-concept en Ether-paradigma' wordt door de lemniscaat gesymboliseerd. Het creërend vermogen berust op dynamische, universele krachten. Het zijn de universele krachten die voor balans zorgen.

Publicaties van Hans Wansink en Thomas von der Dunk laten zien dat Nederland een probleem heeft. De hamvraag is of de door ons gekozen politici deze signalen opvangen?

Het rapport ‘E i V’ is de weerslag van een onderzoek naar de relatie tussen individueel en collectief (sociaal) gedrag.

Het Kwadrant wordt als denkmodel gebruikt. Het kwadrant biedt een kader voor psychologische, sociologische en filosofische inzichten. Het universum bevat net als water een zelfreinigend vermogen. Is de mensheid bereid met de grenzen van het zelfreinigend vermogen rekening te houden, that’s the question? Daarvoor is het juist nodig dat grenzen in het denken (groupthink) worden doorbroken.

Sri Aurobindo (Bewustzijnsevolutie, Nieuw paradigma, 'Waarden en Normen')

Volgens Ervin Laszlo is het kwantumvacuüm de oerbron van geest en materie. Het concept ‘in-formatie’ van David Bohm wordt gebruikt om de structuur, de relaties tussen beide te beschrijven. Het begrip ‘in-formatie’ licht Ervin Laszlo in zijn boek Het Akasha-veld, Verbinding en geheugen in kosmos en bewustzijn (p. 67) toe. Sri Aurobindo: ‘Alles is bewustzijn (…). Op verschillende niveaus van zijn eigen manifestaties is dit universum een graduatie van bewustzijnsniveaus (p. 111)’.

Peter Heehs, Sri Aurobindo, een korte biografie, 'The life divine’:
P. 173: Wat de huidige mensheid nodig heeft, is niet de definitieve overwinning van één ideologie op alle andere, maar een gemeenschappelijke menselijke inspanning gebaseerd op de harmonie van de verschillende wereldbeschouwingen. Een belangrijke stap in die richting zou de integratie zijn van de twee voornaamste wijzen waarop het bestaan kan worden gezien: de spiritualiteit bewaard in de religieuze tradities van het Oosten, en de praktische geest, zoals vertegenwoordigd door de politieke en economische stelsels van het Westen. Sri Aurobindo keek daarop vooruit toen hij in 1916 schreef: Het belangrijkste vraagstuk van deze tijd is of de toekomstige vooruitgang van de mensheid zal worden beheerst door de moderne economische en materialistische geest van het Westen, danwel door een nobeler pragmatisme, geleid, verheven en verlicht door spirituele cultuur en kennis…etc.

Het dragende principe van alle Zijn is het Zelf of de Geest. Zijn heeft drie aspecten (Drie-eenheid): trancendent (Hoogste Zijn, boven individu en kosmos, identiek met het essentiële Goddelijke wezen, het ruimteloze en tijdloze Absolute), kosmisch (Universele Zelf, de Geest zich manifesterend in oneindige zelfuitbreiding, de inwonende Geest, in alle wezens gelijk) en individueel (het ware Individuele Zelf, het essentiële individuele bewustzijn, onveranderlijk en vrij, niet aangetast door begeerte, ego en onwetendheid). Voor de hoogste spirituele waarneming onthult de Ene niet drie, maar één, zij worden drieënig.

Brahman (eeuwige, goddelijke Werkelijkheid, Absolute werkelijkheid) bestaat uit het passieve en actieve Brahman. Passieve Brahman is het besef van een of andere enige en opperste Realiteit. Sri Aurobindo zei dat, toen hij in het passieve Brahman overging, het besef van het zelf, van het ‘ik’ totaal verdween. Maar de waarheid is een eenheid die slechts binnen een synthetische visie kan worden gevat. Er bleef een kloof tussen het passieve en het actieve Brahman. De ‘kloof’ werd gedempt door de derde fundamentele realisatie, die van de opperste Werkelijkheid, met het statische en het dynamische Brahman als de twee aspecten ervan. De spirituele verandering bereikt haar hoogtepunt in een duurzaam stijgen van het lagere bewustzijn naar het hogere, gevolgd door een doeltreffende duurzame neerdaling van de hogere natuur in de lagere. Die ontdekking en dat tweevoudige proces vormden de vierde van de vier fundamentele verwezenlijkingen van zijn yoga.

Chaospunt
Simon Vinkenoog: Kies: 'WereldInBeweging' Sri Aurobindo

Zie ook:

Boeken:

Externe Links

<< vorige ||volgende >>

Categorie: Artikelen | Rapport | Auteur: Harry Nijhof


Deze pagina werd sedert 16 dec. 2007 2418 keer bekeken.